Eerste boosterprik bij 80-plusser gezet ANP

Afgelopen maand kreeg de eerste Nederlandse 80-plusser een boostervaccin tegen corona. Met een boosterprik moet de mate van bescherming door de eerste vaccinaties op peil worden gehouden. Eigenlijk zou in december pas worden begonnen met het toedienen van boostervaccins, maar de start is dus naar voren gehaald.

Vier vragen over nut en noodzaak van een boostercampagne.

Wie krijgt wanneer de boosterprik?

Alle 60-plussers ontvangen een uitnodiging voor het boostervaccin met BioNTech/Pfizer of Moderna, ook al hebben zij eerder een ander vaccin gekregen. Dat geldt ook voor 18-plussers die in zorginstellingen wonen en zorgmedewerkers met direct patiëntencontact. Gisteren adviseerde de Gezondheidsraad ook om volwassenen met het downsyndroom een boosterprik te geven.

Eerst zijn de oudsten aan de beurt: de 80-plussers. Ook zorgpersoneel in ziekenhuizen krijgt vaccins geleverd. Pas later volgen de 'jongere ouderen', de 60-plussers.

Waarom is het toedienen van de boosterprik vervroegd?

Ouderen zijn na een reguliere vaccinatie (dus zonder boosterprik) minder goed beschermd tegen ziekenhuisopnames dan jongere leeftijdsgroepen, blijkt uit recente cijfers van het RIVM. 70-plussers lopen na volledige vaccinatie 89 procent minder kans om in het ziekenhuis te belanden. Ter vergelijking: bij 70-minners is dat 96 procent.

Die lagere vaccineffectiviteit onder ouderen is ook terug te zien in de ziekenhuiscijfers: in oktober was 44 procent van de mensen in het ziekenhuis volledig gevaccineerd, waarvan de meesten ouder dan 70 jaar. "Nu we zien dat steeds meer gevaccineerde ouderen in het ziekenhuis worden opgenomen, kan het nuttig zijn om ouderen een extra prik te geven om ziekenhuisopnames te voorkomen", zegt Marjolein van Egmond, hoogleraar Immunologie aan het Amsterdam UMC. "En als je het dan toch doet, dan kun je het beter zo snel mogelijk doen."

Hoeveel beter ouderen na zo'n booster zijn beschermd, valt nog moeilijk te voorspellen, zegt Cécile van Els, hoogleraar Vaccinologie aan de Universiteit Utrecht en immunoloog bij het RIVM. "Maar je mag hopen dat dat richting de 96 procent gaat."

Het is volgens Van Els extra nuttig om de boostervaccins toe te dienen nu de besmettingscijfers zo hoog liggen. "Omdat er nu heel veel circulatie van het virus is, weet je dat je meer mensen kunt beschermen als je ze iets meer immuniteit kunt geven."

Zijn er ook tegenargumenten bij de boosterprik-campagne?

Het Nederlandse coronabeleid staat sinds het begin van de pandemie in het teken van het verlichten van de druk op de zorg. Boosterprikken kunnen ouderen beter beschermen tegen ziekenhuisopname en daarmee de toestroom van patiënten naar ziekenhuizen en IC's terugdringen.

Toch plaatsen experts ook vraagtekens bij de boosterstrategie. Het probleem voor de zorg zijn niet de gevaccineerden. "Het grootste probleem blijven de mensen die niet gevaccineerd zijn", zegt Van Egmond. Het merendeel van de coronapatiënten in ziekenhuizen is nu nog niet gevaccineerd, blijkt ook uit cijfers van het RIVM, en dat terwijl de groep niet-gevaccineerden veel kleiner is dan de groep die wel is ingeënt.

En dan is het nog de vraag of het met het oog op virusmutaties niet strategischer is om eerst de wereldwijde vaccinatiegraad op te krikken, zodat er minder ruimte is voor de ontwikkeling van virusmutanten. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) benadrukt daarom al langer het belang van het verhogen van de wereldwijde vaccinatiegraad. Dat zou volgens de organisatie meer prioriteit moeten krijgen dan het toedienen van boostershots.

Heeft het zin om 60-minners een boosterprik te geven?

Mensen die jonger zijn dan 60 jaar hebben volgens de Gezondheidsraad geen boosterprik nodig; de vaccins beschermen deze groepen voldoende tegen een ernstig ziekteverloop.

"Over 60-minners weten we dat hun afweer zich over het algemeen goed ontwikkelt na vaccinatie", bevestigt vaccinoloog Van Els. "Zij hebben een betere immuunrespons dan oudere mensen." Uitzondering hierop zijn mensen met een minder goed werkend immuunsysteem. Zij zijn inmiddels al uitgenodigd voor een extra prik.

Van Els en Van Egmond vragen zich daarom allebei af of het niet effectiever is om de vaccins in te zetten in andere delen van de wereld, waar de WHO dus ook voor pleit. Van Egmond: "Wanneer vinden we de bescherming goed genoeg? We kunnen heel veel energie steken in het optimaal beschermen van de eigen bevolking, maar daar buiten gebeurt van alles. Het is een wereldwijde epidemie. Je kunt beter die energie steken in het vaccineren van mensen wereldwijd, ook om mutaties te voorkomen."

STER reclame