Nieuwsuur

De Bijbel op school: 'Je kunt het ook zien als wijsheidsboek'

ANP

Voor de voorvechters van christelijk onderwijs, die zo'n anderhalve eeuw geleden eigen scholen stichtten, was het glashelder dat de Bijbel daarvan het fundament moest zijn. De vraag waartoe en hoe de Bijbel in het onderwijs een rol moest spelen, was nauwelijks aan de orde.

Die vanzelfsprekendheid is al lang voorbij. Toch vinden veel leraren en schoolleiders in het christelijk onderwijs van vandaag dat ze ook in deze geseculariseerde tijd op school iets met de Bijbel willen of moeten doen. Maar veel scholen worstelen daar mee.

Lastig

Niet alleen leerlingen, ook docenten zien niet altijd de relevantie van de Bijbel in. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de vereniging voor christelijk onderwijs Verus onder zes protestants-christelijke basisscholen en zes middelbare scholen. "Docentenvinden het lastig als veel kinderen niet geloven. Of als ze zelf niet geloven", zegt onderzoekster Elsbeth Visser-Vogel.

Leraren zijn geneigd de Bijbel te zien als geloofsboek. Je kan het ook zien als cultuurhistorisch boek of als wijsheidsboek.

Elsbeth Visser-Vogel, docent en onderzoekster

"Mijn vader vindt het belangrijk dat ik naar een christelijke school ga", zegt een leerling op het Hermann Wesselink College in Amstelveen. "Omdat hij zelf heel erg gelovig is. Mij maakt het niet zoveel uit."

Een andere leerling zegt: "Ik heb ook op een openbare school gezeten, maar hier krijg je toch meer mee. Een jaaropening en levensbeschouwing, meer kennis."

Kennis van de wereldgodsdiensten

Voor Michaƫl van der Meer, docent levensbeschouwelijke vorming in Amstelveen en bijbelwetenschapper, is de Bijbel een geloofsboek. "Het geeft inspiratie. Het is geen natuurkunde- of kookboek, maar een ijk-boek, waaraan je je kunt spiegelen."

Hij ziet zichzelf ook wel als een ambassadeur voor een andere werkelijkheid. "Niet vanuit een kerk. Maar jongeren kunnen veel leren over religie in de breedste zin van het woord, een vak dat op alle scholen gegeven zou moeten worden."

"Leraren zijn geneigd de Bijbel te zien als geloofsboek. Je kan het ook zien als cultuurhistorisch boek of als wijsheidsboek", zegt onderzoekster Visser-Vogel, die denkt dat dat de toekomst van de Bijbel is.

Haar opdrachtgever, Verus, wil duidelijk maken waarom de Bijbel een blijvende plaats in het onderwijs verdient. "Opvallend is dat toch ook veel docenten en leraren die zelf niet geloven, vinden dat leerlingen de Bijbel moeten kennen. Als je bijvoorbeeld rondloopt in het Rijksmuseum is kennis uit de Bijbel essentieel. Het is belangrijk voor de vorming", zegt Visser-Vogel.

Is het belangrijk dat je iets leert over de Bijbel?

"Ik geef nu 17 jaar levensbeschouwelijke vorming en je moet wel echt moeite doen", zegt Van der Meer. "Het is veel uitleggen. Ik zing vaak ook liederen uit de Bijbel en dan lachen ze een beetje. Je moet er veel in investeren."

De docent denkt dat godsdienstonderwijs over dertig jaar gewoon nog bestaat. "In de jaren 90 dacht ik dat het snel zou aflopen. Maar toen kwamen de aanslagen van 11 september. En leuk of niet leuk, dat was een keerpunt. Blijkbaar verdwijnt religie niet."

"In deze globaliserende wereld vinden mensen houvast door het geloof. Dat verdwijnt niet. Het wordt eerder belangrijker dan minder belangrijk. Ik geloof niet dat de Bijbel sterft. Het heeft iets te zeggen tegen de mensen."

Is er een toekomst voor de Bijbel in het onderwijs?

Dat Nederland geen christelijke natie meer is, blijkt ook uit het onderzoek God in Nederland dat iedere tien jaar door de KRO wordt gehouden onder ruim 2100 Nederlanders. Daaruit bleek vorig jaar dat een overgrote meerderheid, 82 procent, nooit of bijna nooit in een kerk komt. Een ruime meerderheid vindt dat religie geen bepalende rol meer hoort te spelen in de politiek en het onderwijs.