PFAS komt via de industrie en verschillende producten in water, voedsel en milieu terecht NOS
NOS Nieuws Economie

Een norm van acht keer meer PFAS in de grond, hoe veilig is dat?

De strenge PFAS-norm is verruimd, zodat de bouwers en baggeraars weer aan de slag kunnen. Die reageren gematigd positief en ingewijden denken dat driekwart van het bouw- en baggerwerk hierdoor weer door kan gaan.

Die eerste strenge norm werd in eerste instantie ingesteld omdat er zorgen waren over de giftigestoffengroep PFAS. De stoffen zijn mogelijk kankerverwekkend. Kan de norm dan wel zomaar worden opgerekt naar 0,8?

De norm van 0,1 'had niks met veiligheid te maken'

"Acht keer zo hoog klinkt alsof het in één keer veel hoger is, maar acht keer een heel klein beetje is nog steeds een relatief lage concentratie", zegt Arjen Wintersen van het RIVM.

Hans Slenders, van het expertisecentrum PFAS: "Die norm van 0,1 was zo laag, dat had niks te maken met wat er maximaal veilig was." Zo'n lage norm is beleid bij stoffen waar we nog weinig van weten. Dan geldt de laagst meetbare waarde, in dit geval 0,1, om ervoor te zorgen dat de grond niet verder vervuild raakt.

"Daarom is acht keer zo veel ook niet helemaal de goede term", zegt Jacob de Boer, hoogleraar milieuchemie en toxicologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. "Eigenlijk stond de norm op nul", zegt hij. Alleen als er aantoonbaar géén PFAS in de grond zat, mocht je het zonder gedoe verplaatsen.

'Blij verrast'

Nu is de norm dus 0,8 - nog steeds minder dan een miljoenste deel van een gram. Volgens De Boer is dat nog steeds veilig.

"Het is altijd moeilijk om je daar een voorstelling van te maken", zegt hij. "Maar neem bijvoorbeeld een bouwvakker. Die staat te spitten in de grond. Stel, je krijgt elke dag een kilo grond over je heen met deze hoeveelheid PFAS erin, en stel dat alles wordt opgenomen in je bloed, dan nog is het veilig."

Ook Annemarie van Wezel, hoogleraar milieu ecologie aan de Universiteit van Amsterdam, vindt het verstandig dat de norm is verruimd, ook vanwege de problemen die de lage norm veroorzaakte. "We zitten nog aan de veilige kant, het zit een factor 10 onder wat we inschatten als veilig."

De Boer heeft het, omdat het gaat over verschillende stoffen, in sommige gevallen zelfs over een factor 100.

Kanttekening

Emeritus hoogleraar toxicologie aan de Universiteit van Utrecht, Martin van den Berg vindt de norm ook acceptabel, maar plaatst wel een kanttekening. "Dat is met de kennis van nu. De toxicologische risico's moet het RIVM nog berekenen."

Daarbij baseert het RIVM zich bij de analyse voornamelijk op twee van de duizenden PFAS-stoffen: PFOA en PFOS, die inmiddels zijn verboden.

Gemeenten en provincies werken hard om in kaart te brengen hoe hoog het PFAS-gehalte in hun grond is. Dat gaat zo:

Zo wordt het gehalte PFAS in de grond in kaart gebracht

Risico-analyse

Van Wezel onderschrijft die kanttekening. "Van veel van die andere PFAS-stoffen is nog geen gedegen risico-analyse gedaan. Dat moet wel gebeuren."

Volgens Slenders zijn PFOS en PFOA zijn wel de twee belangrijkste PFAS-stoffen. "PFOS en PFOA horen tot de meest toxische PFAS-stoffen, en komen ook nog eens in de hoogste concentraties voor in ons land."

Het RIVM zegt dat er nu geen aanwijzingen zijn dat die andere stoffen veel voorkomen in de landbodem in Nederland, maar moedigt nieuw onderzoek daarnaar wel aan.

Ondanks de kanttekeningen zegt zowel Van Wezel als Van den Berg dat de huidige norm vanwege de lage concentratie aan de veilige kant is, en verantwoord.

Ontwikkelingen

Wintersen zegt daarbij dat normen altijd onderhevig zijn aan ontwikkelingen. "Elk nieuw inzicht is een aanleiding om normen te evalueren. Het alternatief is dat je blijft wachten, en dat er helemaal geen normen zijn. We hebben gezien wat dat voor problemen kan opleveren."

Volgend jaar gaat het RIVM op 100 plekken in het land de concentratie PFAS in de bodem meten, en op basis daarvan komt het instituut in de zomer van 2020 met een nieuwe, definitieve norm voor PFAS in de bodem.

STER reclame