Twee Noord-Koreaanse spionnen, een vliegtuigbom en de Spelen van 1988

tijd van publicatie Aangepast
Hollandse Hoogte | AP
Geschreven door
Mitchell van de Klundert
redacteur Online

Nietsvermoedend moeten de passagiers van vlucht Korean Airlines (KAL) 858 op het internationale vliegveld van Bagdad een vrouw van in de twintig en een oudere man hebben zien instappen. Het is dan 28 november 1987, iets voor 23.30 uur.

Meneer Hachiya Shinichi en mevrouw Hachiya Mayumi, zoals ze heten volgens hun Japanse paspoorten, gaan zitten op stoel 7B en 7C en stoppen een transistor-radio en een fles met drank in het bagagerek boven hun hoofden. Het vliegtuig vertrekt en zet koers naar de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul.

Er wordt nog een geplande tussenstop gemaakt in Abu Dhabi. Daar gaan de man en vrouw alweer van boord. De radio en drankfles laten ze achter en het vliegtuig vervolgt zijn reis.

Negen uur na het vertrek uit Bagdad tikt de tijdschakelaar in de transistorradio naar nul. Een C-4-explosief dat ook in de radio verstopt zit, wordt automatisch aangestoken en brengt het vloeibare explosief PLX in de drankfles tot ontploffing.

Vlucht KAL 858 stort neer in de Indische Oceaan. Alle 104 passagiers en 11 bemanningsleden komen om het leven, onder hen 113 Zuid-Koreanen.

Cyanide in een sigaret

De twee uitgestapte passagiers die de bom plaatsten, slaan op de vlucht, maar worden in Bahrein aangehouden. Hun Japanse paspoorten blijken vervalst. De twee laten zich niet oppakken en bijten op een cyanide-ampul die zit verstopt in een sigaret. De man, die later Kim Sung-il blijkt te heten, overlijdt.

Bij de vrouw mislukt de zelfmoordpoging en ze wordt uitgeleverd aan Zuid-Korea. Ze breekt, na een maand te zijn ondervraagd door agenten. Kim Hyun-hui, zoals ze heet, bekent de aanslag op het vliegtuig en zegt dat ze een Noord-Koreaanse spion is.

Kim Hyon-Hui Hollandse Hoogte | AP

Ze vertelt dat ze is gerekruteerd op haar 19de en op haar 25ste de missie krijgt om een Zuid-Koreaans vliegtuig neer te halen. De aanslag moest chaos en verwarring zaaien in Zuid-Korea, daar vinden negen maanden later de Olympische Spelen van 1988 plaats. Dat Zuid-Koreaanse olympische feestje moet verziekt worden.

Volgens Hyun-hui waren de orders voor de vliegtuigbom direct afkomstig van de Noord-Koreaanse leiders Kim Il-sung en zijn zoon Kim Jong-il (de opa en vader van de huidige leider Kim Jong-un). Noord-Korea ontkent de aanslag en claimt (tot op de dag van vandaag) dat de spionnen eigenlijk Zuid-Koreaanse agenten zijn.

Ter dood veroordeeld

Hyun-hui wordt in 1989 ter dood veroordeeld, maar krijgt een jaar later een presidentieel pardon. Ze trouwt met een officier en krijgt twee kinderen. Tegenwoordig woont ze op een geheime plek ergens in Zuid-Korea uit angst dat ze door Noord-Korea wordt vermoord.

Jaren geleden blikte ze in een interview terug op haar leven. Ze zei veel spijt te hebben van de aanslag. Waarom moest ik nu juist geboren worden in Noord-Korea, vroeg ze zich toen af.

Met de aanslag wilde Noord-Korea de Olympische Spelen van 1988 in Zuid-Korea besmeuren. Maar ze bereikten het omgekeerde. Zuid-Korea zocht namelijk niet naar wraak maar startte diplomatiek overleg. Dat deed het land uit angst dat Noord-Korea ook de Olympische Spelen zelf tot doelwit zou maken.

Ook de Verenigde Staten doen mee in de hoop Noord-Korea uit een isolement te halen (wel wordt tegelijkertijd het land op een lijst gezet van landen die terrorisme steunen).

De gesprekken werken: Noord-Korea laat de Spelen met rust (maar boycot ze wel).

Opnieuw succes in 2018

Nu in 2018 is de relatie tussen Noord- en Zuid-Korea weer sterk bekoeld. Vorig jaar was misschien wel het voorlopige dieptepunt met Noord-Koreaanse raketlanceringen en kernproeven. Maar opnieuw brengen de Olympische Spelen verbetering. Net als dertig jaar geleden is Zuid-Korea voor de Olympische Winterspelen van 2018 een diplomatiek offensief gestart.

En opnieuw met succes: Noord-Korea doet ditmaal wel mee aan de Spelen en stuurt zelfs een van z'n hoogste leiders naar het zuiden.

STER Reclame