Max Arpels Lezer NOS
Oorlogsverhalen

Het Joodse echtpaar Max en Fia Arpels Lezer heeft de Tweede Wereldoorlog als kind overleefd door onder te duiken; hij in Friesland en zij in de Betuwe. Vandaag leggen ze samen namens de nabestaanden een krans tijdens de Nationale Holocaust Herdenking bij het Spiegelmonument in het Amsterdamse Wertheimpark.

Bij de herdenking van de slachtoffers van de Holocaust is vanwege de coronamaatregelen slechts een klein besloten gezelschap aanwezig. Ook zal er dit jaar geen stille tocht zijn voorafgaand aan de herdenking.

Niet veilig

Hoewel Max gelukkige herinneringen heeft aan zijn onderduiktijd, heeft de oorlog ook bij hem diepe sporen achtergelaten.

Hij werd als jongen van bijna zes in de zomer van 1942 door zijn vader naar zijn grootouders in Apeldoorn gebracht. In Amsterdam was het niet meer veilig voor hem. Vanuit de Gelderse stad bracht het verzet hem naar het Friese Tzummarum, waar hij liefdevol werd opgevangen door een echtpaar dat zelf een zoontje had verloren.

Max kon in Friesland gewoon naar school en hij had een goede band met zijn 'heit en mem' en zijn 'broer' Gerrit, een evacué uit Rotterdam. Ook al wist een NSB'er in het dorp van Max' Joodse achtergrond, hij werd nooit verraden.

Max Arpels Lezer (r) met zijn pleegmoeder en pleegbroer Gerrit in Friesland NOS

Zijn pleegouders wilden hem na de oorlog het liefst adopteren, maar daarmee ging Max' familie niet akkoord. In 1948, nadat hij zijn lagere school had afgemaakt, keerde hij terug naar zijn ouderlijk huis. De hernieuwde kennismaking met zijn ouders, die hij niet meer herkende, verliep uiterst stroef. Max voelde zich aan zijn lot overgelaten.

'Alles kapot geslagen'

Toen hij later via iemand uit de Joodse gemeenschap hoorde dat de vrouw van zijn vader niet zijn biologische moeder was, stortte zijn wereld in. Zijn Joodse moeder, zo bleek nu, was tijdens de oorlog opgepakt en vermoord in vernietigingskamp Auschwitz. Van haar familie had niemand de oorlog overleefd.

Zijn vader was hertrouwd, maar had Max niets verteld. "Ik was zo over mijn toeren toen ik dat hoorde. Ik heb alles kapotgeslagen wat ik kapot kon slaan."

In deze video vertelt Max Lezer hoe hij te horen kreeg dat zijn moeder was vermoord in Auschwitz:

Dat zijn moeder was vermoord in Auschwitz, werd voor Max Lezer verzwegen

Pas zeventig jaar na de oorlog zag Max voor het eerst bewegende beelden van zijn moeder, op een film die hij in de nalatenschap van zijn vader had gevonden. "Het was een ongelofelijke belevenis, dat ik haar voor het eerst 'in levenden lijve' zag."

"Voor mij begon de oorlog eigenlijk pas na de onderduik. Dat heb ik ook van veel andere onderduikkinderen gehoord", zegt Max. Jarenlang heeft hij als bestuurslid van de vereniging Het Ondergedoken Kind ontmoetingen georganiseerd voor lotgenoten.

Ook kwam er in 2000 in Amsterdam een 'monument voor het ondergedoken kind en beschermer'. Sinds hun verhuizing drie jaar geleden, kijken Max en Fia vanuit hun raam uit op dit beeld van de helper, die zijn arm slaat om de schouders van een kind.

Monument voor het ondergedoken kind en beschermer in Amsterdam ANP

STER reclame