Corendon-directeur Steven van der Heijden wil meer eenduidigheid over veilige vliegroutes Michael de Smit / NOS

'Overheid moet duidelijk zijn over onveilige vliegroutes'

time icon
Geschreven door
Jikke Zijlstra
Redacteur
Michael de Smit
Verslaggever

"Het is lastig om een goede afweging te maken of je ergens wel of niet veilig kunt vliegen", zegt Steven van der Heijden, directeur van luchtvaartmaatschappij Corendon. Hij reageert op een plan om op Europees niveau maatschappijen te gaan waarschuwen voor onveilige vliegroutes. Een taak die de Europese luchtvaartinstantie EASA op zich wil nemen. 

De inschatting of een vliegroute naar een bepaalde bestemming veilig is, moet een luchtvaartmaatschappij zelf maken. Corendon doet dit door contact op te nemen met veiligheidsdiensten en andere luchtvaartmaatschappijen die een eigen veiligheidsafdeling hebben, zoals KLM. "Die hebben wij niet, want daar zijn we te klein voor."

Verwarrend

De Corendon-baas ziet het voorstel wel zitten, want het huidige systeem is volgens hem niet eenduidig genoeg. "Elke maatschappij neemt zijn eigen besluit." Dat leidt soms tot verwarrende situaties, zegt hij. Terwijl de ene touroperator of luchtvaartmaatschappij bijvoorbeeld wel op Egypte blijft vliegen, schrapt een ander alle vluchten op dat land. 

Dat ondervond Corendon vorig najaar nog, na de ramp met het Russische toestel dat was vertrokken uit het Egyptische Sharm-el-Sheikh. De badplaats kreeg een negatief reisadvies en op andere Egyptische luchthavens werden de veiligheidseisen aangescherpt, met name voor de ruimbagage. Mede daarom schrapte het bedrijf tijdelijk de vluchten naar Egypte.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Corendon

1,8 miljoen

Met achttien eigen vliegtuigen brengt Corendon jaarlijks zo’n 1,8 miljoen vakantiegangers naar landen als Turkije, Griekenland en Spanje. Sinds afgelopen Kerstvakantie vliegt de maatschappij ook weer naar Egypte.

Verenigde Staten

"Dat er wat moet gebeuren aan dit systeem, lijkt me duidelijk", zegt Van der Heijden. Als voorbeeld noemt hij de Verenigde Staten. De Federale Luchtvaart Autoriteit FAA kan Amerikaanse maatschappijen verbieden ergens te vliegen als het daar onveilig is. "Zoiets zouden we in Europa ook moeten krijgen. Een organisatie die zegt waar we wel of niet mogen vliegen. Dan is het voor iedereen duidelijk, ook voor passagiers."

Of zo’n nieuw Europees waarschuwingssysteem ook daadwerkelijk van de grond komt, betwijfelt hij. "Alle Europese landen moeten hier unaniem mee instemmen. En er spelen helaas ook diplomatieke belangen mee."

Aanslagen

Als het op Europees niveau niet lukt, dan moeten overheden van landen duidelijke standpunten innemen, vindt Van der Heijden. Zoals Frankrijk en Engeland nu soms ook al doen. "Zij moeten aangeven welke route je wel of niet mag nemen. Dan is het voor alle luchtvaartmaatschappijen in zo’n land duidelijk en speelt concurrentie ook minder een rol."

Door de vele aanslagen wordt de noodzaak om dit binnen de luchtvaart goed te regelen, steeds groter, stelt Van der Heijden. "Vroeger was er nauwelijks een dreiging voor passagiersvliegtuigen. Nu wel. De overheid moet wat dat betreft meegaan met zijn tijd en meer verantwoordelijkheid nemen voor zijn onderdanen."

STER Reclame