Coalitie: niet nog meer geld naar leraren

Docenten in het basisonderwijs gaan op dinsdag 12 december voor de tweede keer staken ANP

De coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie zijn niet van plan weer extra geld uit te trekken voor de leraren in het basisonderwijs. De partijen vinden het in het regeerakkoord toegezegde bedrag van 700 miljoen euro voldoende om de salarissen te verhogen en de werkdruk te verminderen.

In het Kamerdebat over de onderwijsbegroting begonnen alle politieke partijen over de hoge werkdruk in het onderwijs; niet alleen op de basisschool, maar ook op de middelbare school, het mbo, het hbo en de universiteiten.

Niet genoeg

De coalitie is vooral tevreden dat het kabinet-Rutte III, in tegenstelling tot het vorige kabinet, geld uittrekt voor het basisonderwijs. Maar de basisschoolleraren, verenigd in de organisatie PO in actie, vinden het bedrag van 700 miljoen euro niet genoeg.

Ze willen ten minste het dubbele bedrag van het kabinet en omdat minister Slob deze eis niet honoreert, gaan de leraren komende dinsdag opnieuw staken. In oktober gebeurde dit ook al en kwamen tienduizenden leraren naar het Haagse Zuiderpark voor een protestmanifestatie.

Burn-outs

De oppositiepartijen GroenLinks, SP en PvdA lanceerden vandaag een plan om de bankenbelasting te verhogen en daarmee nog een extra bedrag van 700 miljoen euro op te halen voor de "meesters en juffen die dan de waardering krijgen die ze verdienen". Volgens de drie partijen zetten "een achterblijvende beloning, een angstaanjagende hoeveelheid burn-outs, een toenemende werkdruk en te grote klassen" het primair onderwijs onder grote druk.

D66-Kamerlid Van Meenen maakte in het debat vooral bezwaar tegen de opstelling van de voormalige regeringspartij PvdA. "Ik hoor niet graag van de PvdA dat het niet genoeg is. Het klinkt leuk, maar de partij heeft de afgelopen jaren nul euro geïnvesteerd in het onderwijs."

Hoe het extra geld precies naar de basisscholen gaat, bleef in het debat nog onduidelijk. De 270 miljoen euro voor de lerarensalarissen is op korte termijn beschikbaar, maar dat geld komt er pas als in de cao-besprekingen allerlei "bovenwettelijke regelingen worden aangepakt".

Sommige oudere leraren zitten thuis, maar krijgen wel tot hun AOW 70 procent van hun salaris. "Er moet iets aan die cao gebeuren, anders komt er geen geld", zei VVD-Kamerlid Heerema stellig. Het CDA pleitte eerder al voor een soberdere cao.

Niet overhaast

Het kabinet moet eerst met werkgevers en werknemers in het onderwijs praten over een concreet plan voor de rest van het geld, de 450 miljoen euro voor de vermindering van de werkdruk. De coalitie wil voorkomen dat het geld niet echt in de klas of bij de leraren terechtkomt. De SP en GroenLinks willen het geld sneller beschikbaar hebben, maar dat gaat niet gebeuren. D66 is tegen "overhaast geld overmaken."