NOS

Bestuursrechters pleiten ervoor om meer het eigen rechtsgevoel te laten spreken in de rechtszaal. Dat staat in een rapport dat vandaag verschenen is naar aanleiding van de problemen met de kinderopvangtoeslag. Maar zoeken naar evenwicht tussen het volgen van de wet versus eigen interpretatie van de wet bestaat al langer, zeggen experts. En dat zal zo blijven ook.

"De bestuursrechters hebben de neiging de Raad van State te volgen en er is in principe weinig ruimte voor een rechter om ruimte te vinden in jurisprudentie", zegt hoogleraar Staatsrecht Douwe Jan Elzinga van de Rijksuniversiteit Groningen "Dat is niet iets nieuws, maar het is wel goed dat ze aan de bel trekken. Dat doen rechters zelden, collectief een probleem bekijken."

Uit het rapport blijkt overigens dat de bestuursrechters die probeerden af te wijken van de lijn van de Raad van State en (beperkte) ruimte zochten, daar ook in slaagden, omdat de Belastingdienst zich op zitting soms toch wat soepeler opstelde.

Terughoudend en bescheiden

Daarom denkt Elzinga's collega hoogleraar Staatsrecht Jerfi Uzman van de Universiteit Utrecht ook dat er meer speelt dan gebrek aan extra juridische beweegruimte. "Er zijn wel haken en ogen te vinden, maar rechters willen die vaak niet opzoeken, omdat ze niet op de stoel van de politiek willen gaan zitten."

Volgens Uzman zit dat in de cultuur van de Nederlandse rechtspraak ingebakken. "De Nederlandse rechters zijn altijd terughoudend en bescheiden geweest. Ze willen veel ruimte laten aan de wetgever en het bestuur. Daarbij komt ook dat niet elk rechtsgebied evenveel ruimte biedt. Het sociale zekerheidsrecht is vaak meer dichtgetimmerd. Dan is het moeilijker om belangen af te wegen."

Eind vorig jaar kwam de parlementaire ondervragingscommissie in haar eindrapport over de kinderopvangtoeslagaffaire met een hard oordeel over ministers, ambtenaren, de Tweede Kamer, maar ook rechters.

Golfbewegingen

"De politiek heeft hierin natuurlijk boter op het hoofd", zegt Elzinga. "Zo'n twintig tot dertig jaar geleden was er meer ruimte voor rechters. Maar later werd het hard aanpakken van misbruik het devies en dat heeft de politiek zelf gecreëerd. Met name de VVD heeft daar op gehamerd en aangedrongen, zoals met de zogenoemde Bulgarenfraude."

Mochten rechters in de nabije toekomst weer meer maatwerk kunnen bieden van de wet, dan kan het volgens Elzinga weer uitschieten naar de andere kant. "Het is een constante pendulebeweging en het zoeken naar de balans."

Uzman denkt niet dat het zo'n vaart zal lopen. "Een golfbeweging is er zeker, er zijn ook perioden aan te wijzen in het verleden dat rechters gaten schoten in de wetgeving. Toch denk ik dat door die terughoudende cultuur onder rechters het echt niet doorslaat naar de andere kant."

Niet aan tafel met politici

De rol van de Raad van State, de hoogste bestuursrechter van Nederland, is wezenlijk anders dan van de afzonderlijke bestuursrechters. "De rechtbank in Amsterdam is niet gebonden aan wat de rechtbank in Den Haag doet", zegt Uzman. "De Raad van State moet daar wel een evenwicht in vinden, de rechtseenheid in de gaten houden. Het kan niet zijn dat je geluk of pech hebt als je in Den Haag woont."

Rechters signaleren soms dat een wet niet goed werkt. Maar als zoiets vaak gebeurt, dan is het volgens Uzman soms nog ingewikkeld om dat terug te koppelen. "De rechter zit niet aan tafel met politici of ambtenaren. Nu is het hopen dat er op het ministerie van Justitie een jurist zit die leest dat het misgaat en dan een memo naar de minister stuurt."

Ook geeft de Raad van State ongevraagd wetgevingsadviezen aan de regering en de Tweede Kamer. "Die adviezen worden wel breed uitgemeten en zijn in de juridische wereld bekende gebeurtenissen."

STER reclame