Nieuwsuur

Het succes van het streekverhaal

Aangepast op
Suzanna Jansen

Het is een populair genre, dat voorziet in de behoefte van mensen om de geschiedenis van het dorp, de stad of de streek waarin ze opgroeiden beter te leren kennen. Vlot geschreven boeken, in verhalende vorm, vaak door journalisten, over een markant aspect van de regionale geschiedenis dat in het heden zijn sporen nalaat.

Nieuwsuur besteedt vanavond aandacht aan twee van die boeken: 'Het geluk van Limburg' van Marcia Luyten en 'Het pauperparadijs' van Suzanna Jansen. Bestsellers over een 'vergeten' deel van de Nederlandse geschiedenis. 

Het succes van het streekverhaal

Familiegeschiedenis

Marcia Luyten beschrijft in haar boek, aan de hand van de bewogen geschiedenis van de familie Vinders, de opkomst en ondergang van de Nederlandse mijnindustrie. Hoofdpersoon is zoon Jack Vinders die met alles moet breken om zijn droom na te jagen. 

Zanger Jack Vinders, zoon van een mijnwerker, werd door schrijfster Luyten gevraagd als hoofdpersoon. "In het boek wordt de geschiedenis van de mijnen verteld. En wat daar allemaal bijhoort. Hoe die maatschappij werd gevormd door kerk en staat", vertelt Vinders. 

'Het boek vertelt de geschiedenis van de mijnen'

Dat het boek zo populair is komt volgens Luyten en Vinders omdat mensen hun verleden herkennen. "Er komen mensen naar mij toe die zeggen; wat een herkenning, ik begrijp ineens mijn ouders en snap waarom mijn opa en oma zijn zoals ze zijn."

Veel (oud-)inwoners kennen de geschiedenis van de mijnstreek niet, zegt Luyten. "Ik ben opgegroeid in een streek die zijn eigen geschiedenis niet meer kent. Niemand weet dat Heerlen in de jaren 50 de rijkste stad van Nederland was. Ik wilde weten waar het geluk zat waardoor mensen nog altijd terugverlangen naar die tijd. Naar het geluk van Limburg." 

Het boek is genomineerd voor de Brusseprijs, die op 18 juni wordt uitgereikt. 

Acteurs van de theatervoorstelling 'Het Pauperparadijs' Nieuwsuur

Suzanna Jansen haar boek Het Pauperparadijs gaat over de voormalige strafkolonie in Veenhuizen in Drenthe. Van het boek zijn al een kwart miljoen exemplaren verkocht, en een theatervoorstelling gaat deze week in première. 

De strafkolonie in Veenhuizen werd gebouwd in 1823 door Johannes van den Bosch, een maatschappelijk betrokken generaal. Hij wilde de paupers uit de steden door hard werken in het veen 'opvoeden tot zelfstandigheid'.

"Ik kwam de geschiedenis van Veenhuizen tegen in mijn eigen familiegeschiedenis. Ik ontdekte dat het een verhaal is dat ongelooflijk veel mensen aangaat. Een verhaal over anderhalve eeuw lang omgaan met armoede", zegt Jansen. 

Ook Jansen haar verhaal herkennen veel mensen in hun eigen familie. "Er zijn veel mensen die met hun ouders of grootouders hebben meegemaakt dat ze uit de onderklasse kwamen, zich wel omhoog hebben gewerkt, maar altijd zijn blijven voelen waar ze vandaan komen."