De tweede baan van Máxima wordt snel belangrijker

Aangepast
ANP
Geschreven door
Piet van Asseldonk
redacteur Koninklijk Huis

Aankomende week, als de vakanties voorbij zijn, hervat koningin Máxima haar bezoeken in binnen- en buitenland. Vaak, zo leert haar agenda, spelen die zich af in de wereld van het bedrijfsleven.

Dat is begrijpelijk. Ze is opgeleid als econoom, én voormalig bankemployee, dus daar ligt haar speciale belangstelling. Bovendien sluiten deze aandachtsgebieden aan bij Máxima's functie als "speciale pleitbezorger van de VN secretaris-generaal voor inclusieve financiering voor ontwikkeling".

Dat is een functie waarvan de koningin veel werk maakt en die zij bekleedt sinds 2009. Met dat werk staat zij op de bres voor het toegankelijk maken van financiële diensten voor mensen in ontwikkelingslanden. Deze 'tweede baan', die Máxima vervult naast haar "ondersteuning van het staatshoofd bij het vervullen van zijn taken", wordt snel belangrijker en trekt dan ook geregeld de aandacht van de internationale financiële pers.

Als VN-gezant brengt de Nederlandse koningin minimaal twee keer per jaar meerdaagse werkbezoeken aan landen in Azië, Zuid-Amerika en Afrika. Die bezoeken bestaan altijd uit een excursie naar het platteland. Daar kan ze in de praktijk zien of haar inspanningen effect sorteren (camera's zijn toegestaan) en uit ontmoetingen achter gesloten deuren met de hoogste politieke en bancaire gezagsdragers van het land. Zo was Máxima vorige maand in Indonesië en besprak ze, in de marge van een werkbezoek van de koning aan China, met de autoriteiten daar ook financiële kwesties.

Máxima op werkbezoek in China ANP

Bij bezoeken van staatshoofden en/of regeringsleiders aan ons land heeft Máxima af en toe een aparte afspraak met hen of met meegekomen hoge functionarissen. Toen de president van Panama afgelopen januari koning Willem-Alexander bezocht, had zij als VN-gezant een gesprek met de Panamese vice-president.

Zo gaat het vaak. De twee banen van de koningin 'bevruchten' elkaar. De activiteiten van Máxima op het terrein van de inclusieve financiering leiden herhaaldelijk tot berichten in met name de internationale zakenpers. Dat is ook geen wonder, want bij de wereldwijde uitrol van financiële basisdiensten gaat het om grote investeringen en grote belangen op bancair en ict-gebied, zoals bij digitale mobiele betaalsystemen.

Een paar recente voorbeelden. China, het land dat Máxima meermalen bezocht, meldde vorige maand dat het graag met geld en technologie wil helpen waar het om inclusieve financiering gaat. Die hulp zou de winsten van de Chinese banken omhoog kunnen stuwen, aldus het bericht.

Alibaba en de Filipijnen

In Indonesië, waar Máxima onlangs op bezoek was, wees de minister van Sociale Zaken op grootscheepse overheidsplannen om via cashloos betalen economische ontwikkelingen te bevorderen. De Filipijnen, waaraan Máxima in de zomer van 2015 een bezoek bracht, kondigde aan met de Chinese internetgigant Alibaba in zee te willen gaan om zo inclusieve financiering van de grond te tillen.

Het realiseren van financiële diensten voor mensen in achterstandssituaties is, behalve een vorm van ontwikkelingswerk, intussen eveneens big business. Zo ging het ook met het microkrediet waarmee de Nederlandse koningin zich vroeger bezighield. Op dat terrein zijn steeds meer commerciële partijen actief. Door deze ontwikkeling krijgt het VN-werk van Máxima commerciële kanten en kan het - zeker in landen waar corruptie bestaat - in politiek vaarwater komen.

Máxima lijkt de koers al te verbreden: ze richt zich steeds meer op de rol van vrouwen in de economie en op de financiële opvoeding van jongeren.

STER Reclame