ANP

Zorgen over het klimaat, maar niet vliegen en minder lang douchen toch lastig

tijd van publicatie Aangepast

Het merendeel van de Nederlanders maakt zich zorgen over het klimaat, maar de meeste mensen nemen zelf geen maatregelen. Dat blijkt uit onderzoek van I&O Research in opdracht van Binnenlands Bestuur.

Volgens de onderzoekers heeft dat grotendeels te maken met de levensstandaarden die we gewend zijn. "Je moet voor duurzaam leven niet alleen allerlei dingen doen, maar ook allerlei dingen laten", legt I&O-onderzoeker Peter Kanne uit. "De dingen die je moet laten, vinden we juist nu wel heel prettig, zoals makkelijk in de auto stappen, de hele wereld overvliegen, een stukje vlees, lekker lang douchen."

Ook speelt voor veel mensen de kosten van verduurzaming mee, ook al is bepaalde dingen laten juist goed voor de portemonnee. Overstappen van gas naar een warmtepomp kost geld en met name mensen met een kleinere portemonnee zeggen dat ze het zich niet kunnen veroorloven om duurzamer te leven.

Mensen die het eigenlijk goed snappen, zich erover uitspreken en het kunnen betalen zijn het minst duurzaam.

Peter Kanne, I&O Research

Maar mensen die het wel kunnen betalen zijn vaak juist minder klimaatbewust bezig, blijkt uit het onderzoek. De groep met een hoog inkomen is verantwoordelijk voor een grotere CO2-uitstoot: die mensen wonen meestal groter en verbruiken daardoor meer gas en elektriciteit, ze rijden vaker een grotere auto, ze vliegen vaker en eten meer vlees.

"Dat vond ik wel de meest opvallende uitkomst", zegt Kanne. "Mensen die het eigenlijk goed snappen, zich erover uitspreken en het kunnen betalen zijn het minst duurzaam."

Wel minder zorgen over het klimaat

De mensen die zich zorgen maken zijn op dit moment nog wel in de meerderheid, maar de afgelopen maanden ziet I&O wel een sterke daling. Eind 2017 maakte 80 procent zich nog zorgen om het klimaat, op dit moment is dat 65 procent.

"Het is lastig om precies aan te wijzen hoe dat komt, maar het klimaatdebat is in de media de afgelopen tijd wel sterk toegenomen. Denk aan het interview van Klaas Dijkhoff in de Telegraaf en de anti-campagne in diezelfde krant. Het gaat nu heel erg over het kostencomponent en de duurdere energienota helpt ook niet mee. Mensen vinden het wel genoeg zo."

Dat mensen zich minder zorgen maken betekent niet dat mensen ook sceptischer zijn geworden, zegt Kanne. "Zo'n 16 procent zegt in het onderzoek dat de mens niet verantwoordelijk is voor de klimaatverandering, maar die zijn er altijd wel geweest. Al worden ze wel meer en meer gesterkt in hun opvattingen door bijvoorbeeld Baudet."

Mannen minder duurzaam

Nog een opvallende uitkomst is dat mannen een stuk minder duurzaam bezig zijn dan vrouwen. Mannen maken zich minder zorgen om het klimaat dan vrouwen, ze pakken vaker de auto en rijden vaker in zware auto's die meer brandstof verbruiken.

Meer dan de helft van de mannen (56 procent) vindt het belachelijk dat we in Nederland proberen voorop te lopen met het stoppen met aardgas. Vrouwen zijn vaker van plan minder vlees te eten dan mannen (31 procent tegenover 23 procent). Ook vinden meer vrouwen dat de maximumsnelheid omlaag moet.

Langdouchers

Jongeren zien de toekomst een stuk somberder in voor toekomstige generaties als ze denken aan het klimaat dan anderen. Maar jongeren kunnen zelf nog een hoop doen om hun CO2-afdruk te verkleinen. Zo vliegen zij vaker en verder dan ouderen, eten zij het meeste vlees en douchen zij het langst (gemiddeld 10 minuten per keer).

De langdouchers staan niet alleen zo lang onder de warme kraan omdat ze zich wassen, maar ze staan er ook te zingen, dagdromen, tandenpoetsen of hun gezicht, benen of lichaam te scheren.

Een gedragsverandering daarin is lastig, denkt Kanne. "Dat zijn allemaal dingen die we aangenaam vinden en de psyche is toch vrij zwak." Volgens hem is het daarom belangrijk dat de overheid de regie neemt. "Vergelijk het met een ouder en een kind. Als kind vind je het lekker om de hele dag snoep te eten en als ouder zeg je dat ze dat niet moeten doen. Dan doen ze het ook niet."

De D66-kiezer is exemplarisch in dit onderzoek.

Peter Kanne, I&O Research

De onderzoekers hebben ook gekeken naar de politieke voorkeur van de ruim 2500 mensen die meededen aan het onderzoek. VVD-kiezers stoten in verhouding het meeste CO2 uit, zeggen zij, GroenLinks- en Partij voor de Dieren-kiezers het minst.

Opvallend zijn D66-aanhangers, die over het algemeen de meest duurzame opvattingen hebben, maar op de meeste gebieden verantwoordelijk zijn voor een bovengemiddelde CO2-uitstoot. D66-stemmers vliegen het vaakst (gemiddeld 1,1 keer per jaar, tegenover 0,8 keer gemiddeld). Ze voelen zich daar wel schuldiger over dan aanhangers van andere partijen en kopen ook vaker CO2-compensatie voor de uitstoot die veroorzaakt wordt door hun vluchten.

D66-kiezers rijden met VVD'ers en CDA'ers daarnaast veel meer auto dan gemiddeld. "De D66-kiezer is wat mij betreft exemplarisch in dit onderzoek", zegt Kanne. "Ze snappen heel goed wat er moet gebeuren en vinden ook dat er wat moet gebeuren, maar ze doen het eigenlijk niet."

STER Reclame