Appartementen in Amsterdam ANP

Gemeenten kunnen binnenkort wijken aanwijzen waar beleggers geen goedkope en middeldure woningen meer mogen opkopen om die vervolgens te verhuren. Op 1 januari gaat naar verwachting een wetswijziging in die dat mogelijk maakt. Meerdere grote steden willen dan meteen in de hele gemeente woningbeleggers weren, blijkt uit een rondgang van de NOS.

Vorig jaar kwam een derde van alle verkochte woningen in de vier grote steden in het bezit van investeerders. Starters op de woningmarkt nemen steeds grotere risico's om ook een huis te kunnen kopen, constateert toezichthouder AFM. De wetswijziging is bedoeld om mensen die een koopwoning zoeken meer kans te geven.

We vroegen de tien grootste steden wat ze van plan zijn. Lees hier het hele overzicht daarvan:

Amsterdam en Utrecht: hele stad

Amsterdam voert de opkoopbescherming het liefst voor de hele gemeente in. De gemeente Utrecht sluit zich daarbij aan: "Vooral omdat we een waterbedeffect willen voorkomen." Ook Tilburg denkt aan invoering in de hele stad.

Den Haag zegt een opkoopbescherming voor de hele stad niet uit te sluiten. Groningen overweegt ook invoering in de hele gemeente, maar is voorzichtig. "We gaan kijken of we de regeling zo breed mogelijk kunnen inzetten, maar moeten dat wel kunnen onderbouwen."

'Noodzakelijk en effectief'

Volgens de wetswijziging moeten gemeenten inderdaad wel "onderbouwen of en in welke buurten er door schaarste aan goedkope en middeldure koopwoningen onevenwichtige en onrechtvaardige effecten optreden." Ook moeten gemeenten onderbouwen dat de maatregel "noodzakelijk en effectief" is.

De wet is volgens het kabinet alleen bedoeld voor goedkope en middeldure woningen. Maar tot welke WOZ-waarde huizen dan onder die opkoopbescherming vallen, moeten gemeenten zelf bepalen. Ook die prijsgrens moeten ze onderbouwen, zegt de Rijksoverheid. "Het is van belang dat de gemeente kan motiveren waarom de gekozen waarde proportioneel is en er niet toe leidt dat er onnodig koopwoningen onder deze regulering komen te vallen."

Utrecht zegt die prijsgrens zo hoog mogelijk te willen maken. "De wetgever heeft bepaald dat de opkoopbescherming alleen voor het betaalbare deel van de koopwoningvoorraad mag gelden. Daarmee verwachten wij dat opkoopactiviteiten van beleggers opschuiven naar duurdere woningen, een waterbedeffect. We zoeken daarom met de vier grote steden en Eindhoven naar een oplossing om de prijsgrens zo ruim mogelijk te stellen."

Amsterdam denkt er net zo over: "De intentie is om zo veel mogelijk woningen onder de opkoopbescherming te laten vallen." Tot welke WOZ-waarde Amsterdam en Utrecht willen gaan, kunnen ze nog niet zeggen.

Tilburg heeft al wel een specifieke waarde in gedachten: de NHG-grens. Dat is het bedrag tot waar je een hypotheek met hypotheekgarantie kunt nemen. Die wordt jaarlijks vastgesteld en is nu 325.000 euro.

Utrecht denkt dat beleggers mogelijk rechtszaken aanspannen als de gemeente de opkoopbescherming zo breed mogelijk inzet. "Om bij een eventuele rechtsgang sterk te staan, wordt de regeling zo veel mogelijk afgestemd met de vier grote steden en Eindhoven." De gemeente verwacht dat die onderlinge afstemming gunstig kan uitpakken in een rechterlijke uitspraak.

Vastgoed Belang, de vereniging van particuliere verhuurders van woningen, zei eerder al tegen de opkoopbescherming te zijn. "Het tekort aan (midden)huurwoningen zal hierdoor alleen maar groter worden. Gemeenten verkiezen hiermee mensen die een huis willen kopen boven starters en middeninkomens die (nog) niet willen of kunnen kopen. De maatregel lijkt puur ingegeven door een eenzijdige focus op excessen binnen de woningmarkt."

'Geen oplossing'

De Haagse woningbelegger Jeroen Lentze, die meer dan honderd huizen bezit, is tegen een mogelijke stadsbrede invoering: "Er is best wat voor te zeggen om gemeenten handvatten te geven om negatieve trends aan te pakken. Ik snap dat je woekerhuren of hele straten die omgekat worden naar kamerbewoning wil tegengaan. Dan snap ik dat er een quotum komt per wijk of een verbod voor bepaalde straten. Maar alles verbieden in de hele stad, is geen oplossing."

Volgens hem kan de opkoopbescherming ook leiden tot minder nieuwe woningen. "De huizen die ik nu nog koop zijn altijd de bovenste etage. Ik vraag dan een vergunning om er bovenop een nieuwe woning te bouwen. Zo voeg ik iets toe aan deze stad. Maar dat kan niet meer met zo'n verbod." Lentze zegt zelf vooral woningen voor een middenhuur tot zo'n duizend euro te verhuren en zich altijd aan het puntensysteem voor maximale huren te houden.

STER reclame