Een lid van de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) op een militaire basis in het noorden van Syrië ANP

De Verenigde Staten hebben Nederland verzocht om een nieuwe missie in Syrië militair te steunen. Deskundigen vragen zich af of daar wel politiek draagvlak voor is, en in hoeverre defensie - dat geld en mankracht tekort komt - in staat is om deel te nemen aan een mogelijke gevechtsmissie op de grond.

De Volkskrant schrijft dat de Amerikanen al een aantal maanden proberen om taken over te dragen aan Europese bondgenoten, waaronder Nederland. Het gaat bijvoorbeeld om het trainen van leden van de door de Amerikanen gesteunde oppositiebeweging Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) en het bewaken van gevangen (waaronder ook Europese IS-strijders).

President Trump kondigde eind vorig jaar aan de Amerikaanse militairen terug te trekken uit Syrië. Het aantal manschappen is gehalveerd van tweeduizend naar duizend militairen. Bondgenoten zouden er nu, samen met de overgebleven Amerikanen, voor moeten zorgen dat IS zich niet kan hergroeperen in Syrië en Irak.

De Fransen en de Britten zijn op de grond al militair aanwezig. Nederland, dat forse kritiek had op het Amerikaanse besluit om weg te gaan uit Syrië, deed tot nu toe alleen mee aan de internationale missie om IS-doelen vanuit de lucht te bombarderen. De missie van de Nederlandse F-16's kwam dit jaar ten einde.

Wat zou Nederland willen doen?

Sommige militaire taken die de VS wil overdragen liggen internationaal gevoelig. Zo is de kans klein dat Nederland de grens tussen Turkije en het door Koerden gecontroleerde noordoosten van Syrië wil bewaken. De Turken en de Syrische Koerden hebben een conflict over die grens, wat vorig jaar bijna leidde tot een oorlog. Sindsdien voeren de Amerikanen patrouilles uit in het grensgebied.

"Nederland wil geen slechte relatie met Turkije", zegt Dick Zandee, defensie- en veiligheidsspecialist bij Instituut Clingendael. "De diplomatieke relatie is al moeizaam. Patrouilleren langs de grens is echt een no-go."

Het bewaken van IS-verdachten in Koerdische gevangenenkampen levert ook een probleem op. Nederland wil niet actief bijdragen aan het terughalen van IS'ers. "Maar als je kampen gaat bewaken waar veel Europese IS-strijders met vrouw en kinderen zitten, zijn er ongetwijfeld ook Nederlanders die zich bij jou gaan melden omdat ze terug willen naar Nederland. Wat doe je dan?", aldus Zandee.

Vrouwen en kinderen in een kamp in het noordoosten van Syrië Reuters

Het trainen van SDF-leden ligt volgens Zandee minder gevoelig, omdat deze (met name Koerdische) strijders zich verder landinwaarts bevinden. En dus niet in de buurt van de grens met Turkije. "Bovendien trainen we nu al Koerdische strijders in Irak. We zijn daar goed in." Ook het opruimen van mijnen en explosieven in voormalig IS-gebied is politiek gezien waarschijnlijk onomstreden.

Volgens de Amerikaanse ambassadeur in Nederland, Pete Hoekstra, is voor al deze taken geen nieuw VN-mandaat nodig en vallen eventuele grondtroepen onder hetzelfde mandaat als de F-16's waarmee Nederland IS bestreed in Syrië en Irak.

Maar dat klopt niet, denkt Zandee: "Voor actie op de grond is echt een nieuw mandaat nodig. En een VN-mandaat komt er niet, want Rusland en China zullen dat in de Veiligheidsraad blokkeren. Nederland moet de mandaat-kwestie zelf juridisch oplossen."

Wat kan de Nederlandse krijgsmacht doen?

Los van wat de Nederlandse politiek wil en of het daar een mandaat voor kan krijgen, is het de vraag wat defensie in Syrië precies kan betekenen. Na decennia van bezuinigingen op de krijgsmacht bevindt defensie zich volgens deskundigen in een 'opbouwfase' en zijn buitenlandse missies daarom maar beperkt mogelijk.

"De landmacht en het Korps Mariniers hebben op dit moment niet de capaciteit om een fatsoenlijke bijdrage te leveren aan een missie op de grond in Syrië", zegt brigadegeneraal b.d. Ruud Vermeulen, voorzitter van de Nederlandse Officieren Vereniging (NOV). "Hoe graag de individuele militairen het ook zouden willen. Want dit is hun vak, het is waar ze voor oefenen."

"Veel voertuigen zijn nog niet inzetbaar en er is te weinig mankracht. Er zijn eenheden die maar voor 60 tot 70 procent gevuld zijn. Dat kan niet, dit is waarom de missie in Mali gestopt is", aldus Vermeulen. "Nu met grondtroepen naar Syrië gaan is niet logisch. Ik zeg: het is de goede vraag op het verkeerde moment."

We kunnen de Amerikanen versterking bieden met een klein aantal officieren en hoge onderofficieren. Meer zie ik op dit moment niet gebeuren.

Brigadegeneraal b.d. Ruud Vermeulen

Toch begrijpt Vermeulen dat de Nederlandse regering druk voelt om aan het Amerikaanse verzoek tegemoet te komen. "Nederland heeft er eerder flink op aangedrongen dat Amerika in Syrië moet blijven."

Bovendien worden lidstaten van de NAVO op twee dingen afgerekend: de investering in de nationale krijgsmacht (volgens afspraak moet dat in 2024 ten minste 2 procent van het bruto binnenlands product zijn) en de deelname aan internationale missies. Vermeulen: "Op het eerste scoren we slecht, dus dan moeten we maar meedoen aan gevaarlijke missies, is de gedachte."

Maar wat is dan haalbaar voor defensie? "We kunnen de Amerikanen versterking bieden met een klein aantal officieren en hoge onderofficieren. Meer zie ik op dit moment niet gebeuren."

STER reclame