Huisartsen gaan in totaal zo'n 4,5 miljoen Nederlanders vaccineren, ruim een derde van het totaal. En dat is volgens henzelf een hele klus. Het kost meer inspanning, tijd en geld dan verwacht. "Het is niet zoals bij de griepprik", aldus huisarts Claire Crans uit Ede.

Veel huisartsen zijn kritisch en ongerust over hun rol in de vaccinatiestrategie. Het vaccineren levert hen vijf tot tien keer meer werk op, door administratieve rompslomp als registratie, de gezondheidscheck, de wachttijd en afstandsregels. En dat drukt op de reguliere zorg, die gewoon doorgaat.

Huisarts Jeroen van Breemen legt uit waarom het vaccineren tegen corona zoveel werk met zich meebrengt:

'Dit gaat veel langzamer dan bij de griepprik'

"De reguliere zorg mag niet afgeschaald worden, omdat we moeten vaccineren. Daar wringt het", zegt huisarts Jeroen van Breemen uit Breda. "We beseffen als huisarts het belang van het snel toedienen van de beschikbare vaccins aan de meest kwetsbaren. We voelen de verantwoordelijkheid en we hebben de expertise. Maar de praktijk ligt stil als we alles moeten inrichten voor de vaccinaties. Dus doen we het nu in het weekend."

Bovendien is er een praktisch probleem: veel huisartsenpraktijken blijken te klein behuisd, omdat gevaccineerde personen na de prik 15 minuten moeten blijven ter observatie. Als je als praktijk een flink aantal patiënten wil vaccineren op één dag, dan zit de wachtruimte zo vol. De meeste praktijken prikken daarom op zaterdagen op GGD-locaties, of huren zelf bijvoorbeeld een gymlokaal.

We krijgen een financiële compensatie van 21 euro per prik.

Claire Crans, huisarts

En dat brengt uiteraard kosten met zich mee. Per prik krijgt een huisarts 21 euro vergoed. Crans: "Ik kan me voorstellen dat de minister zich niet helemaal realiseert wat er op ons afkomt. Van die financiële vergoeding moeten we alles betalen: van de ruimte tot gemaakte overuren of waarnemingen door collega-huisartsen. De praktijk zal moeten uitwijzen of we daarmee uitkomen."

Huisartsen dienen overigens lang niet altijd zelf de vaccins toe. Vaak zijn het assistenten of wordt er personeel opgeleid om te prikken. Zij werken wel altijd onder supervisie van een huisarts.

Prikevent

In Zeeland, Limburg en Noord-Brabant hebben huisartsenpraktijken hun eerste ronde vaccinaties zo goed als afgerond. Daar zijn mensen met het syndroom van Down, morbide obesitas en mensen tussen de 62-64 jaar geprikt met het AstraZeneca-vaccin.

Komende week is Gelderland aan de beurt, de vaccins hiervoor zijn afgelopen week geleverd. Daarna volgen Utrecht en Flevoland en vervolgens de overige (noordelijke) provincies.

Vooralsnog gaat het dus om relatief kleine groepen die worden gevaccineerd, maar vanaf mei volgen grote aantallen tijdens speciale 'prikevents'. Vanaf dan worden er grote leveringen vaccin verwacht. De GGD's kunnen opschalen tot maximaal 1,5 miljoen prikken. En als er voldoende vaccin is, dan kunnen huisartsen maximaal 250.000 prikken per week zetten.

"Dat wordt nog een hele uitdaging", zegt Crans. Op 9 maart hebben huisartsen hun zorgen besproken met het RIVM op een ledenraad waarin ook Jaap van Delden, hoofd vaccinatie van het RIVM, een reactie gaf.

Ontzorgen

Huisartsen willen ondersteuning in de uitvoering, met name in het regelen van alternatieve locaties voor te krappe praktijkruimtes. Bovendien willen de huisartsen een zo groot mogelijke levering van 'batches' vaccin per praktijk. De kleine plukjes die nu per keer geleverd worden, hebben volgens de huisartsen een grote impact en vragen naar verhouding veel inzet.

De boodschap van huisartsen is helder, zegt voorzitter Ella Kalsbeek van de Landelijke Huisartsen Vereniging op hun website. "Hoe beter huisartsen weten waar ze aan toe zijn en hoe groter de groep die ze op een moment kunnen vaccineren, hoe beter de vaccinaties zijn te organiseren naast de andere patiëntenzorg. En wij en de overheid kunnen een hoop doen om hen in de organisatie zo goed mogelijk te ontzorgen."

STER reclame