De ploeg van Emté Kaatsheuvel neemt afscheid. V.l.n.r. Corine, Robin en Nicole Omroep Brabant | Birgit Verhoeven

Ook supermarktketen Emté houdt ermee op. Welke keten volgt?

tijd van publicatie

De laatste vijf filialen van supermarktketen Emté sluiten vandaag definitief de deuren, onder meer in Enschede, Den Bosch en Kaatsheuvel. Ze worden omgebouwd tot Jumbo- of Coop-supermarkt.

Daarmee wordt een nieuwe naam toegevoegd aan een toch al lange lijst van supermarktketens die sinds de jaren 90 uit het Nederlandse straatbeeld zijn verdwenen. De bekendste zijn natuurlijk C1000, Edah, Super de Boer en Konmar. Ook namen als Bas van der Heijden, Digros, Golff, Jac Hermans, Lekker & Laag en Sanders zijn niet meer.

In Kaatsheuvel reageert Mister Emté, zoals medewerker Piet Koolen wordt genoemd, bedroefd: "Ik heb 45 jaar bij Emté Supermarkten gewerkt. De start meegemaakt, de keten helpen opbouwen tot 130 winkels en vandaag moet ik de deur sluiten. Dat doet me toch wel wat, ja", zegt hij vanochtend in het NOS Radio 1 Journaal.

'Beste slagerij'

"Wat ons sterke punt was? Ik denk ons personeel. Daarmee hebben we ons kunnen onderscheiden van de concurrentie. Kijk, zo'n pak Douwe Egberts-koffie of suiker van Van Gilse is overal hetzelfde. Dáár red je het niet mee."

Twee van Piets collega's zijn hun emoties nauwelijks te baas. Corine: "Het is gewoon zo'n dubbel gevoel. Het is zo erg om al die lege schappen te zien." Zij is als vijftienjarig meisje bij de kaas- en vleeswarenafdeling van Emté begonnen. "Ik ben nu 59, dus kun je na gaan hoeveel jaar dat is. Ik ben echt door de familie Trommelen (voormalig eigenaar van de Emté's) grootgebracht, ze hebben mij gekneed en alles geleerd. En dan sta je nu in een lege winkel", vertelt ze met tranen in haar ogen bij Omroep Brabant.

Een aantal klanten van de Emté vindt het maar raar dat de Emté aan de Poolsestraat in Kaatsheuvel wordt omgebouwd tot een Jumbo. Terwijl er 400 meter verderop ook een Jumbo zit. "Wat is dat nou voor geks? Ik snap er niks van."

Advertenties

Sinds 1990 zijn er in ons land zo'n veertig supermarktnamen verdwenen, zegt Laurens Sloot, hoogleraar marketing aan de Rijksuniversiteit Groningen.

"Het waren vaak ook nog eens ketens die het gewoon goed deden. Neem een C1000. Maar ja, ze werden opgekocht door Jumbo, Albert Heijn of Plus. Schaalgrootte blijft in deze sector belangrijk. Om een voorbeeld te noemen: of je nu 100 winkels hebt of 500 winkels, als je landelijk adverteert blijft dat net zo duur. Maar met 500 filialen kun je die kosten wel meer spreiden. Schaalvoordeel heet dat."

Sloot verwacht dat er de komende jaren meer namen van supermarktketens gaan verdwijnen. De top-3 (AH, Jumbo en Plus) lijkt alleen maar groter te willen worden. "De expansiedrift van Jumbo is volgens mij nog niet voorbij. En AH heeft misschien ook nog wel blinde vlekken in Nederland. Plus zou kunnen gaan samenwerken met bijvoorbeeld Coop of Spar."

Als kandidaten voor een overname worden door retailkenners altijd de regionale (familie)bedrijven genoemd als Poiesz, Deen, Jan Linders, Vomar en Dekamarkt.

"Dat zijn stuk voor stuk gezonde bedrijven dus is er niet direct een noodzaak om de boel te verkopen", zegt Sloot.

"Wat wél een reden is om te verkopen: internet. Niet dat internet een hele grote concurrent is, maar om op dat speelveld mee te doen, móet je enorm investeren. Het is ook een hele andere tak van sport. Veel kleinere bedrijven hebben daar niet zo'n trek in. Dat zou een reden kunnen zijn om te zeggen: 'geef mijn portie maar aan Fikkie, als er een partij langskomt die een mooi bedrag biedt, dan willen we wel praten."

Dit is een artikel van

STER Reclame