Een konvooi van Nederlandse VN-militairen wacht voor de Kroatische grens na de val van Srebrenica AFP

Twaalf veteranen van Dutchbat stellen de Staat aansprakelijk voor de "onmogelijke" opdracht die ze in 1995 kregen om de bevolking van de Bosnische enclave Srebrenica te beschermen. Dat hebben de twee advocaten van de veteranen aan het ANP bekendgemaakt. 

De aanklacht luidt dat de overheid "ernstig nalatig en onzorgvuldig" heeft gehandeld. De Dutchbatters willen hiervoor gecompenseerd worden. 

Minister Hennis van Defensie gaf tijdens Veteranendag, afgelopen zaterdag, toe dat de Nederlandse militairen destijds met onvoldoende mensen en middelen naar de enclave werden gestuurd. Hun opdracht was "reeds op voorhand onuitvoerbaar", zei Hennis. 

Dit is wat Hennis zei over Dutchbat

Bosnisch-Servische eenheden onder leiding van generaal Mladic slaagden er op 11 juli 1995 in om de enclave in te nemen. De beloofde internationale luchtsteun voor Dutchbat bleef uit. Zeker 8000 moslimmannen en -jongens werden door Mladic' manschappen gedood. 

Volgens de raadslieden van de veteranen konden de Nederlandse militairen deze genocide niet voorkomen, omdat de regering voor en tijdens de missie inadequaat heeft gehandeld. 

Omdat de regering haar falen niet heeft erkend, worden de Dutchbatters nog steeds verantwoordelijk gehouden voor het bloedbad en daar hebben ze onherstelbare emotionele en economische schade door geleden, aldus de advocaten.  

Het ministerie van Defensie zegt de rechtszaak af te wachten. De woordvoerder wijst erop dat oud-minister Kamp al eerder heeft gezegd dat de opdracht voor de Dutchbatters "onuitvoerbaar" was en dat de blauwhelmen van regeringswege meerdere keren waardering en erkenning hebben gekregen. 

STER reclame