ANP

Hoeveel ooievaars blijven er dit jaar thuis? De Stichting Ooievaars Research en Knowhow (STORK) wil met de tweedaagse-wintertelling achterhalen hoeveel trekvogels dit jaar niet naar het zuiden vertrekken.

Inmiddels is het spotten van een ooievaar niet meer zo uitzonderlijk als bijna een halve eeuw geleden Toen stierf de soort bijna uit doordat er op de akkers bijna geen voedsel te vinden was, als gevolg van intensieve landbouw. Destijds haalde de vogelbescherming 28 ooievaars uit het buitenland omdat hier nog maar zes paartjes over waren.

Frits Koopman van stichting Ooievaars Buitenstation De Lokkerij kan zich de herintroductie van de ooievaar goed herinneren. Hij stelde veertig jaar geleden zijn terrein in Drenthe beschikbaar na een oproep van de Vogelbescherming. Sindsdien ging er geen dag voorbij zonder ooievaars. "Het is echt een mooie vogel met leuk gedrag: het paringsgedrag, hoe ze knuffelen, klepperen. Maar ook de knokpartijen om nesten. We hebben hier weleens meegemaakt dat vogels elkaar in die strijd doodpikken."

Recordaantal overwinteraars

De afgelopen jaren bleven er tussen de 500 en 700 exemplaren in Nederland overwinteren. De telling in 2020 steekt daar bovenuit, met een resultaat van bijna 1000 ooievaars. Een record, volgens Annemieke Enters van Stork. Of dat aantal dit jaar ook weer wordt gehaald, is de vraag.

"Vorig jaar was het warmer en dan trekken mensen er sowieso meer op uit om te tellen. We zijn benieuwd hoeveel mensen er dit jaar mee zullen doen."

Met de telling proberen de vrijwilligers van Stork een lijn te ontdekken in het gedrag van de trekvogel. "We willen graag weten welk effect het veranderende klimaat en zachtere winters op de ooievaar hebben", zegt Annemieke Enters van de stichting.

Op basis van de eerdere tellingen en doordat jonge vogels een ring om hun poot hebben, weten onderzoekers dat vrijwel alle jonge exemplaren nog naar het zuiden trekken. "Maar de oudere ooievaars ontdekken dat ze in de winter in Nederland ook prima aan hun voedsel kunnen komen", zegt Enters.

Stadsvogel

De vogel is daardoor zeker niet uitsluitend in het buitengebied te vinden, maar inmiddels ook in de steden. Bij Tilburg zit bijvoorbeeld een groepje ooievaars dat overleeft door te jagen op muizen tussen het vuil in de milieustraat, weet ze. En in Amsterdam schuiven de ooievaars aan als het voedertijd is bij Artis. "Dit zijn plekken die door eerdere generaties ooievaars nog niet ontdekt waren", zegt Enters.

De stichting Stork vraagt iedereen die vandaag of morgen een ooievaar ziet om dat te melden. Sommige vogelaars trekken er met een verrekijker op uit, maar ooievaarkenner Koopman hoeft niet ver om mee te doen aan de telling. "Ik ga hier buiten op de bank zitten en dan tel ik de ooievaars die er zijn. Als er eentje bij komt, is het plus een en als er eentje wegvliegt is het min een."

STER reclame