Getty Images

Een enquête onder meer dan 800 Nederlandse en Vlaamse psychiaters en psychiaters in opleiding, geeft een verontrustend beeld over de beroepsgroep. Bijna 30 procent van de ondervraagde psychiaters voelt zich emotioneel uitgeput. Een even groot deel denkt er weleens aan te stoppen met het werk.

"Dat is zorgelijk", zegt Joeri Tijdink van De Jonge Psychiater, de belangenorganisatie die de enquête opstelde. "Enerzijds zie je hele gepassioneerde mensen die er heel graag voor hun patiënten willen zijn. Maar anderzijds lopen ze er ook tegenaan dat ze geen autonomie voelen en worden tegengewerkt door bureaucratie. Dat is een hele ingewikkelde patstelling."

Werkdruk

De ondervraagden geven aan vooral ontevreden te zijn over hun positie binnen de ggz. Vier op de tien geven aan dat de gezondheidszorg te groot is geworden om nog persoonlijke zorg te kunnen bieden. Ook willen ze een meer leidende rol.

"De psychiater is de laatste jaren gemarginaliseerd in ggz-instellingen", zegt Tijdink in het NOS Radio 1 Journaal. "We worden steeds meer naar achteren geschoven en er eigenlijk pas bij geroepen als er problemen zijn of als het heel erg complex wordt."

Ook vinden bijna alle psychiaters de wachtlijsten te lang en hebben velen last van de hoge administratieve druk. Verder klagen ze erover dat maatschappelijke problemen op het bordje van de psychiaters terechtkomen, zoals de behandeling van de zogenoemde verwarde personen.

We moeten ook de hand in eigen boezem steken, want we hebben ons de kaas van het brood laten eten.

Joeri Tijdink van De Jonge Psychiater

De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) herkent het beeld dat Tijdink schetst. "De dingen die worden genoemd zie ik natuurlijk ook", zegt voorzitter Elnathan Prinsen. "Je raakt soms bekneld tussen de dingen die je zelf goed vindt voor de patiëntenzorg en de dingen die de organisatie van je verwacht."

Volgens Prinsen zijn psychiaters duur en schaars en wordt daarom gekeken hoe ze zo min mogelijk kunnen worden ingezet. "Dan ga je het zo verdelen dat de mensen die het meest schaars zijn, het minst hoeven te doen."

En dat leidt tot een negatieve spiraal, zegt Prinsen. "Aan de ene kant krijgen psychiaters het gevoel dat ze hun vak niet in de volle breedte kunnen uitoefenen. En daarom gaan ze weg uit de ggz-instelling, waardoor ze nog schaarser worden."

'Hand in eigen boezem'

Volgens Tijdink van De Jonge Psychiater zijn er structurele wijzigingen nodig voor de beroepsgroep. Zo pleit hij voor een betere communicatie tussen instellingen die patiënten doorsturen.

"Ik denk dat wij veel meer kunnen doen door ons te organiseren en te kijken: hoe kunnen we ervoor zorgen dat die patiëntenzorg beter wordt", zegt Tijding. "Maar we moeten ook de hand in eigen boezem steken, want ik denk dat we ons een beetje de kaas van het brood hebben laten eten."

'Psychiaters ook enthousiast'

Ook Prinsen van de NVvP denkt dat de rol van de psychiater nog eens tegen het licht moet worden gehouden. "Het gaat er vooral om: waar zet je ze in. Je moet psychiaters vooral aan de voorkant zetten. Goede diagnostiek, goede indicatiestelling en dan afhankelijk van de indicatie, ook een rol in de behandeling geven."

Ondanks alle zaken waar psychiaters tegenaan lopen, zijn ze ook tevreden, voegt Prinsen toe. Zo worden bijna alle psychiaters heel enthousiast van het contact met patiënten. "Het overgrote deel heeft ook het gevoel dat hij of zij echt iets kan betekenen voor patiënten."

STER reclame