Vacatures in de etalage van een uitzendbureau ANP

Uitzendkrachten die hun baan verliezen krijgen vaak geen transitievergoeding, concludeert vakbond FNV op basis van eigen onderzoek. ABU, de koepel van uitzendbedrijven, herkent niet dat dit op grote schaal gebeurt.

De FNV ondervroeg afgelopen jaar 168 uitzendkrachten die hun baan kwijtraakten. Bijna negen op de tien van hen gaven aan dat ze geen transitievergoeding hadden ontvangen. Een jaar eerder bleek uit een peiling onder 200 uitzendkrachten ook al dat het overgrote deel geen vergoeding had gekregen.

We hadden alleen maar plichten en geen rechten.

Jacqueline Blommaert

De 60-jarige Jacqueline Blommaert is een van de ondervraagde uitzendkrachten. "Ik kan me echt boos maken om hoe mijn werkgever met ons omging. We hadden alleen maar plichten en geen rechten."

Dat gevoel werd nog eens versterkt toen Blommaerts contract vorig jaar niet werd verlengd omdat ze ziek was. Ze vroeg om een transitievergoeding. "Toen kreeg ik te horen: ik denk niet dat u daar recht op heeft." Blommaert kende haar rechten en bleef aandringen, maar pas na hulp van de vakbond kreeg ze de 2000 euro op haar rekening.

"We zien het vaker gebeuren dat werkgevers pas willen betalen als wij ons ermee bemoeien", zegt FNV-bestuurder Karin Heynsdijk. "Dat laat zien dat ze weten dat ze moeten betalen, maar dat pas doen als ze doorhebben dat het menens is."

De FNV schat op basis van de peiling dat uitzendbureaus in 2020 zo'n 53 miljoen euro aan transitievergoedingen niet hebben uitbetaald.

Complex

"We zijn het niet eens met de conclusie dat uitzendbureaus op grote schaal geen transitievergoeding uitbetalen", zegt een woordvoerder van de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU). "FNV trekt namelijk vergaande conclusies op basis van gesprekken met 168 uitzendkrachten." De nuance ontbreekt daardoor, stelt de ABU-woordvoerder.

Ook arbeidsrechtadvocaat David Lagarrigue vraagt zich af of alle nuances wel meegenomen zijn. "Het is in de uitzendbranche vaak niet helemaal duidelijk wie een contract beëindigt", zegt de advocaat, die veel voor uitzendbedrijven werkt.

Uitzendwerk verloopt in veel gevallen met contracten van vier weken. Als de werkgever daarna werk op een andere plek heeft, komt er een nieuw contract. "Maar als de uitzendkracht dat nieuwe werk niet wil, omdat het bijvoorbeeld verder weg is, is het de vraag wie het contract heeft opgezegd", zegt Lagarrigue.

Worstelen

De ABU ziet ook dat uitzendbedrijven worstelen met de vraag wanneer ze een vergoeding moeten uitbetalen. "Soms werkt een kracht twee maanden, dan een maand niet en dan weer een periode", zegt de woordvoerder. "Moet een werkgever dan na die eerste twee maanden al een vergoeding betalen? Als iemand daar recht op heeft moet dat natuurlijk, maar de praktijk van alledag is complex."

Vakbondsbestuurder Heynsdijk is niet overtuigd door de argumenten. "Ze klinken als manieren om onder de vergoeding uit te komen." Zij ziet in de praktijk dat mensen werk aan de andere kant van het land aangeboden krijgen. "Dat is geen redelijk aanbod." Maar als de kracht dat niet ziet zitten, zeggen werkgevers dat die het contract heeft opgezegd. "Uitzendkrachten zijn dan bang om hun transitievergoeding op te vragen uit angst dat ze later geen ander werk meer krijgen van hun uitzendwerkgever."

STER reclame