ANP

Het zijn boodschappen van het RIVM en het Outbreak Management Team (OMT) die moeilijk met elkaar te verenigen lijken. Aan de ene kant rukt een variant van het coronavirus op die zo'n 30 procent tot 50 procent besmettelijker is dan de versie die Nederland het afgelopen jaar al zo goed heeft leren kennen. Die opmars is zo snel gegaan, dat volgens schattingen van het RIVM inmiddels ongeveer twee derde van de besmettingen moet worden toegeschreven aan de gevreesde 'Britse variant'.

"De derde golf lijkt onvermijdelijk op ons af te komen", zei premier Rutte vanavond. "We weten niet precies wanneer, maar ergens tussen eind februari en begin april gaan de besmettingen weer toenemen", voorspelt Aura Timen van het RIVM.

Aan de andere kant daalden de afgelopen week de besmettingscijfers. In de week waarin de Britse variant (B.1.1.7 voor de ingewijden) definitief de dominante werd, gingen die cijfers zelfs extra snel omlaag. Waar vorige week het aantal positieve tests terugliep met 8 procent, was dat de voorbije week 20 procent.

Avondklok

Hoe valt dit met elkaar te rijmen? Zou het bijvoorbeeld kunnen zijn dat het zogenoemde reproductiegetal van in Nederland inmiddels lager is dan de 1.28 die het instituut voor half januari becijfert? Is de kans op een derde golf echt wel zo reëel?

Volgens OMT'er Marc Bonten is het in elk geval niet zo dat het met de besmettelijkheid van B.1.1.7 wel meevalt, zoals sommigen beweren. "Ongelooflijk slecht", noemde de arts-microbioloog vanmiddag berichten daarover.

Maar wat is er dan wel aan de hand? De kans bestaat dat de R inderdaad op dit moment nog steeds onder de 1 is, denkt Bonten, ondanks de toegenomen dominantie van de nieuwe variant. Dan daalt het aantal besmettingen dus. Als dat zo is - pas later kan dat precies worden uitgerekend - dan lijkt het erop dat de avondklok en de verdere beperking van het aantal bezoekers thuis een positief effect heeft gehad. "Extra reden om dit alles extra goed in het hoofd te houden bij mogelijke versoepelingen" aldus Bonten.

Maar waarschijnlijk blijft ook nog veel verborgen, denkt Amrish Baidjoe, epidemioloog bij de London School of Hygiene and Tropical Medicine en adviseur van de wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Belangrijk verschil met de uitbraak van de mutant in Groot-Brittannië is dat B.1.1.7 in Nederland de kop opstak op het moment dat er al strenge maatregelen golden. "In Engeland waren die er niet. Geluk bij een ongeluk was dat ze daar snel goede data beschikbaar hadden over de nieuwe variant. Omdat er veel gevallen waren op dat moment. Bovendien gebruikten ze bij toeval een test die de variant kon detecteren. In Nederland is het zicht op de gevolgen waarschijnlijk minder scherp door het maatregelenpakket. Die drukken de impact op dit moment nog."

Diarree

Maar dat betekent niet dat er 'onder water' niet van alles gebeurt, benadrukt Baidjoe. "De besmettingen in Nederland dalen, maar het aantal mensen dat zich laat testen gaat in dezelfde orde van grootte omlaag. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn, bijvoorbeeld omdat de testbereidheid afneemt of omdat de mensen die besmet raken door de Britse variant minder symptomen hebben. Jongere mensen met name. Een vergelijkbaar scenario zagen we aan het begin van de tweede golf. Toen hadden veel mensen ook het idee: maakt niet uit, jongeren worden toch niet zo ziek. Maar ze waren wel het meest mobiel. Een tijdje later nam het aantal besmettingen weer snel toe bij álle leeftijdsgroepen, omdat infecties door die groepen heen bewegen. Je wilt eigenlijk voorkomen dat dit nu weer gebeurt."

NOS

Een andere mogelijke verklaring voor afgenomen testbereidheid is dat zieke mensen de klachten die zij hebben, minder snel als covid herkennen. Omdat zij geen luchtwegklachten ervaren of een reuk- en smaakafname", legt Baidjoe uit, "maar wel bijvoorbeeld diarree hebben."

Tsunami

Er is ook in deze fase van de epidemie nog het nodige dat wij niet weten, benadrukt Baidjoe, zeker als het gaat om de nieuwe varianten. Neem bijvoorbeeld de ziekenhuizen: waarom daalt de bezetting daar niet in lijn met de afname van de besmettingen van de afgelopen maand?

"Maar wat ik vrees is dat de huidige afname van de besmettingen binnenkort afvlakt en dan plaatsmaakt voor een stijging. Je ziet dat de curve van de gevestigde variant daalt en de B.1.1.7-variant waarvan de curve juist toeneemt. We moeten hopen dat het vaccineren vaart gaat maken en beelden zoals die uit Londen helpt voorkomen, maar in de tussentijd zijn dit de maatregelen die we hebben. We moeten extra waakzaam zijn omdat de ontwikkelingen zo snel gaan. Anders krijg je de situatie zoals mijn collega Arnold Bosman die zo treffend typeerde: dat momenteel het water zich terugtrekt in de aanloop naar een tsunami."

STER reclame