anp

Er zijn nog veel vragen over waar de 20 miljard euro uit het Nationaal Groeifonds naartoe moet, bleek bij een hoorzitting in de Tweede Kamer. Twaalf deskundigen waren uitgenodigd om hun ideeën en kritiek te geven op het fonds, dat begin september werd aangekondigd. Ondertussen dringt te tijd: zondag moeten de ministeries met de eerste plannen komen.

In de hoorzitting stond een vraag centraal: waaraan moet het geld besteed worden? Daarmee lag de vinger ook meteen op de zere plek: volgens critici wordt een pot geld geleend waar nog niet een heel duidelijk doel voor is, anders dan dat het ten goede moet komen aan het groeivermogen van de Nederlandse economie.

Hoogleraar ziet 'majeure vergissing'

De stevigste kritiek kwam van econoom Bas Jacobs, hoogleraar economie en overheidsfinanciën aan de Erasmus Universiteit. Hij noemde de insteek van het fonds om plannen af te rekenen op hun bijdrage aan de groei van de economie een "majeure vergissing".

Volgens Jacobs moeten projecten alleen worden beoordeeld op of ze de welvaart vergroten. Dan kan er bijvoorbeeld besloten worden om te investeren in het milieu, ook al leidt dat niet tot groei van de economie. En andersom: "Dat betekent bijvoorbeeld dat een privaat project met uitsluitend private opbrengsten niet met publiek geld moet worden bekostigd, ook al leidt het tot een forse stijging van het bbp."

'Bureaucratische miskleun'

Ook heeft de hoogleraar bedenkingen bij de tienkoppige commissie die straks mag beoordelen waar het geld heen gaat - en waar niet. De leden worden aangewezen door ministeries. De procedure zelf noemt hij een "bureaucratische miskleun", die vooral werk verschaft aan consultants en ambtenaren, en de beoordelingscommissie zelf "onvoldoende deskundig". Ze zouden geen verstand hebben van het afwegen van maatschappelijke belangen.

Bovendien hebben sommige commissieleden volgens Jacobs eigen belangen "commercieel, financieel of andere, bij de investeringsaanvragen. En dat kan leiden tot belangenverstrengeling."

De ministers Hoekstra (l) en Wiebes presenteerden het fonds op 7 september ANP

Kritische vragen kwamen ook van andere genodigden. "Ik ben positief over het fonds, het is noodzakelijk om te investeren in de toekomst", zegt Janneke Niessen, van tech-investeringsfonds CapitalT. Maar ook zij ziet nog problemen. "Er mist een duidelijke strategie en visie voor het fonds waarin keuzes worden gemaakt. Wat is belangrijk en op welk gebied willen we leidend zijn?"

Paul de Krom, voorzitter van de raad van bestuur van TNO, vindt de stap van het kabinet om 20 miljard euro te investeren in toekomst, welvaart en welzijn dapper. Hij heeft nog wel twijfels over wat het fonds nou toevoegt: "We hebben als het gaat om topsectoren en innovatiebeleid de afgelopen jaren een mooie raceauto gebouwd. Het kabinet stopt daar met die 20 miljard extra brandstof in. Maar de vraag is: is het kabinet niet een volledig nieuwe auto aan het bouwen? We hebben als TNO veel kennis in huis over welke factoren kans op succesvolle innovatie beïnvloeden. Zorg dat we niet weer helemaal opnieuw beginnen."

Kritisch rapport

Het zijn allemaal kritiekpunten die niet nieuw zijn. Eerder al kwamen zowel de Algemene Rekenkamer als de Raad van State met een kritisch rapport. Beide zijn adviesorganen van het kabinet, die toetsen of beleid van de overheid aan de wet voldoet en of geld goed terechtkomt.

Zo constateert de Algemene Rekenkamer dat er al veel vergelijkbare fondsen en regelingen bestaan en vraagt zich af wat dit fonds dan toevoegt. De Raad van State wijst erop dat het kabinet geen duidelijke doelen noemt voor de besteding van het geld uit het fonds, terwijl dat wettelijk wel verplicht is.

Die wettelijke verplichting heeft een duidelijke reden: "Daarmee wordt voorkomen dat geld een bestemming gaat zoeken en gelden ondoelmatig worden besteed. Tevens is daarmee voor het parlement duidelijk waarop het de regering kan controleren." De raad waarschuwt ervoor dat dus niet goed gecontroleerd kan worden of het geld goed terechtkomt. Het uiteindelijke advies aan het kabinet loog er niet om: dien dit plan niet in.

Kamerleden vol vragen

Ook Kamerleden zelf zoeken nog naar antwoorden op belangrijke vragen, bleek tijdens de hoorzitting. Vragen over waar het geld nou aan besteed zou moeten worden, welke doelen de overheid zou moeten kiezen en wat beter aan het bedrijfsleven zelf overgelaten kan worden.

Wat kan het bedrijfsleven nu niet en het fonds wel, vroeg CDA-Kamerlid Mustafa Amhaouch aan investeerder Niessen. Waar zijn we in Nederland goed in, wilde VVD-Kamerlid Dennis Wiersma weten van ASML-topbestuurder Jos Benschop. "Ik ben benieuwd: welke sterktes wil Nederland uitbouwen en benutten zodat we mondiaal het verschil kunnen maken? En op welke markten wil ons land actief zijn?"

Het zijn vragen waar toch snel een antwoord op moet komen. Het is de bedoeling dat aankomende zondag de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van Economische Zaken en Klimaat en van Infrastructuur en Waterstaat plannen indienen waar de beoordelingscommissie van het fonds zich over kan buigen.

STER reclame