Desmond Tutu in 2019 AFP

Voormalig aartsbisschop Desmond Tutu is op 90-jarige leeftijd overleden in een verzorgingshuis in Kaapstad. Hij speelde lange tijd een vooraanstaande rol bij de strijd tegen de apartheid in Zuid-Afrika, die wat hem betreft geweldloos moest worden gevoerd. Daarvoor kreeg hij in 1984 de Nobelprijs voor de Vrede. In zijn land gold hij als nationaal geweten en genoot hij veel respect onder alle bevolkingsgroepen.

Na het einde van de apartheid was hij daarom in de tweede helft van de jaren 90 voorzitter van de Waarheids- en Verzoeningscommissie die moest proberen de Zuid-Afrikanen nader tot elkaar te brengen en het land een nieuwe start te laten maken. Tutu deed dat op soms emotionele wijze en bleef de nieuwe, zwarte machthebbers even onvermoeibaar kritisch op de huid zitten als hij bij het apartheidsbewind had gedaan.

In 1997 was er prostaatkanker bij hem geconstateerd. Tutu trok zich al in 2010 terug uit de openbaarheid. Zijn laatste publieke optreden was in juli dit jaar, toen hij in een videoboodschap de Internationale Aidsconferentie toesprak.

Schallende lach

De slechts 1,68 meter lange Tutu was vele jaren lang ook internationaal een van de gezichten van de strijd tegen de apartheid, een rol die hij als vrij man ook kon en moest spelen omdat andere prominente activisten, zoals Nelson Mandela, decennia lang gevangen zaten. Wereldwijd maakten zijn energieke optreden en schallende lach indruk op tv-kijkers.

In de jaren 80 laaide het geweld in Zuid-Afrika hoog op, doordat het verzet tegen de apartheid steeds feller werd maar het witte regime zich juist steeds meer ingroef. In het land gold de noodtoestand, met vergaande bevoegdheden voor leger en politie.

Zelf zei Tutu dat zijn stellingname eerder moreel dan politiek was ingegeven. "Het is makkelijker om in Zuid-Afrika christen te zijn dan elders, omdat de morele kwesties hier zo duidelijk zijn", zei hij.

Regenboognatie

Maar het apartheidsbewind dacht er anders over. Toenmalig president P.W. Botha schreef hem in 1988 een brief met de vraag of hij voor de kerk of voor het toen nog illegale ANC werkte, de partij die sinds het eind van de apartheid in Zuid-Afrika aan de macht is.

Tutu stond naast Nelson Mandela toen die in februari 1990 zijn eerste toespraak na zijn vrijlating hield op het balkon van het stadhuis van Kaapstad. Ook toen Mandela in het voorjaar van 1994 president werd had hij Tutu aan zijn zijde. Bij de voorafgaande verkiezingen had Tutu voor het eerst de term 'regenboognatie' gebruikt, die vanaf toen in zwang zou raken om Zuid-Afrika te typeren.

Behalve voor de strijd tegen apartheid zette Tutu zich ook sterk in voor de rechten van lhtbi'ers en het homohuwelijk. "Ik zou niet in een God kunnen geloven die homofoob is", zei hij in 2013. "Ik zou weigeren om naar een homofobe hemel te gaan. Ik zou 'nee' zeggen, sorry, dan ik ga liever ergens anders heen." Dit standpunt werd hem niet altijd in dank afgenomen, zowel in Zuid-Afrika als binnen de Anglicaanse Kerk.

Beelden uit het leven van Desmond Tutu:

'We zullen vrij zijn, zwart en wit samen!'

De in 1931 in Klerksdorp, ten westen van Johannesburg, geboren Tutu begon in 1958 zijn opleiding tot priester. Hij werd gewijd in 1961 en werkte onder meer in Lesotho en Groot-Brittannië. Hij was de eerste zwarte bisschop in Johannesburg en in 1986 de eerste zwarte aartsbisschop van Kaapstad.

Tutu was getrouwd en had vier kinderen. Zijn dochter Mpho is onlangs aangesteld als predikant van de vrijzinnige kerk Vrijburg in Amsterdam.

STER reclame