PI Vught ANP

Hoe Michael P. 'modelpatiënt' werd en zijn zedenverleden bijna werd vergeten

time icon
Geschreven door
Anna Mees en Carmen Dorlo
redacteuren Online

"Hij doet het prima, is psychisch stabiel, goed begeleidbaar, gaat keurig naar zijn dagbesteding en therapieën, geeft negatieve urinetests en is intrinsiek gemotiveerd. Het is een jongen waar je echt geen problemen mee krijgt. Je kunt hem gerust accepteren. Het is echt een modelpatiënt."

Zo luidde het advies van de gevangenis in Vught over Michael P., driekwart jaar voordat hij Anne Faber verkrachtte en ombracht, aan de psychiatrische kliniek in Den Dolder. Waar die kliniek eerst nog aarzelde over de overplaatsing van P., nam Vught die twijfel weg. De incidenten die P. tijdens zijn jaren in Vught veroorzaakte, werden niet genoemd.

Het is een van de vele fouten die zijn gemaakt bij de behandeling van Michael P., blijkt uit onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) en de Inspecties Justitie en Veiligheid en Gezondheidszorg en Jeugd. Maar de fouten staan niet op zichzelf. Volgens de instanties laten deze rapporten zien wat er mis gaat in het hele forensische zorgsysteem in Nederland.

Wat ging er dan precies fout? Een uitgebreide reconstructie van de ruim vier jaar forensische zorg van Michael P., op basis van de onderzoeksrapporten.

Detentieverloop en resocialisatie Michael P. Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV)

In juli 2010 wordt P. aangehouden op verdenking van het gewelddadig verkrachten van twee minderjarige meisjes en het plegen van meerdere roofovervallen. Hij wil niet meewerken aan een observatieonderzoek van het Pieter Baan Centrum. Daarom kunnen onderzoekers geen diagnose stellen. Ook wekenlange gedragsobservaties leveren niets op. De rechtbank in Arnhem kan daardoor geen tbs opleggen.

Wel geeft de rechter P. een celstraf van 16 jaar, waarvan 15 jaar voor de dubbele verkrachting. Tijdens een hoger beroep wordt dit later bijgesteld naar 12 jaar. In juli 2011 wordt hij opgenomen in de penitentiaire inrichting Roermond. P. vraagt om overplaatsing naar de gevangenis in Vught, om twee verschillende redenen: een kortere reistijd voor bezoekjes van zijn familie en omdat hij hulp wil om van zijn boosheid en drugsgebruik af te komen. In Vught kan hij de gewenste zorg krijgen, heeft P. gehoord.

Juli 2013 - overplaatsing Vught

In juli 2013 wordt P. overgebracht naar Vught. Na een week wordt hij opgenomen in het Psychiatrisch Penitentiair Centrum, terwijl Vught ook een gespecialiseerde afdeling heeft voor zedendeliquenten en zeer langgestraften. Vught denkt P. niet daar te kunnen behandelen, omdat hij niet over seksualiteit en zijn zedendelict wenst te spreken.

Omdat er nog nooit een officieel onderzoek is gedaan naar P.'s persoonlijkheid, kan er nog geen behandeling worden opgesteld. In oktober 2013 werkt P. toch mee aan een onderzoek. Daaruit blijkt dat hij een ontwikkelingsstoornis heeft met afhankelijkheid van cocaïne en speed. Hij heeft "een kwetsbare persoonlijkheidsstructuur met een grote gevoeligheid voor de omgeving en beschikt niet over controle om daarmee om te gaan". Zijn empathisch vermogen is beperkt. Daardoor uit hij zich met woede, impulsief gedrag, wraakzucht en agressie.

Tijdens zijn jaren in Vught doen zich meerdere incidenten voor, waaronder drugsgebruik, ernstige bedreigingen, seksueel ongepast gedrag en geweldplegingen. Daarvoor krijgt hij straffen van één tot zeven dagen isolatie in zijn eigen cel, soms zonder televisie.

Het laatste jaar in Vught in 2016 wordt voor het eerst een delictanalyse van P. opgesteld. De GZ-psycholoog legt een verband tussen de verkrachtingen en een opeenstapeling van negatieve emoties, fors middelengebruik, seksuele opwinding en ontremming door deze middelen. In de analyse zijn de seksuele componenten nadrukkelijk opgenomen, dit gebeurde eerder nog niet.

Een rechtbanktekening van Michael P. ANP

Eind 2016 wil Vught P. laten opnemen in een kliniek. In de aanvraag staat dat de opname gericht moet zijn op behandeling van P.'s problematiek (psychiatrische, persoonlijkheids- en verslavingsproblematiek) met daarop volgend een traject waardoor P. weer normaal kan functioneren in de maatschappij. In de aanvraag is geen gebruik gemaakt van de in Vught opgestelde analyse.

Januari 2017 - overplaatsing Den Dolder

De psychiatrische kliniek in Den Dolder wordt de volgende stap voor P. In de week voorafgaand aan de acceptatie van P. merkt de kliniek op dat hij een hoge straf opgelegd heeft gekregen voor verkrachting. Een medewerker aarzelt over de overname van P., vanwege die hoge straf (16 jaar, waar normaal de maximale straf 12 jaar is). Ze vraagt om meer informatie over P. aan Vught. Zij beantwoorden met een positief beeld (zie de passage hierboven over 'modelpatiënt', red.). De aarzeling wordt daarmee weggenomen.

Op 24 januari 2017 verhuist P. naar Den Dolder. Op diezelfde dag wordt in Vught nog een basisonderzoek op hem uitgevoerd. Het rapport van het onderzoek is gebaseerd op teksten van die dag en vier jaar oude documenten van Vught. Weer is er geen aandacht voor het zedendelict en het risico op herhaling.

ANP

Na een week wordt ook de delictanalyse naar Den Dolder gestuurd. Echter niet de hele analyse: Michael P. heeft maar voor een deel toestemming gegeven. Zo is alle gedetailleerde informatie over seksuele aspecten verwijderd. Dit is mogelijk omdat elke zorginstelling zich moet houden aan het medisch beroepsgeheim en de Wet bescherming persoonsgegevens. Dit had Vught tegen kunnen houden als toestemming voor een dossieroverdracht een voorwaarde was geweest voor verhuizing.

P.'s behandelplan in Den Dolder is na een week gereed. Vier methodes moeten onderzoeken of er een kans is dat P. zich bijvoorbeeld gewelddadig gaat gedragen. Een van die methodes is bedoeld om het risico op seksueel gewelddadig gedrag te onderzoeken, maar deze wordt nooit toegepast.

Naast het behandelplan begint de kliniek in Den Dolder met de resocialisatie. Zelfs voordat P. in Den Dolder is, zijn de eerste vrijhedenstappen al aangevraagd, zonder dat behandelaars en P. kennis hebben gemaakt.

April 2017 - P. loopt al vrij rond in wijde omgeving Den Dolder

Voor elke stap van het vrijhedenstappenplan moet formele toestemming worden gevraagd aan meerdere instanties. Zoveel goedkeuringen bij verschillende organisaties vergen tijd, daarom doet Den Dolder al een aanvraag voor een volgende vrijhedenstap terwijl de goedkeuring van de vorige stap net binnen is. Dat betekent dat P. na drie maanden in Den Dolder al in de wijde omgeving kan rondreizen en familie kan bezoeken. Hij rijdt in de auto van zijn vader en in die van zijn moeder.

De eerste stappen van Michael P. zijn niet het resultaat van een weloverwogen beslissing, maar van een administratieve afhandeling.

Onderzoeksrapport

De eerste vrijhedenstappen worden niet voorgelegd aan alle instanties en het OM, terwijl dit wel was afgesproken. Volgens de eerste stap mag P. vanaf 26 april 2017 onbegeleid het terrein af. Maar P. verlaat al vanaf 6 maart het terrein. Ook komt P. pas na een half jaar onder toezicht van een reclasseringsambtenaar. Volgende stappen worden soms wel, soms niet voorgelegd. De positieve gedragsrapportage over P. die elke keer meegestuurd wordt bij een aanvraag, is letterlijk gekopieerd.

Zoals in het rapport van de OVV staat: "De eerste stappen van Michael P. zijn niet het resultaat van een weloverwogen beslissing, maar van een administratieve afhandeling." Pas na vier maanden volgt een eerste risico-inschatting.

Na enkele weken krijgt P. een relatie met een patiënte van een andere afdeling. Het behandelteam vindt dit opvallend en zorgelijk. Toch vinden er geen vervolgstappen plaats. In april besluit het stel om te gaan trouwen. Later gaat de relatie uit, maar als blijkt dat de vrouw zwanger is, komen ze weer bij elkaar. De vrouw wil P. niet als vader erkennen en maakt de relatie steeds uit en weer aan. Dat veroorzaakt veel stress bij P. In zijn dossier is echter niets over deze stress terug te lezen.

Het vrijhedenplan gaat door en P. besluit een opleiding tot hovenier te beginnen. Ook mag hij inmiddels in het weekend buiten de kliniek overnachten. P. heeft op dat moment nog ruim negen maanden detentie te gaan, maar het stappenplan is al bijna voltooid.

September 2017 - vermissing Anne Faber

De 25-jarige Anne Faber is vanaf 29 september vermist. De dagen na haar vermissing rapporteren de begeleiders geen bijzonderheden:

  • 29 september: "hij zit er goed bij en is goed gestemd aanwezig"
  • 30 september: "opgewekt"
  • 1 oktober: "alles gaat goed"
  • 2 oktober: "op tijd en enorm ontspannen, helemaal blij terug van verlof"
  • 3 oktober: "ontspannen naar school gegaan en kwam hier ook weer goed van terug"

Ergens deze dagen verplaatst P. het lichaam van Faber naar een andere plek. Zijn gedrag verandert vanaf 4 oktober, vijf dagen na de moord. P. verschijnt niet bij het avondeten en is de hele avond niet bereikbaar. Na 22.00 uur belt hij terug: hij heeft een terugval gehad, heeft cocaïne gebruikt en is in Amsterdam.

Om 04.30 uur die nacht wordt P. door zijn moeder afgezet in Den Dolder. Hij is rustig en zijn nek zit onder de rode striemen. Volgens P. komt dit door zijn werk in de natuur voor de hoveniersopleiding.

De reclassering en de kliniek worden het tijdens een overleg over de acties van P. niet met elkaar eens. De kliniek in Den Dolder wil een officiële waarschuwing geven, de reclassering wil hem terugplaatsen naar een gesloten afdeling. Uiteindelijk wordt door de kliniek besloten dat dit een "leermoment" is voor P. en krijgt hij alleen een waarschuwing.

De waarschuwing heeft geen groot effect meer: op 9 oktober wordt P. gearresteerd door de politie.

In de onderzoeksrapporten wordt geconcludeerd dat er tekortkomingen zijn in de wijze waarop plegers van ernstige misdrijven worden voorbereid op een verantwoorde terugkeer vanuit de forensische zorg naar de maatschappij. Er zijn verbeteringen nodig in de risico-beoordeling, de verantwoordelijkheidsverdeling en de informatie-uitwisseling. Zoals het OVV zegt: "Een misdadiger die als een gevaarlijk persoon de gevangenis ingaat, kan er ook als een gevaarlijk persoon weer uitkomen."

STER Reclame