Demissionair minister Ollongren ANP

De overheid moet de komende jaren met zo'n 20 miljard euro bijdragen aan grootschalige woningbouw- en infrastructuurprojecten in veertien gebieden.

Zonder die bijdrage vanuit het Rijk zal er volgens demissionair minister Ollongren "onvoldoende en in een lager tempo" dan gepland worden gebouwd. Ook zullen de gebouwde woningen minder betaalbaar worden, zo waarschuwt ze in een Kamerbrief. Een volgend kabinet moet beslissen over de investeringen.

Ollongren baseert zich in haar brief op een onderzoek, dat ze heeft laten uitvoeren door een adviesbureau. Het gaat om ruim 440.000 woningen in onder meer Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Groningen, Eindhoven en Zwolle. Bijna de helft moet voor 2030 zijn gebouwd.

De overheid zou ook moeten helpen bij grote infrastructuurprojecten zoals het doortrekken van de Amsterdamse Noord/Zuidlijn naar Schiphol, de zogenoemde IJmeerverbinding tussen Almere en Amsterdam en een nieuw treinstation in Groningen.

Private geldschieters dekken grootste deel

De veertien projecten die onder de loep zijn genomen, "zijn stuk voor stuk complexe, grootschalige gebiedsontwikkelingen, veelal binnenstedelijk, een aantal buitenstedelijk", schrijft Ollongren. Het grootste deel van de kosten (109 van de 142 miljard euro) wordt door private geldschieters gedekt.

Eerder bleek al uit onderzoek dat provincies en gemeenten ongeveer 13,7 miljard euro tekortkomen om de komende jaren voldoende te bouwen.

Woningtekort

Er is nu een woningtekort van zo'n 300.000, concludeerde onderzoeksbureau ABF Research in februari, dat dat tekort al jarenlang bijhoudt in opdracht van de overheid.

Vorig jaar bleek uit een rapport van het ministerie van Binnenlandse Zaken dat er de komende tien jaar 845.000 nieuwe woningen bij moeten komen om te voorkomen dat het woningtekort verder oploopt.

STER reclame