Advocaat Wouter Pors van de Stichting Islamitisch Onderwijs Nederland tijdens de persconferentie ANP

Haga Lyceum wil publicatie inspectierapport tegenhouden

tijd van publicatie Aangepast

Het islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam wil de publicatie van een rapport over de school door de Onderwijsinspectie voorkomen, omdat daarin staat dat de school handelt in strijd met de wet. Maar volgens advocaat Wouter Pors stelt de inspectie eigen opvattingen ten onrechte gelijk aan de wet.

Om de publicatie ervan tegen te houden, heeft de school een kort geding aangespannen, dat donderdag dient.

Dat handelen in strijd met de wet heeft volgens Pors niets te maken met de manier waarop onderwijs wordt gegeven aan de leerlingen, zei hij tijdens een persconferentie. "Dat heeft te maken met een heel vage aanduiding, namelijk dat de directeur/bestuurder zou flirten met mensen met extremistische opvattingen."

"De inspectie presenteert hiermee haar eigen opvattingen, alsof dit normen zijn die in de wet staan", zegt Pors. "Maar die staan daar niet in. Volgens de Onderwijsinspectie handelt de school in strijd met de wet, maar de inspectie kan dat op geen enkele manier op de wet baseren."

Veel schade

Publicatie van het rapport zou het Haga Lyceum volgens Pors veel schade kunnen berokkenen. "Als de Onderwijsinspectie, die per definitie gezag heeft als toezichthouder op het onderwijs, dat rapport publiceert, denken mensen dat het wel zal kloppen. Dat effect kunnen we niet compenseren met een zienswijze op dat rapport."

De enige manier om dit zorgvuldig aan te pakken, is volgens Pors daarom het vragen van een oordeel aan de rechter. "De vraag is: mag de inspectie dit op grond van de wettelijke regels zo zeggen, dat is de inzet van het kort geding", aldus de advocaat.

Contacten met terroristen

Het rapport van de Onderwijsinspectie werd opgemaakt na een twee maanden durend onderzoek waarbij medewerkers van de inspectie elke dag op school waren en lessen bijwoonden. Ook hebben ze gepraat met docenten, leerlingen en een deel van de ouders.

Dat onderzoek volgde op een melding van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in maart. Volgens die melding werden leerlingen van de islamitische school beïnvloed door leraren die contacten onderhouden met terroristen.

"Bij die contacten gaat het om vijf personen", zegt Pors. "Twee van hen hebben een verklaring omtrent gedrag. Bij een andere gaat het om een buitenlandse prediker die volgens de AIVD omstreden opvattingen zou hebben. Hij heeft één keer buiten schooltijd de school bezocht, terwijl er geen leerlingen aanwezig waren."

Een andere persoon die volgens de signalen omstreden opvattingen heeft, heeft volgens Pors gesolliciteerd naar een functie als docent en is niet aangenomen.

Andere verwijten

Volgens NRC, dat een ongepubliceerd concept-rapport van de inspectie heeft ingezien, kan de aantijging van salafisme niet worden hardgemaakt. Ook zet de school niet aan tot onverdraagzaamheid of belemmert die integratie in de samenleving, zou in het rapport staan.

Wel komt de inspectie nu met andere verwijten. Zo is er sprake van wanbeheer, belangenverstrengeling en zelfverrijking door het bestuur van de school. Daarom moet een onrechtmatige uitgave van ruim 170.000 euro worden terugbetaald.

Volgens advocaat Pors klopt dat bedrag niet. Wel betaalt de directeur/bestuurder in delen inmiddels geld terug aan de school, omdat hij "vanwege overuren een inkomen had dat boven de wet normering topinkomens lag".

Het ministerie van Onderwijs wil niet reageren totdat het kort geding donderdag in de rechtszaal dient.

STER Reclame