Te weinig AI-studenten terwijl bedrijfsleven om hen zit te springen

  • Rolinde Hoorntje

    Redacteur NOS op 3

  • Rolinde Hoorntje

    Redacteur NOS op 3

Artificial Intelligence (AI) is net zo'n belangrijke uitvinding als elektriciteit of de stoommachine, maar Nederland toont te weinig visie en steekt er onvoldoende geld in. Dat zeggen zeven hoogleraren in reactie op het Strategisch Actieplan AI dat de overheid vorige maand presenteerde.

Daardoor worden we te afhankelijk van de belangen van andere landen en bedrijven. En dat kan leiden tot meer discriminatie en verdeeldheid, zeggen ze.

Hoe dat zit, zie je in deze video:

Waarom Nederland gaat achterlopen op het gebied van AI

Uitgangspunten van het regeringsplan zijn onder meer een eerlijke toepassing van AI door overheden, samenwerking met het bedrijfsleven en inclusiviteit bij de toepassingen van AI. Bij de presentatie beloofde het kabinet 64 miljoen te investeren en sprak de ambitie uit dat dit bedrag kan oplopen tot een miljard.

Daarnaast beloofde het kabinet vorige week nog een miljard te investeren in vijf belangrijke technologieën, waaronder AI. Dat klinkt als veel geld en ambitie. Maar daar denken deskundigen toch anders over. Zo is onduidelijk uit welke potjes - Europees of nationaal het geld moet komen en of het nou gaat om nieuw geld of lopende investeringen.

Inhaalslag

Neurowetenschapper Sennay Ghebreab van de Universiteit van Amsterdam (UvA) mist vooral een onderwijsvisie. "Sommige acties die in het plan staan, hadden ze jaren geleden al moeten uitvoeren. Een deel van de projecten loopt ook al. Dit zijn geen nieuwe dingen. De strategie is meer een inhaalslag, op zijn best. En niet een vooruitblikkende visie."

Of en hoeveel geld er de komende jaren gaat naar onderzoekers en docenten die de nieuwe generatie AI-kenners moeten opleiden, is onduidelijk. Nu studeren jaarlijks een paar honderd jongeren af in AI, terwijl het bedrijfsleven er duizenden nodig heeft.

Universiteiten houden het aantal beschikbare plekken noodgedwongen laag, omdat er te weinig onderzoekers en docenten zijn om ze op te leiden. Die vertrekken regelmatig naar het buitenland, waar de onderzoeksbudgetten hoger zijn, net als het salaris.

Universiteiten die de bachelor AI aanbieden houden het aantal opleidingsplekken noodgedwongen laag

"De overheid aarzelt, wacht af", zegt VU Amsterdam-collega Koen Hindriks. "Er zijn meer dan genoeg rapporten over geschreven. Nu is het tijd voor actie."

Als er niet meer wordt geïnvesteerd in de diversiteit van teams die de AI ontwikkelen, leidt dat tot economische ongelijkheid en verdeeldheid, zegt Ghebreab. De initiator van het Civic AI Lab noemt als voorbeeld de AI-technologieën die nu al worden gebruikt door recruiters om kandidaten te analyseren. Die systemen konden de gezichtsuitdrukking van donkere mensen en vrouwen minder goed lezen dan dat van witte mannen, wat leidt tot onjuiste conclusies over geschikte kandidaten.

Bedrijfsleven betaalt en bepaalt?

Andere landen om ons heen investeren al langer fors meer in AI. De Verenigde Staten investeren 19,2 euro per hoofd van de bevolking, in de rest van Europa is dat gemiddeld 3 euro. Duitsland betaalt salaris en onderzoeksbudget voor honderd nieuwe hoogleraren en docenten op het vlak van AI.

In Nederland doet het bedrijfsleven dat. ING, Philips, KLM, NS en Ahold Delhaize financieren de aanstelling van 25 hoogleraren en universitair (hoofd)docenten. Ook de tientallen AI-labs in Nederland worden deels gefinancierd door het bedrijfsleven.

Je zou kunnen zeggen: als de overheid achterblijft, laat het bedrijfsleven dan. TU Delft-hoogleraar Catholijn Jonker denkt niet dat dit de oplossing is. "Dan zien we bijvoorbeeld hoe Google de wereld domineert - dat willen we ook niet. We willen AI die voor iedereen toegankelijk is en waarvan we weten dat het zonder commerciële belangen in elkaar is gezet."

Deel artikel: