'Voetballen op rubbergranulaat is experimenteren met gezonde mensen'

Aangepast
ANP
Geschreven door
Rinke van den Brink
Redacteur gezondheidszorg
Ben Meindertsma
Redacteur

We moeten stoppen met voetballen op kunstgrasvelden met rubbergranulaatkorrels. Het is bewezen dat die kankerverwekkende stoffen bevatten en daar moet je mensen niet onnodig aan bloot stellen. Dat zegt professor Bob Löwenberg. Hij is hoogleraar hematologie in het Erasmus MC en hoofdredacteur van Blood, een internationaal toonaangevend tijdschrift voor hematologie.

Löwenberg vindt dat doorgaan met voetballen op de rubbergranulaatkorrels een experiment is op gezonde mensen. "Er is absoluut geen bewijs dat die kunstgrasvelden slecht zijn, maar het omgekeerde is ook het geval: we kunnen ook niet zeggen dat ze veilig zijn. Integendeel, ik denk dat er alle reden is om je ongerust te maken over die kunstgrasvelden. Benzeen veroorzaakt leukemie, lymfeklierkanker en dergelijke. En in de korrels die uitgestrooid worden op de kunstgrasvelden zitten benzeenachtige stoffen. Dus dat wekt verdenking. Dat maakt je onrustig."

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

'We moeten geen onnodige risico's nemen met kunstgras

Waarom is het zo moeilijk om aan te tonen dat het veilig of onveilig is?

"Goed onderzoek doen om tot harde conclusies te komen is echt een lastige zaak. Je moet lang wachten, want kanker ontstaat niet meteen als je bent blootgesteld aan een kankerverwekkende stof. Als je rookt, krijg je niet meteen kanker, daar gaat een hele tijd overheen. Dan zijn er ook nog verschillen: de een heeft kort gespeeld op kunstgras, de ander heeft lang gespeeld op kunstgras, de een heeft wondjes gekregen waardoor er wat van dat spul is binnengekomen, de ander niet. Je moeten voldoende gevallen hebben om een goede, gedegen analyse te kunnen doen. Voor je een helder antwoord hebt, ben je zo tien jaar verder."

"Voor je een helder antwoord hebt, ben je zo tien jaar verder.“

Bob Löwenberg, hoogleraar haematologie

Tien jaar is volgens Löwenberg te lang om te wachten. "De vraag is: willen we dat risico nemen? Willen we werkelijk die proef doen op mensen, op kinderen en er later achter komen dat dit verkeerd was? Kunnen we niet beter op dit moment ons zelf de vraag stellen: willen we dit wel?"

Wat is uw advies?

"Ik zou zeggen: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Laten we stoppen en proberen in een goed gefaseerd plan die velden op te ruimen, zodat we niet over een paar jaar tot de ontdekking hoeven te komen dat dit foute boel was. Laten we dat experiment maar gewoon niet doen. Laten we dit stoppen. Dat doen we vaker met troep die slecht is voor de gezondheid."

Minister Schippers zegt dat barbecueën gevaarlijker is.

"Nou ja, dit zijn bewezen kankerverwekkende stoffen, die strooien we uit over de velden. Als je wondjes krijgt, komt dat binnen in je bloed. En als je daar genoeg van binnenkrijgt dan zou je daar theoretisch kanker van kunnen krijgen. Dat is moeilijk te bewijzen. En de vraag is nu: hoe gaan we daarmee om? Willen we dat bewijs zoeken en hiermee doorgaan en dan, net als bij arsenicum en net als bij roken, over zoveel jaar tot de conclusie komen 'dit was verkeerd' of zetten we nu een punt en gaan we de velden afbouwen, we gaan dat risico niet nemen. Dat is de beste keus."

Vindt u ook dat we zouden moeten stoppen met barbecueën?

"Ik vergelijk dit niet met andere blootstellingen. Ik vergelijk dit niet met roken. Ik beoordeel dit op zijn eigen merites. Dit is een luxeprobleem. Dit hoeft helemaal niet, hier kunnen we omheen. Neem een besluit. Ga geleidelijk aan – dat kan niet in één, misschien ook niet in twee jaar - die velden uitfaseren. Maak een plan: we gaan dit probleem dat zich potentieel zou kunnen voordoen, elimineren."

Wat zegt u tegen ouders van wie het kind vijf, zes dagen per week op kunstgras staat?

"Nou ja, ik denk dat als je op kunstgras staat, dat je niet veel binnenkrijgt van dat spul. Ik denk dat dat nog wel meevalt, maar de risico’s kun je niet helemaal inschatten. Belangrijker vind ik het om te zeggen: laten we met elkaar een plan maken om dit probleem uit de wereld te helpen."

STER Reclame