ANP

Het kabinet is bereid de AOW-leeftijd minder snel te laten stijgen dan is afgesproken. Dat is nu de inzet om tot een akkoord te komen aan de onderhandelingstafel van het pensioenakkoord.

Daarmee is het kabinet deels bereid tegemoet te komen aan een eis van de vakbonden. Die willen dat van de toekomstige stijging van de AOW-leeftijd door een hogere levensverwachting, zes maanden worden afgehaald.

Wat precies de inzet van het kabinet is, is niet bekend. Wel is duidelijk dat het kabinet deze eis veel te duur vindt. Elke maand dat mensen in de toekomst eerder met pensioen gaan, kost ongeveer 1 miljard euro per jaar aan extra uitgaven aan de AOW.

Kans klein

De eis van de vakbonden zou dus 6 miljard euro per jaar kunnen kosten. Minister van Financiën Hoekstra is daarom inmiddels op de achtergrond bij de onderhandelingen betrokken. Premier Rutte heeft zich al een aantal dagen geleden aangesloten bij minister Koolmees van Sociale Zaken.

Hoekstra moet voorrekenen wat de financiële gevolgen zijn van een eventueel compromis dat wordt gesloten. De kans dat het kabinet met de eis meegaat is dus klein, omdat er dan al vanaf volgend jaar moet worden bezuinigd. Bovendien voldoet Nederland dan niet meer aan de Europese begrotingsregels.

Levensverwachting

Op dit moment geldt dat vanaf 2022 de AOW-leeftijd van 67 jaar mee stijgt met de levensverwachting, dus de tijd dat mensen gemiddeld langer leven. Worden mensen gemiddeld drie maanden of bijvoorbeeld een jaar ouder, dan stijgt de AOW-leeftijd ook met drie maanden of een jaar. Dat is afgesproken om de AOW en het pensioensysteem betaalbaar te houden.

Gisteren werd duidelijk dat de onderhandelingen over het pensioenakkoord in de laatste fase zitten. De onderhandelingen gaan vanavond verder.

STER reclame