De verwachting is dat mensen na deze crisis weer meer geld uit zullen geven ANP

Het lijkt ook nooit goed, als het om inflatie gaat. De Europese Centrale Bank trekt van alles uit de kast om die op te krikken. De inflatie staat nu volgens Europees statistiekbureau Eurostat op 0,9 procent in de eurolanden. Dat is flink meer dan een paar maanden terug, toen die nog negatief was.

Maar daar staat iets tegenover: dat het cijfer stijgt, zorgt voor zweet op de voorhoofden van bankiers en beleggers. Want hogere inflatie, hoe abstract dat ook klinkt, kan de hele economie op zijn kop zetten. Dat kunnen we dus allemaal gaan merken. De vraag is hoe hard de inflatie stijgt, en hoe blijvend dat is.

Hoe zit dat?

Hoe hard prijzen stijgen, de inflatie, is een optelsom van hoeveel we meer (of minder) zijn gaan betalen voor een hele reeks aan producten en diensten. Van een kopje koffie en een knipbeurt, tot de prijs voor een vat olie en de huur van een pand.

Als alles gemiddeld duurder wordt, is je geld dus minder waard. Werknemers willen dan hogere salarissen om dat waardeverlies te compenseren. Winkels en bedrijven maken hogere kosten en kunnen dat weer doorrekenen in hogere prijzen, zo lang consumenten bereid zijn te betalen.

Inflatie

Inflatie werkt verder door dan hogere rekeningen in de kroeg, kassabonnetjes en salarissen. Bijvoorbeeld ook op schulden zoals hypotheken en - heel belangrijk - geld dat overheden lenen. Zeker nu overheden met alle macht proberen hun economieën tijdens de pandemie draaiende te houden, lenen ze massaal geld om al die steun te betalen.

Het goede nieuws: hogere inflatie betekent dat ook schulden minder waard worden. Het slechte nieuws: commerciële geldschieters willen hogere rentes voor een lening als ze verwachten dat de euro's die ze over een tijd terugbetaald krijgen dan minder waard zijn.

Een beetje inflatie is goed maar niet teveel, zeggen economen van de centrale bank, het liefst richting de 2 procent: prijsstabiliteit. Dan is er een bescheiden prikkel om je geld uit te geven voordat het minder waard wordt. En genoeg buffer om te voorkomen dat geld en zeker schulden méér waard worden.

Waarom dan toch de zorgen over stijgende inflatie?

De Europese inflatie is nu opgeklommen uit het deflatie-dalletje van vorig jaar, maar het is met 0,9 procent nog steeds een stuk lager dan gewenst. Economen verwachten dat de inflatie de komende tijd verder kan stijgen.

"Het is zo goed als zeker dat de inflatie in de komende maanden fors zal oplopen", schrijft Teeuwe Mevissen van de Rabobank in een analyse. "Vooruitkijkend op de inflatie in de eurozone, is de enige weg: omhoog", schrijft Carsten Brzeski van ING.

Daarvoor wijzen ze naar zaken die de prijzen van goederen en diensten de komende tijd verder kunnen opvoeren. Een belangrijke rol spelen wij zelf. Afgelopen jaar konden consumenten minder geld uitgeven en hebben ze veel gespaard: alleen al in Nederland kwam er 42 miljard euro spaargeld bij.

Als we straks dat geld weer makkelijker kunnen uitgeven, kan het zijn dat er niet genoeg aanbod is om in al die vraag de voorzien. Dat er intussen te weinig auto's en computers zijn gemaakt of verscheept, en dat de kapper is volgeboekt. En misschien verhogen vliegmaatschappijen en restaurants hun prijzen om verliezen goed te maken.

Wat nu?

Centraal bankiers, die er tot nu toe voor zorgen dat lenen goedkoop is en geld in overvloed beschikbaar om uit te geven, krabben zich achter de oren. Lang doorgaan met dit beleid drijft prijzen verder op. Maar de prikkels afbouwen, zorgt ervoor dat de schulden die bedrijven en overheden de afgelopen tijd zo massaal hebben opgebouwd duurder worden. Met alle mogelijke problemen van dien.

In hoeverre de centrale bank haar eigen doel voorbij gaat schieten, en ze haar eigen beleid moet veranderen, zal de komende tijd moeten blijken. Het kan nog meevallen.

Bedrijven zijn door de inflatie die er al is meer geld kwijt aan energierekeningen en grondstoffen, en houden minder over om uit te geven. Dat remt verdere inflatie.

En dan is er nog een stuwmeer aan bedrijven die naar verwachting failliet zullen gaan als de staatssteun ophoudt, die gepaard zal gaan met een golf aan werkloosheid. Ook dat zorgt voor minder aankopen en druk op de prijzen.

STER reclame