'Gelijk loon voor man en vrouw hoort bij het Nederland van nu'

Aangepast
Oud-minister Lilianne Ploumen ondertekent een Europese samenwerkingsovereenkomst tijdens een bijeenkomst van de Stichting Topvrouwen. ANP

Vakbond FNV vraagt vandaag - op Equal Pay Day - aandacht voor de loonkloof tussen mannen en vrouwen. De bond organiseert een debat met Nederlandse politici en bedrijven over de verschillen in beloning tussen mannen en vrouwen.

Vicevoorzitter Kitty Jong vindt het hoog tijd dat bedrijven en de politiek meer gaan doen om de loonkloof te dichten. "Gelijk loon voor gelijk werk, ook tussen mannen en vrouwen, hoort gewoon bij het Nederland van nu." Volgens de FNV blijkt uit haar enquête onder ruim 1000 leden dat 96 procent van de ondervraagden de verschillen niet redelijk vinden.

In Nederland is de loonkloof gemiddeld 16,1 procent. Dat betekent dat een mannelijke werknemer in Nederland per uur gemiddeld 16 procent meer verdient dan een vrouwelijke werknemer. Wel wordt de loonkloof langzaam kleiner: in 2008 was die gemiddeld nog zo'n 20 procent.

Op Equal Pay Day, ofwel de dag voor gelijk loon, leggen vrouwen symbolisch het werk neer op de dag vanaf wanneer ze zogezegd gratis werken. Want als je het principe van de gelijke verloning zou volgen, zouden vrouwen na 84 procent van het jaar mogen stoppen met werken.

De loonkloof tussen mannen en vrouwen verschilt sterk per bedrijfstak. Uit de meest recente cijfers van het CBS blijkt dat de verschillen bij waterbedrijven en afvalbeheer met 2,1 procent het kleinst zijn. Ook bij de overheid is het verschil met 3,3 procent relatief klein.

In de financiële dienstverlening zijn de verschillen met 29 procent het grootst. Ook de gezondheids- en zorgsector heeft met 24,4 procent een grote loonkloof. Terwijl in die sector juist veel vrouwen werken.

Beloningsverschil in percentages per bedrijfstak (2015) CBS

De gemiddelde loonkloof in Nederland ligt net iets onder het Europese gemiddelde: 16,3 procent. Nederland staat hiermee op de achttiende plaats.

Het beloningsverschil in percentages over 2015 Local Focus

Er zijn meerdere verklaringen voor de loonkloof. "Veel vrouwen werken in bedrijfstakken waarbij de lonen lager liggen dan de bedrijfstakken waar veel mannen werken", zegt Esther de Jong van Kennisinstituut Atria voor emancipatie en vrouwengeschiedenis. "Ook werken vrouwen vaak in lager betaalde functies dan mannen."

Dat laatste komt volgens De Jong omdat vrouwen veel vaker in deeltijd werken - mede door de zorg voor het gezin - en minder makkelijk doorstromen naar een hogere functie.

Als je factoren als opleiding, werkervaring, beroepssector en functie meeneemt in de berekening van de loonkloof, valt het percentage lager uit dan de gemiddelde 16,1 procent. Zo was het zogenoemde gecorrigeerde beloningsverschil in het bedrijfsleven in 2014 zo'n 7 procent. Dat wordt ook wel het onverklaarde beloningsverschil genoemd.

Maatregelen

Volgens vicevoorzitter De Jong zijn er meerdere oplossingen te bedenken voor de loonkloof. "Zoals meer openheid over salarissen, langer vaderschapsverlof en goede kinderopvang."

Ze vindt dat Nederland een voorbeeld kan nemen aan IJsland. "Daar moeten bedrijven elke drie jaar aantonen dat ze vrouwen en mannen gelijk belonen en is er een wettelijk quotum voor vrouwen in de top van grote bedrijven."

STER Reclame