NOS Nieuws

In de file op zoek naar veiligheid in Polen: 'Alles beter dan in Kiev blijven'

  • Nanda Millenaar

  • Nanda Millenaar

In de file op weg naar Polen: 'Krankzinnig, we zijn al drie dagen onderweg'

De weg kronkelt door het vlakke Oekraïense landschap. Verkeer is er nauwelijks, het is rustig tot er opeens een file verschijnt. Honderden auto's, zover het oog reikt. Allemaal staan ze stil. Dit de weg naar Ustrzyki Dolne, de weg naar Polen, de weg uit de oorlog.

Achttien kilometer voor de grens is het aansluiten. Nieuwe suv's, oude Lada's, vol met mensen op de vlucht. Vaak afkomstig uit het noorden en oosten, waar de oorlog ze vier dagen geleden overviel. Het gebeurde Nadja en Kadja. Samen zitten ze in een kleine witte auto. Drie dagen geleden vertrokken ze vanuit de hoofdstad Kiev. Sindsdien is het rijden, wachten en af en toe een uurtje slapen. "Je moet gewoon blijven bewegen, meter voor meter, maar alles is beter dan in Kiev blijven en geen oog dicht doen."

Stilstand

De rij auto's begint in een klein dorp, met zo'n honderd huizen. De dorpelingen proberen te helpen. Bij de lokale supermarkt delen ze aardappelpuree, broodjes en soep uit. Even verderop is de oprit van een boerderijtje omgetoverd tot koffiekraam. Aan het hek bij de overburen hangt een stekkerdoos aan een verlengsnoer, zodat mensen hun telefoon kunnen opladen. Daarnaast een tafeltje, drie flesjes water en een mok.

Alona glimlacht vanuit haar fel oranje auto. Achterin zitten haar dochter en een goede vriendin met haar baby op schoot. "Ik kom uit Soemy, daar is zwaar gevochten. Het is vreselijk." Zelf was ze bij haar zus in Kiev toen de eerste knallen klonken. "Ik werd midden in de nacht wakker van de bommen en rende naar mijn zus. 'Wakker worden, wakker worden, we moeten weg, we gaan naar Polen'. Mijn zus zei dat ik gek geworden was, maar ik ben gegaan", vertelt Alona.

In een halfuur pakte ze haar tassen en stapte in de auto. Sindsdien heeft ze een keer een stop gemaakt van vijf uur, om te slapen. "Ze hadden een kinderdagverblijf omgetoverd tot opvang, daar hebben we in kinderbedjes gelegen. Iedereen helpt elkaar, ik heb soms echt de tranen in mijn ogen." Aan haar keuze om te vertrekken, twijfelt Alona niet. Ze wijst naar de achterbank. "Ik red hiermee het leven van haar, van mijn dochter."

Hopen op uitzondering

Bij alle grensovergangen is het beeld hetzelfde: kilometers lange files. Tienduizenden Oekraïners willen het land uit. Veel mensen hebben vrienden en familie in Polen. Anderen wagen de gok, alles is beter dan blijven in een land in oorlog. Ze willen in ieder geval voor een paar weken de grens over.

De mannen die in de file staan, zullen niet ver komen, er geldt een algehele mobilisatie. Iedereen tussen de 18 en de 60 moet in het land blijven en beschikbaar zijn voor het leger. In een van de auto's hoopt een vader dat er voor hem een uitzondering wordt gemaakt. "Ik ben weduwnaar en ik moet voor mijn kind zorgen. Ik heb het overlijdenscertificaat van mijn vrouw mee, om het te bewijzen."

Een halve marathon

Intussen stappen steeds meer mensen uit hun auto. Het geluid van rolkoffers op de stoep vult het dorp. Een moeder duwt met een zorgelijk gezicht een kinderwagen voor zich uit. De paar maanden oude baby in de bak lacht vrolijk, zich niet bewust van de ellende die haar omringt.

Anna en Kirill komen er vastberaden aanstappen. "Het is maar een halve marathon", glimlacht Kirill bemoedigend. Ze hebben een taxi genomen tot ze niet verder konden en nu moeten ze te voet verder. Ze denken dat ze het aankunnen. "We squashen samen", zegt Anna.

Als ze in Polen zijn, hopen ze daar te kunnen werken. "We kunnen allebei online werken, dat is ons geluk. We zoeken we plek voor een paar weken en dan wachten we af. Niemand weet hoe deze oorlog gaat lopen, maar aan de andere kant van de grens zijn we in ieder geval veilig."

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl