Los Angeles Lakers is voor de zeventiende keer in de geschiedenis kampioen van de NBA geworden, een evenaring van het record van Boston Celtics. De ploeg van sterspeler LeBron James besliste de finale met 4-2 in zijn voordeel door ook het zesde duel met Miami Heat te winnen: 106-93.

Zo sloten de Lakers een bewogen seizoen, waarin clubicoon Kobe Bryant overleed, het coronavirus uitbrak en de Black Lives Matter-beweging ook zijn stempel drukte op de sportwereld, toch nog met een enorm hoogtepunt af.

Vierde titel James met derde team

Voor James - gekozen tot beste speler van de Finals - betekent het zijn vierde NBA-titel met drie verschillende teams. Hij werd eerder al kampioen met Miami Heat (2012 en 2013) en Cleveland Cavaliers (2016).

James was ook de aanjager van de laatste zege op Miami. Hij was goed voor 28 punten, 14 rebounds en 10 assists, maar liet zich ook defensief gelden. Rajon Rondo blonk ook uit, waardoor de Lakers halverwege al met 28 punten voor stonden.

"Het betekent veel voor me om voor deze club te spelen", zei James na afloop. "Toen ik hier in 2018 kwam (de play-offs waren toen voor het vijfde jaar op rij niet gehaald, red.), zei ik al: ik breng deze club terug naar de top. Daar horen de Lakers thuis."

Alleen Michael Jordan is meer gelauwerd dan James met zes NBA-titels en ook zes uitverkiezingen tot beste speler van de finale. "Maar ik zet James boven Jordan", sprak Lakers-coach Frank Vogel na afloop. "In mijn ogen is hij de beste ooit."

Betere tijden

De NBA maakte het seizoen af in een coronabubbel op het complex van Disney World in Florida. "Nu we hier na maanden eindelijk vertrekken, willen we ook betere tijden zien. Daar moeten we met z'n allen aan werken", aldus James.

STER reclame