School open voor noodopvang ANP

Het lijkt erop dat scholen na 19 januari nóg twee weken dicht moeten blijven. Ondertussen zit de noodopvang bij scholen en kinderopvang vol. Soms worden er zelfs kinderen geweigerd, omdat te veel ouders er een beroep op doen. "We zien een verviervoudiging van het aantal kinderen in de opvanggroep. We hebben ze nu zelfs moeten opsplitsen in meerdere groepen", zegt Jet Lovink, adjunct-directeur van de Columbusschool in Almere.

Ook ouders zitten met de handen in het haar. "Mijn mailbox ontplofte toen het nieuws dat de lockdown misschien verlengd wordt naar buiten kwam: zoveel ouders zien het niet meer zitten. De rek is eruit", zegt Marjet Winsemius van stichting Voor Werkende Ouders.

Ook de PO-Raad krijgt signalen dat het 'onmogelijke' bijna is bereikt. "De verwachtingen rond de noodopvang zijn momenteel onrealistisch", zegt Ad Veen, woordvoerder van de brancheorganisatie. Hij schat dat op veel scholen ongeveer 25 tot 40 procent van de leerlingen momenteel bij de noodopvang zit. Een beeld dat de Branchevereniging Kinderopvang en de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) herkennen.

Bij de Columbusschool kwamen de vorige lockdown gemiddeld 18 kinderen, nu zijn dat 80. "Ouders met een cruciaal beroep waren in de eerste lockdown veel angstiger, en hielden hun kinderen thuis. Nu hebben ze zoiets van: ik moet echt aan het werk, anders raak ik mijn baan misschien kwijt", zegt Lovink.

Ook de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) ziet dat sommige scholen tegen grenzen aan lopen door de toename. Daarom roept de vereniging ouders op om alleen gebruik te maken van de noodopvang als het echt niet anders kan. "De scholen hebben qua ruimte misschien wel genoeg plek, maar je moet ook het personeel hebben. Daar is vaak al een tekort aan. Nu helpen gymleraren, onderwijsassistenten en stagiaires", zegt woordvoerder Rob van Ooijen.

Geen les, maar toezicht

Over de invulling van de dag bestaat vaak een verkeerd beeld, zegt Lovink. Ouders denken namelijk dat in de noodopvang les wordt gegeven, zoals op een normale schooldag, maar bij veel scholen wordt er vooral toezicht gehouden en begeleid. "Of je nou thuis of in de noodopvang achter je laptop zit: je krijgt gewoon dezelfde les. Het is niet alsof er een leraar nog extra voor de klas staat in de noodopvang."

Want die ruimte is er niet. "Op een groep van 32 kleuters heb je toch al snel 3 begeleiders nodig. Ouders realiseren zich niet altijd hoeveel gedoe het is."

Het gaat gewoon niet, dat werken met een peuter op schoot.

Marjet Winsemius, stichting Voor Werkende Ouders

De ouders zitten er zelf ook doorheen, zegt Winsemius. In het voorjaar losten veel ouders de opvang zelf op, nu is dat anders. "Nu zeggen ze: hallo, ik heb recht op opvang. Ik heb een cruciaal beroep. Het gaat gewoon niet, dat werken met een peuter op schoot."

Daarom luidt Winsemius met haar stichting de noodklok. "De leerachterstanden zijn schrijnend, maar wij maken ons inmiddels meer zorgen over de mentale toestand van de ouders zelf en het effect daarvan op kinderen. De spanningen lopen echt op bij mensen thuis."

Dat herkent ook René Loman van Brancheorganisatie Kinderopvang. "De rek is er bij veel ouders uit. Mensen hebben minder schroom om kinderen te brengen en we merken dat sommige mensen de term cruciaal beroep iets ruimer interpreteren dan de bedoeling is. Maar hé, wij zijn geen scheidsrechter."

Meer inlevingsvermogen als werkgever

Vooral de werkgever moet meer gaan doen, zegt Winsemius. Veel ouders ervaren namelijk druk vanuit het werk om naar kantoor te komen. "Er moet meer ruimte komen om werk en de zorg voor kinderen te combineren. Anders hebben straks al je werknemers met kinderen een burn-out en ben je verder van huis. Heb wat meer inlevingsvermogen als werkgever."

Ook Loman ziet dat de druk vanuit de werkgever effect heeft. "Als een werkgever je aanspoort om - op kantoor - te werken en je hebt de kinderen thuis, dan kan dat echt heel lastig worden."

Veen van de PO-raad hoopt dat de scholen snel, mits verantwoord, open kunnen. "Iedereen moet momenteel inleveren: de ouders, de leraren, de kinderen. Het is een totaal ongewenste situatie en het water staat ons aan de lippen. We moeten nog even doorbijten."

Nu geen maatregelen

In een reactie zegt het ministerie van Onderwijs dat er voorlopig geen strengere maatregelen komen om ervoor te zorgen dat het op de noodopvang minder druk wordt. Een woordvoerder benadrukt dat de noodopvang alleen geldt voor kinderen voor wie een uitzondering is gemaakt: de ouders moeten een cruciaal beroep hebben of er moet een moeilijke thuissituatie zijn. Het ministerie spreekt van een gemêleerd beeld, waarbij het ook op veel plaatsen goed gaat.

STER reclame