Jonge zorgmedewerkers zijn vooral gericht op persoonlijke ontwikkeling NOS/Jeroen van Eijndhoven

Het lukt zorginstellingen steeds beter om nieuw personeel te werven, maar niet om het te behouden. Binnen twee jaar is 43 procent van de nieuwe medewerkers weer vertrokken, zegt een adviescommissie onder leiding van Doekle Terpstra.

In 2017 wist de zorgsector 136.000 nieuwe medewerkers te werven. Afgelopen jaar was de instroom opgelopen tot 152.000. Op een totaalaantal van 1,2 miljoen zorgmedewerkers is dat heel behoorlijk, vindt de commissie.

"De werving is zelfs zo succesvol dat het onderwijs aanloopt tegen de grenzen van wat ze aankunnen", zei Terpstra in het NOS Radio 1 Journaal.

Vergiet

Het probleem is de uitstroom, die rond de 110.000 per jaar blijft liggen. Terpstra maakt de vergelijking met een vergiet: de sector weet de nieuwe aanwas niet vast te houden.

En dat komt niet, zoals vaak wordt gedacht, doordat de salarissen te laag zijn. Ook de werkdruk is niet het allergrootste struikelblok, al is het wel een probleem dat nieuwe medewerkers niet goed worden begeleid en te veel verantwoordelijkheden krijgen.

Volgens de commissie is het vooral het gebrek aan loopbaanperspectief en goed werkgeverschap dat de sector opbreekt. Met name millennials (de generatie van twintigers en dertigers) zijn gericht op persoonlijke ontwikkeling en daar is de zorg onvoldoende op ingesteld, zegt Terpstra.

"Ik denk dat de zorg er nog te veel van uitgaat dat iedereen wel gemotiveerd is. Maar jonge mensen komen op een andere manier op de arbeidsmarkt dan mijn generatie. Ze hebben wensen op het gebied van loopbaanperspectief. Ze zijn niet allemaal uit op meer inkomen, maar op persoonlijke ontwikkeling."

Credo

Een ander probleem is de concurrentie in de zorg. Het is elke instelling voor zich, blijkt uit de analyse van de commissie, terwijl de instellingen juist zouden moeten samenwerken. Terpstra: "Ons credo luidt daarom: samenwerken is het nieuwe concurreren."

Volgens Terpstra is minister De Jonge met zijn beleid op de goede weg en ligt de bal nu vooral bij de werkgevers.

Minister de Jonge is het daar mee eens: volgens hem komt het nu vooral aan op "goed werkgeverschap". De Jonge ziet grote verschillen tussen zorginstellingen, waarbij nog veel "van elkaar te leren valt".

Hij denk daarbij aan meer vaste contacten, meer steun en begeleiding op de werkvloer en het terugdringen van administratieve lasten, want "we kunnen het ons niet veroorloven om mensen kwijt te raken".

Minister de Jonge zegt dat het er nu op aan komt om mensen in de zorg vast te houden nu de instroom is toegenomen.

De Jonge: het komt nu aan op goed werkgeverschap in zorg

STER reclame