NOS/Jeroen Wielaert

Zes spiernaakte vrouwen, van wie er drie boven op elkaar gestapeld liggen. De bovenste strekt haar benen boven in een elkaar gestrengeld tweetal voor haar. Links leunt een vrouw op de onderliggende vrouw. 

De voorstelling heet Theater der Freundschaft, in 1974 geschilderd door Johannes Grützke. Het is de grote, blote binnenkomer van de tentoonstelling Der Pinsel hat gesprochen die dit weekend opengaat in Museum More in Gorssel. Het is de eerste buitenlandse expositie van de bijna 80-jarige Berlijner die altijd zijn eigenwijze weg heeft gevolgd. Zijn opvatting: "Kunst ist nicht modern. Kunst ist immer."

Eigen werkelijkheid

Na de Tweede Wereldoorlog werd ook in Duitsland van progressieve kunstenaars verwacht dat ze stelling namen in hun werk. Johannes Grützke (1937) was niet behoudend van aard, maar voelde er niets voor om zich te voegen bij die avantgardistische mainstream. Als schilder en tekenaar was hij wars van abstracte of conceptuele kunst. Hij koos voor realisme met een heel eigen werkelijkheid. Dat is te zien op een wandeling langs de soms geestige, dan weer rauwe naakte waarheden van Grützke. 

In de puriteinse dagen van nu kunnen ze als choquerend worden ervaren, maar dit soort kunst is niet nieuw of baanbrekend. Grützke wilde laten zien dat hij geen grenzen kent. Hij is hoe dan ook minder braaf dan Carel Willink en Pyke Koch, de fantastische meesters uit de eigen collectie van Museum More. Het Berlijnse penseel spreekt zijn eigen taal. 

De Duitser associëren we doorgaans niet met gevoel voor humor.

Ype Koopmans, artistiek directeur van Museum More

Onconventioneel, excentriek, een zonderling. Met die kwalificaties werd Grützke internationaal nooit zo populair als zijn Duitse tijdgenoten Joseph Beuys, Anselm Kiefer en Gerhard Richter. Rijke verzamelaars hadden meer oog voor zijn werk dan museumdirecteuren die wilden meedoen met de abstracte mode. Toch is Grützke niet helemaal een grote onbekende. "In Duitsland is dat niet zo. Momenteel wordt hij vergeleken met Lucian Freud", zegt Ype Koopmans, artistiek directeur van Museum More.

Koopmans heeft Grützke opgezocht in Berlijn. Hij raakte onder de indruk van zijn unieke persoonlijkheid. "Het is een zeer erudiete en zeer veelzijdige man. Een redenaar, schrijver, beeldhouwer, tekenaar met veel gevoel voor humor. Dat is wel bijzonder, want daar associëren we de Duitser normaliter niet mee."

Het bekijken van Grützkes werk stemt vrolijk, maar ook ongemakkelijk. Het is geestig, maar gaandeweg wordt het grimmiger. Zijn mensbeeld is niet meedogenloos, maar ook niet soft. Hij plaatst mannen en vrouwen in onvoorstelbare houdingen en bizarre situaties om ze te laten zien met hun neuroses, hun dwaasheden, hun tekorten. Vrouwen zijn opmerkelijk dominant. Mannen worden in de inleidende tekst van Koopmans verbeeld als onwetende, eenzame wezens, met geamuseerde deernis in hun glorieuze gekte. Zo gaat het voort, tot in hun verval, bij het gedrochtelijke af. Mismaakt is het woord niet, uniek meesterschap wel. 

"Zeker in het begin is er iets heel hoopvols in zijn werk", legt Koopmans uit. "Een soort naoorlogs optimisme. Ook iets van de generatie van ’68. Dat zit er bij hem heel sterk in. Daar was hij ook heel erg bij betrokken met allerlei manifestaties. Hij was dwars. Als links voor hem was, werd hij rechts. Het is iemand die ongrijpbaar is, een contradictie."

Grützke speelt met invloeden zoals Gustaf Klimt en Egon Schiele. Er zijn ook duidelijke verwijzingen naar mythologische en religieuze voorbeelden. Verder is het naar eigen zeggen ook wat het penseel hem ingaf. Het is leuk om de expositie onbevangen in te gaan en het verhaal van elk doek onder het kijken zelf in te vullen, of het op je in te laten werken. 

Anticonceptiepil

Zo is het met Darstellung der Freiheit (1972): een naakte vrouw, op de rug gezien, bestijgt een houten bank, omringd door twee mannen in bruine pantalons en lichte overhemden. Ze houden elkaars hand vast vlak onder haar blozende achterwerk. Ze kijkt met een glimlach naar hen om. Haar tasje in haar linkerhand is open. Er valt een kam en een stift lipstick uit, maar er zit ook nog het een en ander in. "Een pillenstrip met de anticonceptiepil die toen nog niet zo heel erg lang ingeburgerd was en die ervoor zorgt dat die vrouw de vrijheid krijgt", zegt Koopmans. "Het is een schilderij dat refereert aan het beroemde schilderij van Eugene Delacroix: De vrijheid leidt het volk uit 1830. Een soortgelijke compositie, met een vrouw op een barricade. Dit is een twintigste-eeuwse versie ervan."

Het is een tamelijk braaf, opgewekt beeld. Het doek fungeert als blikvanger voor de expositie. Facebook heeft er ​aanstoot aan genomen toen het door Museum More als advertentie werd aangeboden. Het eigen oordeel is aan minder benauwde bezoekers aan de expositie. 

Grützke is al geruime tijd ernstig ziek. Hij komt vandaag met de trein uit Berlijn voor de opening in Gorssel. Net als Ype Koopmans zal hij blij zijn met eerste grote niet-Duitse overzicht van zijn schilderkunst. En zich wellicht verkneukelen over de merkwaardige aandacht van Facebook.

STER reclame