Correspondent Daisy Mohr in een ziekenhuis in Noord-Jemen NOS

In Jemen woedt al jaren een verwoestende burgeroorlog. Volgens de Verenigde Naties is het de grootste humanitaire crisis ter wereld. Zo'n 80 procent van de bevolking is afhankelijk van humanitaire hulp en voor miljoenen Jemenieten dreigt hongersnood, onder wie veel kinderen. Voor 400.000 kinderen onder de 5 jaar is de situatie levensbedreigend.

Sinds maart 2015 is een coalitie onder leiding van Saudi-Arabië in gevecht met Houthi-rebellen, een machtige stam uit het noorden. Ook vandaag waren er weer over en weer aanvallen. De VN verdenken beide partijen van het begaan van oorlogsmisdaden. Zo wordt hongersnood als oorlogswapen ingezet, door bijvoorbeeld waterinstallaties te bombarderen en havens te blokkeren waardoor voedselhulp het land niet binnenkomt.

Door dit soort blokkades komt noodhulp het land maar mondjesmaat binnen, waardoor hulporganisaties moeilijk hun werk kunnen doen. Bovendien is het vaak te gevaarlijk voor hulpmedewerkers om veilig hulp te bieden en zijn er allerlei logistieke obstakels, zoals vergunningen van de strijdende partijen. De situatie wordt verergerd door uitbraken van cholera, tyfus en corona. De meeste ziekenhuizen in het land zijn verwoest door bombardementen.

Bij hoge uitzondering lukte het correspondent Daisy Mohr om samen met cameraman Pablo Torres Jemen binnen te komen. Daar zag ze hoe groot de humanitaire ramp in het land is:

Vergeten oorlog duwt bevolking tot afgrond: correspondent Daisy Mohr in Jemen

De oorlog in Jemen vindt zijn oorsprong in 2011. In dat jaar breken er, net zoals in andere landen in het Midden-Oosten, grote protesten uit tegen de regering ook wel bekend als de Arabische Lente. President Ali Abdullah Saleh treedt noodgedwongen af en draagt de macht over aan Abd Rabbu Mansour Hadi

Jemen belandt in een chaos. President Hadi worstelt met verschillende problemen in het land, zoals corruptie, werkloosheid en aanslagen van terreurgroepen. Bovendien bleef een deel van het leger trouw aan oud-president Saleh. De machtige Houthi-beweging uit het noorden van Jemen gebruikt deze chaos om zich uit te breiden en verovert steeds meer gebied.

Wespennest

Als de Houthi's in 2014 de hoofdstad Sanaa volledig innemen, grijpt buurland Saudi-Arabië in en steunt de regering in Jemen. Met een coalitie van acht andere Arabische staten begint Saudi-Arabië in 2015 een militaire campagne tegen de Houthi-rebellen. De afgelopen jaren hebben de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk wapens geleverd aan Saudi-Arabië. De Houthi-rebellen worden op hun beurt weer militair gesteund door Iran.

In het zuiden van Jemen zetelt nog een derde partij in het conflict, namelijk de Zuidelijke Beweging. Dat is een samenwerkingsverband van stammen die streven naar een onafhankelijk Zuid-Jemen. Zij worden gesteund door de Verenigde Arabische Emiraten. De beweging is officieel onderdeel van de Saudische coalitie, maar ligt de laatste jaren steeds vaker overhoop met de regering van Jemen. Dit is vooral zichtbaar in Aden, waar de Zuidelijke Beweging grotendeels de controle heeft.

Oplossing niet in zicht

Sinds begin dit jaar wordt er hevig gevochten in de olierijke provincie Marib, een van de laatste regeringsbolwerken. Houthi-rebellen lijken daar de overhand te hebben. De VN waarschuwt dat miljoenen mensen het risico lopen ontheemd te raken.

De Jemenitische regering heeft dan wel het meeste gebied in handen, maar dit is vooral onbewoonde woestijn zonder olie, gas of andere natuurlijke bronnen:

NOS

Onder leiding van de VN proberen de strijdende partijen al jaren tot een staakt-het-vuren te komen, maar afspraken worden keer op keer geschonden. De Houthi-rebellen eisen dat de blokkades van havensteden en het vliegveld in de door hun gecontroleerde hoofdstad Sanaa wordt opgeheven. Maar de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië geeft daar niet aan toe. Daarmee lijkt het einde van de oorlog voorlopig niet in zicht.

STER reclame