Archiefbeeld van Amerikaanse militairen in Afghanistan EPA

Voor 11 september 2021 moeten alle buitenlandse militairen Afghanistan verlaten, precies twintig jaar na de aanslagen van 9/11 die de aanleiding waren voor de invasie. De Amerikaanse president Biden lichtte dit plan gisteren toe op een bijeenkomst van de NAVO. Nederland, samen met de rest van de NAVO-troepen, vertrekt ook voor die datum.

"We hebben altijd gezegd dat we er niet kunnen blijven zonder de VS", zegt demissionair minister Bijleveld van Defensie in het NOS Radio 1 Journaal. "We zijn er natuurlijk naartoe gegaan na de aanslagen in de VS en we hebben ook de militaire steun nodig van dat land. Het was desondanks geen makkelijk besluit, we hebben er een enorme inspanning geleverd."

Volgens Bijleveld ontstaat er door het vertrek een onzekere situatie. "Er zijn geen afspraken gemaakt tussen de Afghaanse regering en de Taliban. We moeten realistisch zijn: het vertrek kan gevolgen hebben voor de geboekte resultaten."

Toch denkt ze dat de missie geslaagd is. "Natuurlijk is nu niet alles geregeld, maar het land is geen uitvalsbasis meer voor terroristen die aanslagen plegen in onze hoofdsteden. Ook is de positie van vrouwen verbeterd, de levensverwachting omhooggegaan en de kindersterfte gedaald."

'Geen ruimte meer voor goede keuzes'

Op de vraag of het vertrek een verstandig besluit is, reageert Thomas Ruttig van het Afghanistan Analysts Network stellig: "Er was geen ruimte meer voor goede keuzes. De Amerikanen hebben vorig jaar bij de onderhandelingen al te veel bewegingsruimte aan de Taliban gegeven."

"Sommige Afghanen denken dat het uiteindelijk goed is dat de NAVO zich terugtrekt", zegt Jorrit Kamminga van het Clingendael Instituut. "Maar er is ook veel angst dat het betekent dat veel van de vrijheden die de afgelopen jaren zijn verworven, zullen wegvallen. We hebben geen idee wat de politieke realiteit de komende tijd zal zijn."

Vooral onder vrouwen heerst er angst. Eerder gaf de Taliban al aan dat het de grondwet en het rechtssysteem wil vervangen. Ook de 'Talibanisering' van de eigen overheid speelt een rol: er werden recent meer beperkingen aan vrouwen opgelegd, zoals een zangverbod. "Vrouwenorganisaties zijn dan ook bang dat zij vrijheden moeten inleveren wanneer de internationale gemeenschap vertrekt", zegt Kamminga.

Correspondent Aletta André maakte een reportage over Maram, die al sinds haar vijfde jaar piano speelt, en journaliste Fatima, die op een dodenlijst staat:

Vrouwenrechten Afghanistan ingeperkt: 'Ik ben altijd bang vermoord te worden'

Het terugtrekken van de troepen zou volgens Kamminga ook positieve gevolgen kunnen hebben: het was een eis van de Taliban bij de vredesonderhandelingen. Dat proces wordt met de terugtrekking mogelijk versneld.

Wat het terugtrekken van buitenlandse troepen uiteindelijk teweegbrengt, is afhankelijk van de politieke situatie na de vredesonderhandelingen en mogelijke verkiezingen. Sommigen vrezen dat het vertrek van de internationale gemeenschap ook het einde betekent van president Ghani. "De politiek raakt uit balans, en dat leidt tot chaos", zegt Ruttig. "Het is mogelijk dat grote gevechten uitblijven, maar de macht gaat schuiven. Misschien gaan politici aan de kant van de Taliban staan."

De aanwezigheid van buitenlandse troepen was al een beperkt machtsmiddel. Momenteel zijn er minder dan 10.000 militairen in Afghanistan, terwijl dat op het hoogtepunt meer dan 100.000 waren. Het merendeel van deze manschappen zijn trainers voor het Afghaanse leger, die zelf niet vechten.

Nederland in Afghanistan

Nederlandse militairen zitten sinds 2002 in Afghanistan, voornamelijk in de provincie Uruzgan. Doel was om met het Nederlandse taskforce te werken aan de stabiliteit, veiligheid en wederopbouw van de provincie. Later trainde Nederland de Afghaanse politiemacht in Kunduz. Op dit moment zijn ruim 160 Nederlandse militairen in het land gestationeerd voor de NAVO-trainingsmissie Resolute Support. Sinds het begin van de missie in Afghanistan vielen er 25 Nederlandse doden in het land.

In februari kondigde minister van Defensie Bijleveld aan dat er nog eens tachtig Nederlandse manschappen naar Afghanistan gaan. Het kabinet is nog steeds van plan om hen te sturen al moet de ministerraad dat besluit formeel nog nemen. Die manschappen zijn bedoeld ter overbrugging van de troepenaftocht.

Momenteel doen 36 landen mee aan de NAVO-trainingsmissie Resolute Support. Naast deze missie zijn nog zeker duizend Amerikaanse commando's actief in Afghanistan:

NOS / NAVO

Volgens Ruttig zijn er zo'n 300.000 Afghaanse militairen opgeleid. "Dat is niet niks, maar het is niet de vraag of de training succesvol was: de Amerikaanse troepen zijn vooral belangrijk voor steun en moraal." Het Afghaanse leger voert volgens de regering het merendeel van de operaties zelfstandig uit.

Wel krijgen de Afghaanse troepen financiële en materiele hulp. "De gehele politiemacht wordt bijvoorbeeld nog door de internationale gemeenschap betaald", zegt Kamminga. Het is dus zaak dat de financiële steun doorgaat, "anders is de kans groot dat alles in elkaar stort. Als de militairen niet meer worden betaald, heeft Afghanistan geen veiligheidsapparaat meer."

'Kerntaken oorlog mislukt'

Naast de trainingsmissie is de VS nog in mindere mate actief in anti-terrorismeoperaties. Zo geeft de Amerikaanse luchtmacht nog steun aan het Afghaanse leger. "Er is bewijs dat dit de Taliban ervan heeft weerhouden om bewoonde gebieden te veroveren", zegt Ruttig. "Het wegvallen van de luchtsteun is een grote klap."

Er zouden nog zo'n 200 tot 600 al-Qaidastrijders in Afghanistan zitten. "Wat dat betreft zijn beide kerntaken van de oorlog in Afghanistan mislukt", zegt Kamminga. "De situatie is niet stabiel, en de terroristische dreiging is er nog steeds."

"Je moet op een gegeven moment natuurlijk wel weg, dat er nu nog troepen zitten is al verrassend. In Nederland was in 2002 al consensus onder de regeringspartijen dat onze militairen terug moesten. Maar als je kijkt naar de eerdere voorwaarden, zoals het aantal aanslagen en ontvoeringen, dan zou je over vijf à tien jaar misschien pas weg kunnen."

STER reclame