Reuters

Onderzoekers naar veilingen hebben dit jaar de Nobelprijs voor Economie binnengesleept. De eer ging naar de twee Amerikanen Paul Milgrom en Robert Wilson. Zij krijgen samen bijna 1 miljoen euro om onderling te verdelen.

De twee onderzochten hoe veilingen werken en ontwikkelden zelf ook nieuwe modellen voor veilingen. Bijvoorbeeld voor de verkoop van goederen en diensten die moeilijk te veilen zijn, zoals radiofrequenties.

"Tegenwoordig wisselen objecten die astronomische bedragen waard zijn dagelijks van hand in veilingen. Niet alleen huishoudelijke spullen, kunst en antiek, maar ook effecten [financiële producten, red], mineralen en energie. Aanbestedingen door de overheid kunnen ook als veiling uitgevoerd worden", zegt de commissie die over de prijs gaat in de toelichting.

De winnaarsvloek

Milgrom en Wilson probeerden met hun onderzoek te begrijpen wat de uitwerking is van verschillende regels voor veilingen. Een ingewikkelde zaak, volgens de commissie, omdat bieders strategisch te werk gaan. Ze handelen niet alleen op basis van de informatie waarover ze zelf beschikken, maar ook op basis van wat zij denken dat andere bieders weten.

Zo nam Wilson veilingen onder de loep waarbij de prijs van datgene dat geveild wordt van tevoren onzeker is, maar achteraf voor iedereen hetzelfde. Dat is bijvoorbeeld vaak zo bij de verdeling van radiofrequenties of het opkopen van mineralen in de grond.

De in 1937 geboren Amerikaan, die nu emeritus professor aan de Stanford Universiteit in de VS is, toonde aan waarom rationele bieders over het algemeen lager bieden dan wat zij zelf denken dat de waarde is. Ze zijn bang voor de 'winnaarsvloek': dat ze weliswaar de bieding winnen, maar te veel betalen en dus eigenlijk ook verliezen.

Zijn mede-winnaar Milgrom, geboren in 1948, is eveneens professor aan de Stanford Universiteit. Hij ontdekte dat een verkoper meer geld ophaalt bij een veiling als de potentiële kopers tijdens het bieden van elkaar weten hoeveel ze schatten dat hetgeen waarop ze bieden waard is.

Beiden hebben nieuwe modellen voor veilingen uitgevonden die bijvoorbeeld overheden kunnen toepassen. De modellen bieden een verkoper die niet gaat voor de hoogste prijs maar voor het brede maatschappelijke belang de mogelijkheid om meerdere zaken die met elkaar samenhangen tegelijk te veilen. Dat type veilingen is bijvoorbeeld gebruikt bij het verdelen van slots op vliegvelden om te mogen landen, en dus bij de verdeling van radiofrequenties.

'Van groot maatschappelijk belang'

"De winnaars van dit jaar begonnen met fundamentele theorieën en pasten die later toe in de praktijk", verklaart Peter Fredriksson, voorzitter van de commissie voor de prijs. "Die toepassingen zijn over de hele wereld gebruikt. Hun ontdekkingen hebben grote toegevoegde waarde gehad voor de maatschappij."

De Nobelprijs voor de economie is in feite geen 'echte' Nobelprijs. Officieel heet de prijs de 'Sveriges Riksbank Prize in Economic Sciences in memory of Alfred Nobel', ter nagedachtenis dus aan Alfred Nobel. Deze is pas in 1969 toegevoegd aan de vijf bestaande categorieën, ter ere van de 300e verjaardag van de Zweedse centrale bank.

STER reclame