NOS/Bart Kamphuis

Het Duitse kabinet gaat een basispensioen voor lage inkomens invoeren, de zogenoemde Grundrente. Ouderen die 33 jaar of langer hebben gewerkt en toch een pensioen onder het bijstandsniveau hebben, ontvangen een toeslag. Het gaat om ongeveer 1,3 miljoen Duitse ouderen.

De invoering van de Grundrente is een succes voor de sociaaldemocratische SPD in de regering. Het basispensioen is in Duitsland een politiek zeer beladen thema. Eind vorig jaar nog stond de coalitie van de christendemocratische CDU en de SPD onder druk vanwege de pensioendiscussie. De SPD vindt de huidige pensioenregeling oneerlijk.

Duitsers betalen in hun werkzame leven voor hun eigen pensioen, zonder dat de overheid daar geld bijlegt. Mensen met een laag inkomen krijgen automatisch een lager pensioen. Met het nieuwe pensioenakkoord moet de kloof tussen arm en rijk onder ouderen gedicht worden. De regeling gaat volgend jaar in.

Veel mitsen en maren

In Duitse media wordt de Grundrente veelvuldig met de Nederlandse AOW vergeleken. "Waarom kunnen wij niet hebben wat bij onze buren wel werkt?", klinkt het. Toch zijn Grundrente en AOW niet hetzelfde. Iedereen die in Nederland heeft gewoond en/of gewerkt heeft hoe dan ook recht op een basispensioen. Wie dat zijn hele leven heeft gedaan, kan maandelijks op bijna 1200 euro (netto) rekenen.

In Duitsland gelden meer regels. Pas wie minstens 33 jaar heeft gewerkt - hieronder valt ook opvoeding van kinderen en mantelzorg - krijgt een vast bedrag per maand om het inkomensafhankelijke pensioen mee aan te vullen.

De rekenformule is complex. De maximale toeslag die mensen krijgen is zo'n 405 euro per maand. Naar schatting zal de nieuwe regeling de Duitse regering 1,3 miljard euro per jaar gaan kosten.

Anders dan de AOW is de Grundrente zelf ook inkomensafhankelijk. Alleen wie door de jaren heen tussen de 30 en 80 procent van het gemiddelde maandinkomen heeft verdiend, maakt aanspraak op een uitkering. Wie na pensioengerechtigde leeftijd blijft doorwerken krijgt minder. Conclusie: de Grundrente is er alleen voor wie echt niet zonder kan.

Spaargeld blijft buiten schot

Over hoe dat bepaald zou moeten worden, was vooraf nog enige discussie. De SPD wilde verhinderen dat burgers hun hele financiële situatie op tafel zouden moeten leggen. De christendemocraten wilden daarentegen voorkomen dat mensen die het geld eigenlijk niet nodig hebben een uitkering zouden krijgen. Over deze splijtzwam is consensus bereikt: het maandelijks inkomen van gepensioneerden wordt getoetst, spaargeld en ander vermogen worden niet nagetrokken.

Een ander punt van kritiek: de ondergrens van 33 werkzame jaren. Wie minder heeft gewerkt, wel premie heeft afgedragen en nu toch in armoede leeft, valt buiten de boot, zegt Johannes Vogel van de liberale FDP. De Grundrente in haar huidige vorm is geen effectief middel tegen ouderenarmoede, zo klinkt het vanuit die partij.

STER reclame