Guus Pauka

Noodgedwongen zaten veel patiënten die geen corona hadden de afgelopen twee jaar thuis, omdat reguliere zorg door capaciteitsproblemen werd afgeschaald. Hierdoor hebben zorgapps die tot nu toe in de experimentele fase verkeerden, de kans gekregen om zich te bewijzen als alternatief voor fysieke behandelingen in het ziekenhuis.

Het Maastricht UMC+ en zorgverzekeraar VGZ hebben na goede ervaringen als één van de eersten een overeenkomst gesloten om het gebruik van een hartritme-app te financieren als onderdeel van de reguliere zorg.

Daarmee treden zij in de voetsporen van het Amsterdamse ziekenhuis het OLVG en zorgverzekeraar Zilveren Kruis. Die hebben eind 2021 al toestemming gekregen van de Nederlandse Zorgautoriteit om apps voor cardiologische zorg als reguliere zorg te zien en te vergoeden.

Patiënten kunnen thuis of zelfs als ze op vakantie zijn hun hartritme meten, terwijl cardiologen dit op afstand beoordelen. Als alleen advies over aanpassing van medicatie nodig is, is er telefonisch overleg. Maar als via de app alarmbellen gaan rinkelen, moeten patiënten nog naar het ziekenhuis.

"Het is een grote stap dat deze handige en efficiënte manier van behandelen eindelijk normaal vergoed wordt", zegt cardioloog Dominik Linz. "Deze overeenkomst markeert echt de overgang van niet-structureel gefinancierde en experimentele apps, naar apps die worden geaccepteerd als onderdeel van de beste reguliere zorg."

Het gebruik van de app is niet alleen prettiger voor de ziekenhuizen; ook patiënten plukken de vruchten. "Mensen voelen zich veiliger", zegt Linz. "Een patiënt die in Frankrijk op vakantie was voelde opeens aan zijn hart dat er iets mis was. Via de app konden we meteen checken wat er aan de hand was. Op basis van de metingen heb ik toen bepaalde medicatie geadviseerd waarmee het probleem was opgelost. Sindsdien weet hij dat zijn arts waar dan ook ter wereld via de app dichtbij is. Ook hebben ze meer kennis omdat ze zelf met metingen bezig zijn, en daarmee ook meer controle over hun leven."

Bekijk hieronder hoe hartpatiënt Jarko Aikens zich dankzij de app veel meer op zijn gemak voelt:

Blij met hartritme-app: 'Het helpt je rustiger te worden'

Nils van Herpen van VGZ ziet de hartritme-app als schoolvoorbeeld van wat hij noemt 'zinnige zorg'. "Op alle vlakken scoort de app goed. De verzekerden vinden het prettig, de kwaliteit van behandelen gaat omhoog en het scheelt in kosten."

Als de app zou worden gebruikt bij de behandeling van de ongeveer 140.000 patiënten met hartritmestoornissen in Nederland, hoeft ongeveer twee derde van hen niet meer naar het ziekenhuis te reizen, schat VGZ. Dat scheelt enorm in tijd en kosten.

De verzekeraar stimuleert al langer initiatieven die zorg op een nuttige wijze digitaliseren, onder andere met een jaarlijkse prijs, de Zinnige Zorg Award. Toch is de invoering van digitale applicaties niet zo eenvoudig.

Vijf tot veertien dagen eerder herstel

Neem de laatste winnaar van de Zinnige Zorg Award: een app genaamd ikHerstel, die patiënten na een operatie via een gepersonaliseerd herstelplan begeleidt. De app wordt al enige tijd op beperkte schaal toegepast. Meerdere wetenschappers van het Amsterdam UMC zijn op onderzoek naar de effectiviteit van de app gepromoveerd. Uit hun bevindingen blijkt dat mensen die de app gebruikten vijf tot veertien dagen eerder herstellen en dat er kosten bespaard worden.

"Dat is natuurlijk prachtig", zegt de directeur van ikHerstel, Jeroen de Wilde. "Alleen moeten we nu een manier bedenken die helpt om de app makkelijker te implementeren, zodat ziekenhuizen en hun patiënten de app ook echt gaan gebruiken."

Volgens hem moeten apps vooral gekoppeld worden aan andere digitale systemen in het ziekenhuis, als ze succesvol willen zijn. "Geen app afzonderlijk is de heilige graal. Maar als je verschillende goede apps zo kunt koppelen aan bestaande digitale infrastructuur dat ze onderdeel worden van een totaalpakket, dan zijn ze aantrekkelijk voor ziekenhuizen. En de arts hoeft dan niet voor tien verschillende apps een wachtwoord in te tikken."

We willen voorkomen dat ziekenhuizen allemaal het wiel opnieuw gaan uitvinden. Als je iets goed kunt kopiëren, doe dat dan, want het scheelt geld en ontwikkeltijd.

Dianda Veldman, Patiëntenfederatie

Dianda Veldman onderschrijft als directeur van de Patiëntenfederatie het belang van apps die technisch gezien simpel zijn om bij ziekenhuizen in te voeren. "We willen voorkomen dat ziekenhuizen allemaal het wiel opnieuw gaan uitvinden. Als je iets goed kunt kopiëren, doe dat dan, want het scheelt geld en ontwikkeltijd."

De Patiëntenfederatie is groot voorstander van het gebruik van zorgapps, vooral omdat patiënten door het zelf uitvoeren van metingen beter begrijpen hoe hun gezondheid zich ontwikkelt en beter kunnen meepraten over hun behandeling. "Je legt toch iets minder je lot volledig in handen van zorgverleners. Je hebt gewoonweg meer controle."

Om de digitale transformatie van de zorg aan te jagen heeft de Patiëntenfederatie de zogeheten vliegwielcoalitie in het leven geroepen. Daarin zijn zorgverzekeraars, zorgaanbieders, leveranciers en patiënten vertegenwoordigd. "Het idee is dat partijen elkaar makkelijker vinden en zo ook sneller belemmeringen zichtbaar worden. Dan kunnen we bijvoorbeeld gericht lobbyen bij toezichthouder NZa als de tarieven niet toereikend zijn."

Ook de hartritme-app kan nu vanwege veranderde tarieven echt wijdverbreid toegepast gaan worden. "We weten dat als iets financieel niet aantrekkelijk is, er niets gebeurt in de zorg", aldus Veldman.

STER reclame