President Nkurunziza AFP

Burundi is nog altijd te onveilig om vluchtelingen te laten terugkeren. Burgers lopen het risico te worden gedood, verkracht of gemarteld, schrijft Amnesty International in een rapport.

Meer dan 240.000 Burundezen zijn het Oost-Afrikaanse land ontvlucht vanwege de burgeroorlog. De afgelopen maanden riep president Nkurunziza van Burundi de vluchtelingen meerdere keren op om terug te keren, omdat het weer veilig zou zijn. Buurlanden Uganda en Tanzania nemen sinds kort geen Burundese vluchtelingen meer op.

Jongerenmilitie

Volgens Amnesty is de situatie in Burundi juist onveiliger geworden en stijgt het aantal mensen dat het land ontvlucht. Er is toenemende onderdrukking door het leger, de veiligheidsdiensten en de Imbonerakure, de militante jeugdbeweging van de regerende partij CNDD-FDD.

De mensenrechtenorganisatie interviewde meer dan honderd vluchtelingen in Tanzania en Uganda. Die vertelden onder meer dat Burundezen die hun land ontvluchten worden gedood, verkracht, overvallen en afgeperst. "Deze jongerenmilitie straft alles af wat maar een beetje riekt naar oppositie", zegt correspondent Koert Lindijer. "Deze groep kan straffeloos optreden."

Mensonwaardige opvang

Amnesty roept de buurlanden op om weer vluchtelingen uit Burundi op te nemen. Ook zou de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR meer geld moeten krijgen voor de opvang. Volgens Lindijer leven de vluchtelingen nu in belabberde omstandigheden: "Er zijn in de wereld zo veel vluchtelingen dat de VN geen geld meer heeft voor een menswaardige opvang."

In Burundi brak in 2015 een burgeroorlog uit. Dat gebeurde nadat president Nkurunziza besloot om zich opnieuw kandidaat te stellen, hoewel dat volgens de grondwet niet mogelijk was. Pogingen van de oppositie om hem af te zetten, stortten het land in chaos en crisis.

STER reclame