Nieuwsuur
Nieuwsuur

Hoe vind je in Nederland de laatste personen die hiv hebben maar het zelf niet weten? Het is essentieel om die paar duizend mensen snel te vinden, omdat ze de belangrijkste verspreiders zijn van het hiv-virus. Komende week is er in New York een VN-conferentie waar besproken wordt hoe je mensen met hiv zo snel mogelijk kan opsporen en behandelen. 

Nieuwsuur belicht de situatie in Amsterdam. Daar is nu ruim twee jaar het H-team aan de slag. De belangrijkste taak van het team is om die onbekende met hiv-geïnfecteerde personen te ontdekken. 

Amsterdams team zoekt naar mensen met hiv die het zelf niet weten

Snel behandelen

Hiv komt in Nederland vooral voor onder homoseksuelen en in mindere mate onder heteroseksuelen met een buitenlandse achtergrond. Beide groepen zijn in Amsterdam ruim vertegenwoordigd. In de hoofdstad is het zogenoemde H-team actief. Een samenwerkingsverband van ziekenhuizen, huisartsen, de GGD en belangenorganisaties. 

"We zoeken in Amsterdam naar schatting tussen de 400 en 500 mensen die geïnfecteerd zijn maar dat zelf niet weten", zegt hoogleraar Peter Reiss, directeur van de Stichting Hiv Monitoring. In heel Nederland zou het gaan om een groep van 3000 mensen.

Via voorlichting, campagnes op internet en snelle testmogelijkheden probeert het H-team mensen die onbeschermde seks hebben gehad, over te halen om een hiv-test te doen. Want als je net besmet bent, vorm je een groot risico. "Het is essentieel om snel te behandelen voor de persoon zelf", zegt Reiss. "En als je iemand behandelt en het virus goed onderdrukt, is het bijkomende voordeel dat het risico op overdracht naar een ander minimaal tot afwezig is."

Gebrek aan kennis 

Van alle nieuwe gevallen wordt een derde opgespoord door huisartsen. Toch herkennen ze niet altijd de symptomen van hiv. "Dat heeft te maken met een gebrek aan kennis", stelt Jan van Bergen, huisarts in Amsterdam Zuidoost en gespecialiseerd in hiv. "Je moet als huisarts actiever gaan denken dat het wel eens een hiv-infectie zou kunnen zijn. En dus moet je ook als arts actiever een hiv-test aanbieden." 

Alle Amsterdamse huisartsen worden nu door het H-team getraind zodat er ze alerter zijn op de symptomen en meer gaan testen.

Vaak zijn mensen bang om het te willen weten of omdat ze denken: 'dat is vies en heeft niks met mij te maken, dus het is niet nodig'

Jörgen Moorlag, hiv-positief

Het grootste probleem is dat hiv onder homoseksuelen en migranten nog steeds een taboe is. "Dat taboe kan zo ver doorwerken dat mensen bang zijn om zich te laten testen", zegt Jörgen Moorlag, die zelf hiv-positief is. Hij raakte geïnfecteerd na seks met een jongen die niet wist dat hij hiv had. "Vaak zijn ze bang om het te willen weten of omdat ze denken: 'dat is vies en heeft niks met mij te maken, dus het is niet nodig'."

Onder migranten is het een nog groter taboe. En dat heeft grote gevolgen. "Meer dan de helft van de mensen uit een migrantengemeenschap met hiv komt te laat in de zorg", zegt huisarts Van Bergen. "Dan is de afweer al deels aangetast. Daar zijn nog steeds medicijnen voor, maar dan heb je toch net iets te lang doorgelopen met een hiv-infectie. Dat geeft problemen voor wat betreft de levensverwachting."

Hoger risico

Het H-tea probeert ook te voorkomen dat mensen hiv krijgen. Het team experimenteert met PrEP, een pil met hiv-remmers die een hiv-infectie kan voorkomen. Bijna 400 voornamelijk homoseksuele mannen die niet altijd een condoom willen gebruiken, krijgen het middel. De pil wordt in met name de Verenigde Staten, Canada en Groot-Brittannië al langer ingezet. Je slikt het 24 uur voor je seks hebt of je slikt iedere dag. 

De Belgische epidemioloog Luc Bonneux heeft kritiek op het middel. Het pijnpunt zit volgens hem met name in de inname van de pil. "Ik wil best geloven dat als mensen deze pil perfect gebruiken, ze dan niet besmet raken. Maar dat is nou net het probleem, want mensen gebruiken niet perfect pillen. En als ze zich valselijk beschermd wanen, lopen ze eerder een hoger dan een lager risico."

PrEP-pillen Nieuwsuur

De Amsterdamse aanpak is een voorbeeld voor andere grote steden wereldwijd. Via het zogeheten Fast Track Cities-programma wil de VN, te beginnen in de grote steden, het hiv-aidsprobleem zoveel mogelijk onder controle krijgen. Doel is onder meer dat in 2020 90 procent van de geïnfecteerden ook daadwerkelijk is gevonden en dat 90 procent van de hiv-besmette mensen medicijnen krijgen. 

Via de intensieve campagnes, actieve inzet van huisartsen en de snelle testen zijn inmiddels de eerste nieuwe geïnfecteerde mensen gevonden. Maar de vraag is of de allerlaatste gevonden gaat worden. "De allerlaatste is misschien te optimistisch", zegt hoogleraar Peter Reiss. "Maar op de wat kortere termijn hoop ik dat het met het H-team lukt om in ieder geval tientallen, honderden op te sporen."

STER reclame