ANP
NOS Nieuws Binnenland

Sterftecijfers hartpatiënten omlaag, hartcentra werken beter samen

Het klinkt misschien vanzelfsprekend, maar blijkt nu bewezen effectief: hartcentra die elkaars behandelresultaten kunnen inzien, presteren beter. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van Dennis van Veghel, zorgmanager in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven en bestuurder bij de Nederlandse Hart Registratie. Er overlijden minder hartpatiënten na een behandeling als ziekenhuizen succesvolle operatiemethodes met elkaar kunnen evalueren en delen.

Door de nieuwe werkwijze is bijvoorbeeld in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven waar Van Veghel zijn onderzoek deed het aantal sterfgevallen bij bypassoperaties en vervangingen van de hartklep gedaald. Ook de complicaties na behandeling bij hartritmestoornissen daalden van 1,8 procent naar 0,4 procent.

Sterftepercentages

Sterftepercentages zonder samenwerking hartcentra Sterftepercentages met samenwerking hartcentra
Bypassoperaties 2,3 1
Hartklepvervanging via een katheter 8,6 2,9

Het idee kwam in 2012 vanuit de twee grootste hartcentra in Nederland: het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven en het St. Antoniusziekenhuis in Nieuwegein. Zij besloten op eigen initiatief hun behandelresultaten te publiceren. Inmiddels werken veertien van de zestien hartcentra en negen van de veertien dottercentra in Nederland op deze manier samen.

De hartcentra registreren hoe operaties verlopen en of er heroperaties nodig zijn, wanneer er bijvoorbeeld complicaties zijn. Die behandelingen worden zo onderling met elkaar vergeleken.

"Je kunt nu bijvoorbeeld als je merkt dat een ziekenhuis een bepaalde behandeling beter doet dan jouw ziekenhuis daarheen gaan om te kijken hoe zij het aanpakken en die methode overnemen", vertelt cardioloog Pim Tonino van het Catharina Ziekenhuis in het NOS Radio 1 Journaal.

Succesvolle bypassoperaties in Zwolle

Een van de operaties die nu beter verloopt is de bypassoperatie. Uit een vergelijking van de behandelresultaten bleek dat het Isala-ziekenhuis in Zwolle goed scoorde op deze operatie. Daar waren er minder complicaties en lag het sterftecijfer na een operatie ook lager.

Het ziekenhuis bleek de patiënt beter te monitoren door een zogenaamde Safety Check, een extra procedure om de patiënt vlak voor de operatie nog eens goed te bekijken en risico's te bespreken. Ook wordt er een echo gemaakt van de slokdarm, waardoor het operatieplan soms op het laatste moment nog wordt aangepast. De werkwijze verklaart waarschijnlijk de iets lagere sterfte na bypassoperaties dan in andere hartcentra.

Inmiddels hebben meerdere hartcentra deze Safety Check ingevoerd. Ook andere operatietechnieken van ziekenhuizen blijken succesvol en worden overgenomen. Zo heeft het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven de handelswijze bij aortaklepvervangingen aangepast, en het St. Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein heeft op een vergelijkbare manier een aantal procedures rond openhartoperaties veranderd.

Het programma kan ook helpen om de stijging van zorgkosten te beperken, doordat er minder complicaties optreden en daardoor minder heroperaties nodig zijn. "In welke mate dat gebeurt, dat is nog onderwerp van vervolgonderzoek", zegt onderzoeker Dennis van Veghel.

Zorgverzekeraar Menzis heeft hiernaast ook met diverse hartcentra afgesproken dat als een hartoperatie over moet, deze niet zomaar opnieuw betaald wordt. Ziekenhuizen die minder goede resultaten halen, door bijvoorbeeld het mislukken van een bypass- of dotteroperatie, krijgen hierdoor minder geld. Andersom krijgen ziekenhuizen die het wel goed doen meer betaald.

STER reclame