Het gerestaureerde middenpaneel van het Lam Gods AFP

Na een restauratie van drie jaar is sinds vandaag het onderste middenpaneel van meesterwerk De aanbidding van het Lam Gods weer te zien op de vertrouwde plek in de Gentse Sint-Baafskathedraal. Die heugelijke terugkeer wordt alleen overschaduwd door de facelift van de hoofdrolspeler van het altaarstuk uit de vijftiende eeuw; het lam dat Jezus Christus symboliseert.

Sinds maandag een tweet met een foto van het gerestaureerde lam driftig werd gedeeld, regent het memes op sociale media. En internationale media schrijven voornamelijk jolig over de 'Lamb of (oh my) God' (The Guardian), die volgens het magazine van The Smithsonian "verontrustend mensachtig" is.

Het lam heeft sinds kort zelfs een 'eigen' Twitteraccount waarmee het zegt iedereen in de gaten te houden met zijn nieuwe, priemende ogen.

De collectieve opwinding onderstreept vooral dat het opgefriste uiterlijk van een van de beroemdste dieren uit de kunstgeschiedenis even wennen is. Ook al lieten de restaurateurs anderhalf jaar geleden al weten dat het lam een drastische make-over zou krijgen.

In 2012 begon de restauratie van de in totaal elf originele panelen van het altaarstuk. In 2016 werd het beroemde middenpaneel naar het restauratieatelier gebracht.

Honderden jaren keek het lam op dat paneel met een mysterieuze blik naar zijn bewonderaars. Met de ogen en snuit vaagjes zichtbaar. Maar de restaurateurs ontdekten snel onder een dikke laag verf en vernis dat de gebroeders Jan en Hubert van Eyck in 1432 een heel ander lam aan de wereld wilden tonen.

Eentje met een menselijker gezicht, lagere oren en een opvallendere, andere mond.

Bekijk hier het lam zoals het voor de restauratie was (links) en na de restauratie (rechts). Je kan schuiven met het balkje in het midden (app-gebruikers moeten eerst op 'bekijk' klikken):

Het Lam Gods, voor en na de restauratie

Hélène Dubois leidde de restauratie van De aanbidding van het Lam Gods. Hoewel haar werk volop aandacht krijgt vanwege de metamorfose van het lam, kan ze niet lachen om de vele grappen die worden gemaakt. "Ik vind het compleet respectloos voor de originele kunstenaars", zegt Dubois in een interview met de Belgische krant De Morgen.

"De twee kunstenaars zijn de grootste meesters van de Vlaamse schilderkunst. Het originele werk is nu na eeuwen opnieuw zichtbaar en dan wordt het gewoon belachelijk gemaakt."

Ze legt uit dat het menselijke gezicht van het lam past in de context van de tijd van de gebroeders Van Eyck. Waarbij het de bedoeling is dat het lam met de indringende blik toeschouwers het werk in trekt.

Ruim honderd jaar later werd het werk overgeschilderd en aangepast met het meer dierlijke uiterlijk. Mogelijk omdat het menselijke gezicht niet meer strookte met de tijdsgeest en leer van de kerk, zegt Dubois.

Correspondent Sander van Hoorn maakte in 2018 een reportage over de restauratie van het Lam Gods:

Lam Gods kijkt ons veel indringender aan

Boven alles past de discussie over het lam perfect binnen de historie van het meesterwerk. Die is namelijk nooit zonder beroering geweest.

Zo moest het altaarstuk in 1566 al in allerijl verborgen worden in de toren van de Sint-Baafskathedraal, om gered te worden van vernietiging tijdens de beeldenstorm. In de eeuwen daarna overleefde het werk op wonderlijke wijze kerkbranden, diefstallen en oorlogen, waarbij zelfs panelen doormidden zijn gezaagd.

Na de Eerste Wereldoorlog kwamen de twaalf panelen dankzij het Verdrag van Versailles weer bij elkaar. Even was het werk compleet, tot in 1934 bij een kunstroof twee zijpanelen werden gestolen. Een paneel, St. Jan de Doper, keerde een maand later terug. Het andere paneel, de Rechtvaardige Rechters, is nog altijd spoorloos.

STER reclame