De pers staat onder druk. Die conclusie trok het Openbaar Ministerie vandaag aan het begin van de rechtszaak tegen twee mannen die ervan verdacht worden molotovcocktails door de ruit bij de Groningse journalist Willem Groeneveld naar binnen te hebben gegooid.

Volgens het OM neemt de druk op journalisten toe. "Niet door radicale gedachten of, als u wilt, toenemende polarisatie van standpunten, maar juist door intimidatie en geweld. Zonder persvrijheid, geen democratie, zonder persvrijheid, geen rechtsstaat." Justitie zei dat de mannen zich schuldig hebben gemaakt aan gewelddadig extremisme.

De twee verdachten, een 31-jarige man uit Veenhuizen en een 33-jarige Groninger zouden bekendstaan als felle tegenstanders van de coronamaatregelen. Ze zijn voor hun daad geïnspireerd door verspreiders van complotverhalen over kindermisbruik en -moord in Bodegraven, bevestigde het Openbaar Ministerie aan Nieuwsuur eerder vandaag. De mannen zouden het op Groeneveld gemunt hebben omdat die voor de lokale site Sikkom kritisch schreef over complottheorieën.

Voorafgaand aan de pro-formazitting van vandaag zei Groeneveld niet te willen toegeven aan intimidatie.

Journalist Groeneveld wil niet toegeven aan intimidatie

De aanslag op Groeneveld, waarbij hij en zijn partner ongedeerd bleven, is niet het enige incident. Zo werden er ruiten ingegooid bij een fotograaf in Vlaardingen, kreeg een verslaggever een trap in zijn buik in Krimpen aan den IJssel en werden een fotograaf en diens vriendin met hun auto omvergeduwd door een shovel.

Geweld en intimidatie gericht op journalisten lijkt toe te nemen, ziet ook AD-hoofdredacteur Rennie Rijpma. "Wat je nu ziet is dat journalisten die over heel gewone onderwerpen schrijven of reportages maken worden bekritiseerd om het geluid dat ze laten horen. Dat is een nieuwe ontwikkeling van de afgelopen jaren."

Wat agressie uitlokt, loopt volgens Rijpma sterk uiteen. "Je ziet het doorgaans veel met onderwerpen die veel in het nieuws zijn. Nu schrijven we veel over corona, dus je ziet dat dat een trigger is die soms agressie oproept of bedreigingen in de hand werken. Maar als er geen corona was, dan was er misschien wel iets anders wat dit gedrag zou oproepen."

Volgens Rijpma is het goed om aandacht te schenken aan bedreiging van journalisten. "Ik vergelijk het altijd met zwerfvuil. Als je door een schone straat loopt ben je minder geneigd iets te laten vallen. Ligt er al wat straat, dan hoopt het zich op en wordt het een smerige boel. Als we straks niet meer ageren tegen agressie, dan wordt het van kwaad tot erger."

De rechtbank besloot vandaag de voorlopige hechtenis van de twee verdachten niet op te heffen. Gezien de ernst van de feiten zou volgens de rechtbank vrijlating tot maatschappelijke verontwaardiging leiden. Daarbij zou de kans op herhaling bij één verdachte te groot zijn.

Het OM zei vandaag te verwachten dat de inhoudelijke behandeling van de rechtszaak tegen de twee verdachten in Groningen in het voorjaar van 2022 kan plaatsvinden. De rechtbank zei dat de volgende zitting waarschijnlijk weer een pro-formazitting zal zijn.

STER reclame