Een vrouw omhelst het nationaal monument slavernijverleden, in het Oosterpark in Amsterdam ANP

Het zat er aan te komen, maar toch was het voor veel betrokkenen een bijzonder moment: de excuses die burgemeester Halsema vandaag maakte namens het bestuur van Amsterdam voor de rol die de stad had tijdens de slavernij. Woorden als "historisch", "eindelijk" en "erkenning" vormen de rode draad in veel reacties.

Dat de woorden van Halsema historisch zijn, staat niet ter discussie. In 2013 sprak toenmalig vicepremier Lodewijk Asscher van "diepe spijt en berouw". Dat was al een voorzichtig stapje vooruit ten opzichte van Roger van Boxtel die als minister in 2001 "diepe spijt, neigend naar berouw" had uitgesproken. Maar een bestuursorgaan dat expliciet excuses aanbiedt voor het slavernijverleden? Dat kwam niet eerder voor.

"Amsterdam, petje af", was daarom de lovende reactie van voormalig PvdA-parlementariër John Leerdam. "Het zindert nog in mijn lijf. Dit is iets waar wij vanuit de Antilliaanse gemeenschap in de afgelopen 25 jaar voor hebben gepleit. En dan is dit moment eindelijk daar."

Ondergeschikte positie

Kathleen Ferrier, die voor het CDA in de Tweede Kamer zat en dochter is van voormalig president van Suriname Johan Ferrier, sluit zich daarbij aan. "Het erkennen van wat er is gebeurd, excuses aanbieden, waarbij je je eigen positie ondergeschikt maakt aan die van degene aan wie je excuses aanbiedt, is een belangrijk moment."

Het stadsbestuur neemt de verantwoordelijkheid voor het verleden, zei burgemeester Halsema tijdens de Nationale Herdenking Nederlands Slavernijverleden:

Halsema biedt excuses aan voor slavernijverleden Amsterdam

De waarde van de excuses is misschien vooral symbolisch, maar symboliek moet niet worden onderschat, meent Linda Nooitmeer, bestuursvoorzitter van het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee). "Excuses zijn erkenning van het feit dat slavenhandel een misdaad tegen de menselijkheid was."

Nooitmeer vindt ook dat het lang geduurd heeft voordat deze stap is gezet. "Het voelt alsof we in een andere tijd zijn waarin er ruimte is voor erkenning van het leed van slaafgemaakten. Voor hun nazaten is dat een openbaring."

Mitchell Esajas, directeur van cultuurhistorische organisatie The Black Archives, kijkt terug op een mooie, historische dag. "Die mij het gevoel geeft dat ik trots mag zijn dat ik een Surinaamse Amsterdammer ben." Dat de slavernij een 'erfenis' heeft in de vorm van racisme, is volgens Esajas "lang onder het tapijt geveegd". Esajas: "Dat hier nu erkenning voor is op dit niveau, vind ik een belangrijke stap vooruit."

Maar wat Esajas betreft, is de kous hiermee nog niet af. Hij wijst erop dat de gemeente een verantwoordelijkheid heeft om de ongelijkheid die is ontstaan door het kolonialisme aan te pakken. Zo zou er geïnvesteerd moeten worden in onderwijs, zodat kinderen van kleur geen achterstand oplopen, zegt hij. Ook pleit hij voor een fonds voor onderzoek van zwarte academici naar thema's als slavernij.

Toestemming van de Staten-Generaal

De vier stellen de excuses van Amsterdam dus op prijs. Maar daarnaast willen ze dat de Nederlandse Staat erkent geprofiteerd te hebben van het onmenselijke systeem dat slavernij was en dat de gevolgen ervan nog altijd zichtbaar zijn in de huidige Nederlandse maatschappij. Nooitmeer: "Het systeem van slavernij was ingericht met toestemming van de Staten-Generaal, de West-Indische Compagnie kreeg het monopolie op veroveringen en het uitvoeren van de slavenhandel."

Bezoekers van de herdenking reageerden positief op de excuses:

Reacties op excuses slavernijverleden: 'Blij dat ontkenning niet meer kan'

Demissionair premier Rutte zei in februari dat het huidige kabinet geen excuses aan zal bieden. Toch lijkt ook het nationale tij te keren richting excuses. Vandaag werd een rapport gepubliceerd van een adviescommissie in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken. De belangrijkste aanbeveling is dat de Staat, net als Amsterdam, excuses moet maken.

Mochten er excuses komen, dan is 2023 een logisch moment. De slavernij werd in 1863 afgeschaft, maar slaafgemaakten moesten soms nog tot tien jaar door blijven werken. Veel nazaten zien 1873 daarom als jaartal waarin de slavernij echt ten einde kwam. 2023 is 150 jaar later.

"Dat zou het moment moeten zijn", vindt John Leerdam. Kathleen Ferrier kijkt er naar uit: "Het onder ogen komen van ons gedeeld verleden, het gaat gebeuren."

STER reclame