ANP

Als er versoepeling mogelijk is, dan is "de avondklok er eentje die je als eerste in de vuilnisbak wilt gooien", zei demissionair premier Rutte begin maart. Maar de maatregel blijft van kracht: de besmettingscijfers zijn simpelweg te hoog om verder te versoepelen, redeneert het Outbreak Management Team.

Wel schuift de begintijd een uurtje op, melden ingewijden voorafgaand aan de persconferentie vanavond. Veel burgemeesters wilden vanwege de zomertijd de klok verplaatsen van 21.00 naar 22.00 uur.

Wat weten we over de effectiviteit van de avondklok, en wat blijft ervan over als de avondklok een uur later ingaat?

Effectiviteit wordt vraagteken

"Het zou het draagvlak zeker ten goede komen, maar de effectiviteit wordt wel een vraagteken", zegt Esther Metting, epidemioloog en gedragswetenschapper. "Je krijgt nu meer ruimte om bij elkaar op bezoek te gaan. Terwijl het doel van de avondklok juist is dat mensen elkaar minder bezoeken."

Metting noemde het invoeren van de avondklok eind januari al 'een groot dilemma'. "En dat is het nog steeds", zegt ze nu. "We weten nog altijd niet veel meer over de effectiviteit, omdat de maatregel nagenoeg tegelijk is ingevoerd met de één-persoon-op-bezoek-maatregel. Die twee vallen niet los van elkaar te meten. Bij een normaal onderzoek kun je bijvoorbeeld een controlegroep hanteren. Dat kan nu niet, en dus valt er ook niet veel te zeggen over het effect van de avondklok."

Wel is het volgens Metting logisch om te redeneren: 'wat werkt houden we in stand', nu het aantal besmettingen oploopt. Maar voor het draagvlak is dit niet goed, zegt de epidemioloog. "Uit onderzoek van de RIVM gedragsunit blijkt dat het draagvlak voor de avondklok onder druk staat."

"Of dat ene uurtje nu veel verschil maakt, is lastig te zeggen", merkt datadeskundige Marino van Zelst (Tilburg University) op. Hij is lid van het Red-team, een groep van twaalf deskundigen uit diverse disciplines die het kabinet (ongevraagd) adviseert over de corona-aanpak. "Je wilt met de coronamaatregelen de contactmomenten van mensen inperken. Dat doe je met de avondklok, ook al is het een heftige maatregel."

Ook Van Zelst stelt dat niet in percentages uit te drukken valt hoe effectief de avondklok werkelijk is. "Het RIVM berekent dit wel, en komt op een percentage van rond de 10 procent uit. Maar het losse effect van de avondklok valt niet te bepalen, omdat de maatregel tegelijkertijd is ingevoerd met die één-bezoeker-regeling. Dat valt niet los te zien van elkaar."

In februari was Van Zelst kritisch op de berekeningen van het RIVM. "Het RIVM berekent dat de avondklok effect heeft, en dat zou ook zeker zo kunnen zijn. Maar de data waar ze mee rekenden in februari, was niet fenomenaal. Je zag toen geen enorm verschil tussen het R-getal (besmettingsgetal) van voor de invoering van de avondklok en die daarna."

Het draadje op Twitter eind februari :

Wat de berekeningen verder vertroebelt, zijn zogenoemde 'vervangingseffecten'. Van Zelst: "Dat mensen bijvoorbeeld om vier uur 's middags gaan biljarten, in plaats van om acht uur 's avonds. Dit gedrag verandert door de avondklok, en is heel complex om te berekenen."

Het liefste wil je bij zulke ingrijpende maatregelen heel precies weten wat het effect ervan is, zegt Van Zelst. "Wat zeker is, is dat als mensen minder contact hebben, de maatregel effect heeft. Maar het eerlijke antwoord is: we weten niet uitgedrukt in percentages hoe effectief de avondklok is, en dat is jammer."

'Juridische basis niet ter discussie'

Niet alleen over de effectiviteit, ook over de juridische onderbouwing wordt sinds de invoering van de avondklok gediscussieerd. In februari werd een rechtszaak aangespannen door actiegroep Viruswaarheid. De voorzieningenrechter bepaalde destijds dat de avondklok opgeheven moest worden, maar kort daarna werd in hoger beroep vastgesteld dat er toch een geschikte juridische basis was gebruikt voor de avondklok.

"De wetgeving zit ingewikkeld in elkaar", blikt Adriaan Wierenga, noodrechtspecialist aan de Rijksuniversiteit Groningen terug. "De regering heeft in de coronawet nu het zekere voor het onzekere genomen door daarin nog een extra juridische basis op te nemen. Hierdoor zijn er zelfs twee legitieme manieren om de avondklok in stand te houden. De juridische basis van de avondklok staat dus niet meer ter discussie."

Het is inhoudelijk nu vooral een bestuurlijk-politieke afweging, zegt Wierenga. "De rechter kan alleen toetsen of de maatregel in redelijkheid kon worden genomen, marginale toetsing heet dat. Het is aan het parlement om de regering nu kritisch te volgen over de toepassing van de wet."

STER reclame