OM eist 28 jaar en tbs tegen Michael P. voor verkrachten en doden Anne Faber

Aangepast
Felix Guerain

Het Openbaar Ministerie eist in de zaak-Anne Faber 28 jaar cel en tbs met dwangverpleging tegen Michael P. Hij wordt verdacht van vrijheidsberoving, verkrachting en het doden van het 25-jarige slachtoffer. "Het is onverteerbaar welke lijdensweg zij heeft moeten doorstaan", zei de officier van justitie. "De angst die ze heeft moeten gevoeld, tart elke verbeelding."

Het OM acht ook bewezen dat P. vijf medewerkers van het Pieter Baan Centrum heeft mishandeld. "Wij achten hem licht verminderd toerekeningsvatbaar en sluiten ons aan bij het advies om hem ook tbs op te leggen", zei een van de officieren van justitie. "Verdachte mag niet zonder behandeling terugkeren in de maatschappij."

Het OM heeft ook overwogen om levenslang te eisen, maar dat zou betekenen dat P. na 25 jaar kans maakt om zonder behandeling weer vrij te komen. "Dat is volstrekt onverantwoord", aldus het OM.

In het fragment hieronder vertelt het OM waarom het geen levenslange gevangenisstraf eist:

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

'Verdachte mag niet terug in maatschappij zonder behandeling'

Volgens het OM zitten er op essentiële punten verschillen tussen de verklaringen van Michael P. en de bevindingen van de recherche. Zo vermoedt het OM dat P. zijn telefoon van tevoren heeft uitgezet. "Dat zou erop kunnen duiden dat verdachte al met verkeerde intenties het terrein van de instelling heeft verlaten en niet wilde dat op basis van telefoongegevens achterhaald kon worden waar hij verbleef."

P. beweert dat zijn telefoon stuk was, ook toen P. het lichaam van Anne Faber begroef in Zeewolde. Volgens het OM is de kans klein dat er net tijdens beide misdrijven een technisch defect was. Omdat P. zijn telefoon heeft vernietigd en weggegooid, valt dit niet meer te achterhalen.

Opwachten

Het OM denkt ook dat P. zijn slachtoffer opwachtte om haar iets aan te doen. Uit onderzoek van de politie naar hun routes blijkt dat P. minstens vier minuten stilstond op de plek waar Faber zou langskomen. Daar botste hij met zijn scooter op haar fiets.

Een ongeluk wordt niet uitgesloten, maar mogelijk reed P. Faber expres aan om haar te overmeesteren. Hij was volgens het OM op dat moment van plan om haar te verkrachten. "Maar we kunnen niet zeggen of hij met een vooropgezet plan de instelling verliet om een vrouw te verkrachten", zei de officier van justitie.

Het OM denkt verder dat P. veel meer geweld heeft gebruikt dan hij toegeeft. Ook het doden van Anne verliep anders dan de verdachte beweert, zeggen de officieren van justitie.

Voorbedachten rade

Volgens het OM is het aannemelijk dat hij na de verkrachting besloot haar om het leven te brengen, omdat hij moet hebben beseft dat "een levende Anne Faber naar hem zou leiden". P. wiste later ook sporen, onder meer met chloor.

Het OM heeft niet kunnen vaststellen of P. Faber ombracht met voorbedachten rade, maar er is volgens justitie wel sprake van gekwalificeerde doodslag. Dat is iemand doden tijdens of na een ander delict, bijvoorbeeld om te voorkomen dat je wordt betrapt. Voor gekwalificeerde doodslag kan een even zware straf worden geëist als voor moord.

Michael P. tijdens de rechtszaak op 11 juni 2018 Felix Guerain

Nabestaanden aan het woord

Vanochtend kwamen de ouders van Anne Faber aan het woord. Zij maakten gebruik van hun spreekrecht. De moeder van Anne zei te hopen dat P. nooit meer vrijkomt. Annes vader zei niet het idee te hebben dat er een straf is die "zal voldoen aan mijn gevoel van rechtvaardigheid".

De nabestaanden van Anne Faber willen ook een schadevergoeding van Michael P. De advocaat van de familie vraagt de rechtbank om vooruit te lopen op een nieuwe wet voor 'affectieschade'. Deze wet biedt smartengeld aan mensen die een naaste moeten missen. De wet gaat in per 1 januari. Volgens de advocaat ligt de wet klaar voor gebruik en heeft de rechtbank "de mogelijkheid om op deze wet te anticiperen."

Op 17 juli doet de rechter uitspraak. P. heeft aangegeven bij die uitspraak aanwezig te zijn.