Textielarbeiders in India protesteren tegen de sluiting van een fabriek, vanwege geannuleerde bestellingen AFP

De modebedrijven die zijn aangesloten bij het Convenant Duurzame Kleding en Textiel hebben afgelopen jaar vooruitgang weten te boeken op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieudruk en transparantie. Dat schrijven de initiatiefnemers van het kledingconvenant in een jaarrapportage.

Van de aangesloten modebedrijven voldeed afgelopen jaar 80 procent volledig aan de gestelde duurzaamheidseisen, een jaar eerder was dat nog 63 procent. Ook worden de productieketens van de aangesloten merken steeds transparanter: sinds de start van het convenant zijn van ruim 3000 gecontracteerde textielfabrieken de gegevens openbaar gemaakt.

Tot voor kort was het in de mode-industrie gemeengoed om productielocaties geheim te houden, om concurrerende bedrijven niet wijzer te maken. Die ondoorzichtigheid werkte slechte arbeidsomstandigheden in de hand.

De vooruitgang is opvallend, omdat de wereldwijde mode-industrie tijdens de coronacrisis harde klappen kreeg door winkelsluitingen en afgezegde orders. Veel textielarbeiders in met name lagelonenlanden zaten van de een op de andere dag zonder werk. "Soms kwam ook de vakbondsvrijheid onder druk te staan", staat in het rapport, "en de coronapandemie maakte het lastiger om controles op locatie uit te voeren."

"In een crisis is iedereen als eerste gericht op zelf overleven. Het convenant streeft echter een collectief belang na. Juist in coronatijd blijkt hoe belangrijk het is dat bedrijven goede relaties onderhouden met hun leveranciers en via collectieve projecten verbeteringen in de keten bereiken", zegt Pierre Hupperts, voorzitter van het convenant.

Misstanden

Toch zijn niet alle ontwikkelingen gunstig. Het aantal bedrijven dat meedoet aan het kledingconvenant is in 2020 gedaald. Tien modebedrijven trokken zich terug vanwege een faillissement of omdat ze niet konden of wilden voldoen aan de gestelde eisen.

Bij het convenant werden in 2020 twee klachten ingediend tegen winkelketen C&A. Belangenorganisaties Arisa en de Schone Kleren Campagne (SKC) betogen dat het bedrijf te weinig doet tegen misstanden bij productielocaties in India en Myanmar.

SKC is bovendien kritisch op de effectiviteit van het kledingconvenant, zeker in de afgelopen coronaperiode. "Ook van modebedrijven die zijn aangesloten bij het convenant hebben we voorbeelden gezien van hoe het niet moet. Denk aan grote bestellingen die eenzijdig geannuleerd werden en het niet willen doorbetalen van lonen van textielarbeiders", zegt woordvoerder Wyger Wentholt.

"Het convenant trekt er op allerlei terreinen hard aan, maar de middelen van zo'n vrijwillig initiatief zijn beperkt", aldus Wentholt. "Wij pleiten voor wetgeving."

STER reclame