NOS

De Nederlandse bloemen- en fruitcorso's en het Zomercarnaval Rotterdam zijn genomineerd voor de Internationale Immaterieel Erfgoedlijst van werelderfgoedorganisatie Unesco. Minister Van Engelshoven vindt dat de evenementen een plaats op de lijst verdienen omdat ze "de culturele diversiteit van Nederland weerspiegelen, mensen verbinden en een gevoel van identiteit verlenen".

Doel van de lijst is bescherming en waardering voor gebruiken, rituelen, feesten en ambachten. De corsocultuur en het Zomercarnaval zijn gekozen omdat de evenementen "dicht bij de bevolking staan, door jong en oud beoefend worden en onderlinge samenwerking tussen mensen en gemeenschappen centraal staat", zegt directeur Leo Adriaanse van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland, die betrokken is bij de voordracht.

Dit zijn beelden van het laatste Zomercarnaval, waar zo'n 3000 mensen aan meededen:

Swingende heupen, Caribische muziek en heel veel kleur bij het Zomercarnaval

Op de Internationale lijst van Immaterieel Erfgoed komen, is voor de organisaties belangrijk omdat ze daarmee "zien dat de minister oog heeft voor wat het doet in de samenleving", weet Adriaanse. "Mensen zijn er het hele jaar mee bezig en dat toont de kracht van dit erfgoed." In het hele land vinden jaarlijks ongeveer dertig corso's plaats. Het Zomercarnaval Rotterdam is een jaarlijks festival.

De evenementen kunnen over de grens anderen inspireren, volgens Adriaanse: "Duitsland, België, Oostenrijk en Colombia hebben bijvoorbeeld al interesse in de samenwerkingsvormen van corso's."

Lennart Schrauwen van het corso in Zundert noemt de nominatie fantastisch voor de organisatie. "We zijn enorm vereerd. We staan al op de lijst van Nederlands Erfgoed, dus het voelt als een mooie erkenning dat het nu mogelijk ook wereldwijd wordt", zegt Schrauwen tegen Omroep Brabant. Hij hoopt op meer internationale aandacht.

Kippenvelmoment

Ook het fruitcorso in Tiel is vereerd: "Dit is weergaloos, echt een kippenvelmoment voor de mensen die bij het corso betrokken zijn", zegt woordvoerder Martijn van Eck tegen Omroep Gelderland. Dat er met een Unesco-stempel opeens deuren opengaan, merkte het corso-bestuur van Vollenhove in 2013. In dat jaar kwamen bloemencorso's op de Nederlandse lijst van Unesco. "Sindsdien krijgen we ook subsidies en merken we dat de gemeente actiever meedenkt", legt Claudia Lassche van dat corso uit bij RTV Oost.

Fruitcorso in Tiel anp

De organisaties zijn al jaren bezig om de nominatie voor de internationale erfgoedlijst rond te krijgen. Paul Bastiaanse van de Corsokoepel: "De belangrijkste mijlpaal is nu genomen. We werken hard aan een voordracht-dossier, waarin we uitleggen wat de corso's inhouden en hoe de gemeenschappen betrokken zijn." Hij is zelf opgegroeid met corso's: "Deelname gaat van generatie op generatie en bindt individuen samen tot gemeenschappen. Dat is hard nodig."

Voorwaarden

Om op de internationale lijst te komen moet het erfgoed aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet er stevig draagvlak zijn in de gemeenschap. "Het is geen topdown nominatie, de voordracht moet echt vanuit de gemeenschappen zelf komen", zegt Adriaanse. Deze evenementen zijn nu gekozen uit een langere lijst met voorgedragen erfgoed. Met de nominatie volgt de minister het advies van de Raad voor Cultuur.

De nominatie voor de corsocultuur moet vóór 31 maart zijn ingediend. In 2021 wordt bekend of de corso's in de internationale lijst worden opgenomen. De voordracht van het Zomercarnaval wordt in 2021 ingeleverd. In 2022 wordt bekend of ook dit evenement de lijst haalt.

Op de internationale lijst voor Immaterieel Erfgoed staat nu pas één Nederlandse inzending. In 2017 is het molenaarsambacht op de lijst gekomen. Nederland erkent de Unesco Internationale Immaterieel Erfgoed-lijst sinds 2012.

STER reclame